Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 32, 277 en 278 van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Feiten en context
De notulen worden tijdens de eerstvolgende vergadering ter goedkeuring voorgelegd.
BESLUIT: Goedkeuring notulen
eenparig aangenomen.
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de notulen van de vorige zitting zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit, goed.
Vaststelling aanvullende belasting op de personenbelasting Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Anke Dehuisser Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Gerda Lambrecht Diederik Vandendriessche Lenn De Cleene Sandra Maes Sofie Lemmens Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Anke Muylle Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Bart Van Couwenberghe Thierry Lens Tyson Kouraichi Kaat Van Hecke Michael Serrien Tamara Lecoutre Troucheau Marie Misselyn Jos Peeters Luc Vuylsteke de Laps aantal voorstanders: 17 , aantal onthouders: 2 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4 van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994
Artikelen 464 tot en met 470/2 van het Wetboek van inkomstenbelastingen 1992
Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot de goedkeuring van de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting 2020 - 2025;
Feiten en context
De aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Argumentatie
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van de inwoners van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
Debat
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): De beloofde belastingverlaging komt er niet. We blijven op 7,5. Ondanks het feit dat we nog op een pot geld zitten van de vorige legislatuur. We nemen daar akte van.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): We maken halverwege een evaluatie zodat we eventueel naar een belastingverlaging kunnen gaan.
Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove): Interessant over de periode. We stellen dat er staat tot 2031 - dat is niet halverwege evalueren.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Dat is vorige legislatuur ook gebeurd.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73010000
BESLUIT: Vaststelling aanvullende belasting op de personenbelasting
17 stemmen ja: Thierry Lens (Hove, natuurlijk!), Bart Van Couwenberghe (N-VA), Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!), Lenn De Cleene (N-VA), Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!), Gerda Lambrecht (N-VA), Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt), Veerle D'Haene (N-VA), Marie Misselyn (Hove Beweegt), Sandra Maes (N-VA), Tyson Kouraichi (Hove Beweegt), Kaat Van Hecke (Hove Beweegt), Anke Muylle (Hove Beweegt), Michael Serrien (Hove, natuurlijk!), Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!), Nitish Chatterjee (Hove, natuurlijk!) en Tamara Lecoutre Troucheau (Hove, natuurlijk!).
2 onthoudingen: Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove) en Jos Peeters (Fan van Hove).
Artikel 1. Belastbare grondslag en belastbare periode
Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 wordt een aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het aanslagjaar.
Art. 2. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De belasting wordt vastgesteld op 7,5 % van de overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.
Art. 3. Wijze van inning
De vestiging en de inning van de gemeentelijke belasting gebeuren door het bestuur der directe belastingen, zoals bepaald in artikel 469 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.
Vaststelling gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Anke Dehuisser Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Marie Misselyn Michael Serrien Tamara Lecoutre Troucheau Katty Huybrechts Tyson Kouraichi Sandra Maes Lenn De Cleene Kaat Van Hecke Nitish Chatterjee Dave Van den Bergh Gerda Lambrecht Thierry Lens Sofie Lemmens Anke Muylle Diederik Vandendriessche Veerle D'Haene Bart Van Couwenberghe Luc Vuylsteke de Laps Jos Peeters aantal voorstanders: 17 , aantal onthouders: 2 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4 van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994
Artikel 464/1, 1° van het Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992
Artikel 2.1.4.0.2 en artikel 3.1.0.0.4 van het decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit
Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017
Het gemeenteraadsbesluit van 20 december 2022 tot de goedkeuring van de opcentiemen op onroerende voorheffing 2023-2025;
Feiten en context
De gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing vervallen op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Argumentatie
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van de belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73000000
BESLUIT: Vaststelling gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing
17 stemmen ja: Thierry Lens (Hove, natuurlijk!), Bart Van Couwenberghe (N-VA), Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!), Lenn De Cleene (N-VA), Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!), Gerda Lambrecht (N-VA), Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt), Veerle D'Haene (N-VA), Marie Misselyn (Hove Beweegt), Sandra Maes (N-VA), Tyson Kouraichi (Hove Beweegt), Kaat Van Hecke (Hove Beweegt), Anke Muylle (Hove Beweegt), Michael Serrien (Hove, natuurlijk!), Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!), Nitish Chatterjee (Hove, natuurlijk!) en Tamara Lecoutre Troucheau (Hove, natuurlijk!).
2 onthoudingen: Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove) en Jos Peeters (Fan van Hove).
Artikel 1. Belastbare grondslag en belastbare periode
Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 worden 861 gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing geheven.
Art. 2. Wijze van inning
De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door de Vlaamse Belastingdienst.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen
Het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (Materialendecreet)
Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA)
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van de belasting op de verspreiding van niet-geadresseerde reclamedrukwerken en daarmee gelijkgestelde producten 2020-2025
Feiten en context
De belasting op de verspreiding van niet-geadresseerde reclamedrukwerken en daarmee gelijkgestelde producten 2020-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Argumentatie
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
De belasting op de verspreiding van ongeadresseerd drukwerk en gelijkgestelde producten heeft ook een ecologische component, met name het ontmoedigen van de veelverspreiding van reclame of publiciteit en het ontmoedigen van communicatiecampagnes op papier of wegwerpmateriaal. Deze hebben immers niet alleen een negatieve impact op het grondstoffenverbruik, maar ook op de inzameling en verwerking van afval door de gemeente.
Het tarief wordt forfaitair vastgesteld per bedeling van de drukwerken en gelijkgestelde producten aangezien het niet mogelijk is om controle uit te voeren op het aantal bedelingen. Deze berekeningswijze huldigt het principe ‘de vervuiler betaalt’.
Het drukwerk of het gelijkgesteld product voor de verkiezingen en in het kader van een volksraadpleging wordt vrijgesteld van de belasting om het democratisch discours maximale kansen te geven. Het drukwerk of het gelijkgesteld product wordt in deze context verdeeld in het kader van het algemeen belang. Het is informatief, het heeft geen winstgevend oogmerk en het wordt beperkt in de tijd tijdens de periode van de verkiezingen of de volksraadpleging verdeeld.
Het drukwerk of het gelijkgesteld product van door de gemeente erkende verenigingen bedoeld om de inwoners te informeren over hun socioculturele activiteiten, worden vrijgesteld van de belasting. Dat staat niet in de weg dat deze instellingen ook – in de eerste plaats – meer milieuvriendelijke manieren kunnen benutten om hun informatie te verspreiden.
Klein drukwerk is vrijgesteld van de belasting gezien de beperkte ecologische impact. Het gaat dan over publicaties kleiner of gelijk aan A4 met maximum van 4 pagina's (totaal van 2.494,80cm²).
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73424000
BESLUIT: Vaststelling belasting op de verspreiding van ongeadresseerd drukwerk
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een belasting op de verspreiding van ongeadresseerd drukwerk en gelijkgestelde producten in brievenbussen en op de openbare weg.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement wordt verstaan onder:
● verspreiding: bedeling in brievenbussen en op de openbare weg door persoonlijke afgifte of via een display. De verspreiding van hetzelfde drukwerk of gelijkgesteld product over een zeker tijdsverloop, wordt als één verspreiding aangezien;
● drukwerk: bedrukt papier of karton. Voorbeelden zijn flyers, folders, kranten, catalogi, brochures, kaarten, publiciteitsbladen. Deze opsomming is niet limitatief.
● gelijkgestelde producten: alle stalen en andere promo-artikelen die meegenomen kunnen worden en die aanzetten om diensten, producten of transacties te doen gebruiken, verbruiken of aankopen. Voorbeelden zijn samples en bedrukte gadgets. Deze opsomming is niet limitatief;
● ongeadresseerd: het ontbreken van individuele adressering. Ook collectieve adresaanduiding of een gedeeltelijke adresvermelding wordt beschouwd als ongeadresseerd.
Artikel 4. De belastingplichtige
Belastingplichtige is de natuurlijke of de rechtspersoon die de opdracht gaf om het drukwerk te drukken of om het gelijkgestelde product te produceren. De belastingplichtige doet aangifte van zijn belastingschuld overeenkomstig artikel 9.
Als de opdrachtgever geen aangifte gedaan heeft overeenkomstig artikel 9 en niet gekend is op basis van gegevens waarover de gemeente beschikt, bestaat er een weerlegbaar vermoeden dat de verantwoordelijke uitgever als opdrachtgever is opgetreden.
Artikel 5. Hoofdelijkheid
De verantwoordelijke uitgever, de drukker of producent van het gelijkgestelde product en de natuurlijke of de rechtspersoon onder wiens naam, handelsnaam, logo of embleem het drukwerk of product wordt verspreid, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Artikel 6. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De belasting is verschuldigd bij de beëindiging van de verspreiding van het ongeadresseerde drukwerk of het gelijkgestelde product.
De belasting bedraagt 200 euro per bedeling.
Artikel 7. Vrijstellingen en/of verminderingen
Vrijstelling van belasting wordt verleend als:
● de opdracht tot drukken of produceren uitgaat van een politieke partij die een lijst indiende voor de Europese, federale, gewestelijke, provinciale of gemeentelijke verkiezingen of van een kandidaat op die lijst, voor zover het drukwerk of de gelijkgestelde producten verspreid worden in de sperperiode voor het voeren van politieke propaganda;
● het drukwerk kadert in een gemeentelijke volksraadpleging, voor zover het verspreid wordt aan de gerechtigde deelnemers van de volksraadpleging overeenkomstig artikel 317 van het decreet over het lokaal bestuur tot uiterlijk de dag van de volksraadpleging;
● het drukwerk uitgaat van erkende gemeentelijke verenigingen.
● het klein drukwerk betreft, namelijk publicaties kleiner of gelijk aan A4 met maximum van 4 pagina's (totaal van 2.494,80cm²).
Artikel 8. Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd met een kohier.
Artikel 9. Aangifteplicht
§1. De belastingplichtige doet binnen de 15 kalenderdagen na elk verstreken kwartaal, uiterlijk op 15 april, 15 juli, 15 oktober van het aanslagjaar en 15 januari van het jaar dat volgt op het aanslagjaar, aangifte bij de gemeente van de verspreiding binnen het verstreken kwartaal. Het aangifteformulier is ter beschikking gesteld op de gemeentelijke website. Valt de uiterste indieningsdatum op een zaterdag, zondag of een feestdag, dan wordt de vervaldag naar de eerstvolgende werkdag verplaatst.
De aangifte wordt ingediend digitaal via aangifteformulier op de gemeentelijke website of via het mailadres financiën@hove.be
De aangifte dient over de volgende gegevens te beschikken:
● naam, adres en rijksregisternummer of ondernemings- of vestigingsnummer van de belastingplichtige;
● datum van de verspreiding
● benaming van het drukwerk of het gelijkgestelde product;
● (in voorkomend geval) plaats van de verspreiding via een display of ander verdeelsysteem.
Een belastingplichtige die met een zekere regelmaat drukwerk of gelijkgestelde producten verspreidt, kan in de maand januari een aangifte indienen voor het hele aanslagjaar. Deze aanslag kan geregulariseerd worden in de maand januari van het volgende aanslagjaar.
§2. De gemeente kan een exemplaar van het verspreide drukwerk of van het verspreide gelijkgesteld product opvragen.
Artikel 10. Ambtshalve vestiging en belastingverhoging
§1. Bij gebrek aan aangifte binnen de termijn als vermeld in artikel 9, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte, kan de belasting ambtshalve worden gevestigd.
§2. In het geval van de ambtshalve vestiging van de belasting wordt de belasting verhoogd met het bedrag gelijk aan het bedrag van de verschuldigde belasting.
Artikel 11. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen
De besluitwet van 14 november 1939, artikel 1§2 betreffende de beteugeling van de dronkenschap
De wet op het politieambt van 5 augustus 1992, artikel 31 betreffende de bestuurlijke aanhouding
Het gemeenteraadsbesluit van 24 november 2020 tot goedkeuring van de belasting op het vervoer van personen met een politievoertuig (combitaks) 2021-2025
Feiten en context
De belasting op het vervoer van personen met een politievoertuig (combitaks) 2021-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Op vraag van de politiezone HEKLA wordt op grondgebied van de politiezone een uniforme combitaks ingevoerd die opgelegd zal worden aan personen die sociale overlast veroorzaken en die met een politievoertuig worden vervoerd. Deze combitaks wordt ook voorgelegd aan de andere HEKLA-gemeentes.
Argumentatie
Administratief aangehouden, (vermoedelijk) dronken en gedrogeerde personen worden
regelmatig met een politievoertuig vervoerd, wat de werklast van het politiepersoneel
verzwaart. Hierdoor kunnen andere taken in het gedrang komen, zoals de aanwezigheid op
straat, terwijl die zichtbare aanwezigheid nochtans zeer belangrijk is om de veiligheid van
de burger te verhogen.
Deze belasting is niet verschuldigd bij het vervoer van gerechtelijk aangehouden personen
bedoeld in artikel 78,4e van het algemeen reglement op de gerechtskosten in strafzaken,
aangezien de kosten van overbrenging ten laste van de staat komen en dit zonder verhaal
op de veroordeelde partijen.
De belasting op het vervoer van personen met een politievoertuig neemt de financiële
toestand van de gemeente in overweging en heeft als doel om een deel van de gemaakte
kosten voor politie-interventies te vergoeden, vermits deze eerder het particuliere dan het
algemene belang dienen. Bijgevolg is het wenselijk om een belasting op het vervoer van
personen met een politievoertuig te heffen, zodat op die manier wordt bijgedragen in de
gemeentelijke uitgaven.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73120000
BESLUIT: Vaststelling belasting op vervoer van personen met politievoertuig
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een belasting op het vervoer van personen met een politievoertuig (combitaks) op grond van artikel 1 § 2 van de besluitwet van 14 november 1939 betreffende de beteugeling van de dronkenschap, of in het kader van een bestuurlijke aanhouding op grond van artikel 31 van de wet van 5 augustus 1992 op het Politieambt.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement wordt verstaan onder:
● rit: het traject dat wordt afgelegd vanaf het uitrukken van het politievoertuig tot op het ogenblik dat de betrokkene op zijn eindbestemming, door de politie bepaald, is gebracht (politiecommissariaat, thuis, …).
Artikel 4. De belastingplichtige
De belasting valt ten laste van de vervoerde persoon en is verschuldigd vanaf het ogenblik dat de vervoerde persoon zijn eindbestemming bereikt heeft.
Artikel 5. Hoofdelijkheid
De persoon die burgerlijk verantwoordelijk is voor de vervoerde persoon is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Artikel 6. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De belasting wordt vastgesteld op een forfaitair bedrag van 160 euro per rit en per
vervoerd persoon.
De belasting wordt gevestigd door de gemeente op wiens grondgebied de vervoerde
persoon het politievoertuig voor het eerst betreedt
Artikel 7. Vrijstellingen en/of verminderingen
Vrijgesteld van deze belasting is het vervoer van personen met een politievoertuig in het kader van een gerechtelijke aanhouding in de zin van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis.
Artikel 8. Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd met een kohier.
Artikel 9. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994;
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
De wet van 10 november 2006 betreffende de openingsuren in handel, ambacht en dienstverlening.
Besluit van 27 april 2021 van de gemeenteraad tot vaststelling van een belasting op
nachtwinkels en private bureaus voor telecommunicatie voor de aanslagjaren 2021 tot en met 2025.
Feiten en context
Het belastingreglement op nachtwinkels vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen
om voor de aanslagjaren 2021 tot en met 2031 een nieuw reglement vast te stellen.
Nachtwinkels en private bureaus voor telecommunicatie zijn door de aard en hun tijdstip van
activiteiten, meer dan andere types handelszaken, een extra belasting voor veiligheids- en
andere gemeentelijke openbare diensten op het vlak van handhaving van openbare orde,
veiligheid en netheid. De extra hinder die deze winkels veroorzaken, ligt aan de basis van de
speciale vergunningen en vereisten die nachtwinkel of het privaat bureau voor telecommunicatie moeten kunnen voorleggen. Deze zaken hebben ook een invloed voor omwonenden.
Argumentatie
De belasting op nachtwinkels en private bureaus voor telecommunicatie heeft als doel een
bijdrage te leveren aan de extra kosten die worden gemaakt door veiligheids- en andere
gemeentelijke openbare diensten.
Daarnaast helpt deze belasting het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73408000.
BESLUIT: Vaststelling belasting op nachtwinkels
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een openingsbelasting en een jaarlijkse belasting op nachtwinkels en private bureaus voor telecommunicatie gelegen op het grondgebied van Hove.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement gelden de definities volgens de wet van 10 november 2006 betreffende de openingsuren in handel, ambacht en dienstverlening.
Artikel 4. De belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de exploitant van de nachtwinkel of het privaat bureau voor telecommunicatie.
Artikel 5. Hoofdelijkheid
De eigenaar van de nachtwinkel en de eigenaar van het pand waar het privaat bureau voor telecommunicatie gevestigd is, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Artikel 6. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De openingsbelasting is vastgesteld op 10.000 EUR en verschuldigd bij elke opening of wijziging van uitbating van een nachtwinkel of een privaat bureau voor telecommunicatie.
De aanslagvoet van de jaarlijkse belasting is vastgesteld op 2.000 EUR per nachtwinkel of privaat bureau voor telecommunicatie.
De openingsbelasting en de jaarlijkse belasting zijn ondeelbaar. Zij zijn verschuldigd voor het ganse jaar, welke ook de aanvangs- of stopzettingsdatum is van de economische activiteit of de wijziging van uitbating in het jaar.
De jaarlijkse belasting gaat in volgend op het jaar van inkohiering van de openingsbelasting, of bij gebreke hiervan vanaf de inwerkingtreding van huidig belastingreglement.
Er wordt geen korting of teruggave van de belasting gedaan om welke reden dan ook.
Artikel 7. Wijze van inning
De belasting ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 8. Aangifteplicht
De eigenaar van de handelszaak, de uitbater ervan alsmede de eigenaar van het pand zijn ertoe gehouden voorafgaandelijk aan elke economische activiteit aangifte hiervan te doen bij het gemeentebestuur.
Ze zijn verplicht alle nodige documenten en vergunningen voor te leggen op eerste verzoek van het gemeentebestuur.
Teneinde de belasting te heffen, stuurt het gemeentebestuur naar alle nachtwinkels en
private bureaus voor telecommunicatie in uitbating een aangifteformulier dat binnen de door het gemeentebestuur vastgestelde periode behoorlijk dient ingevuld, ondertekend en teruggestuurd te worden.
Indien, om welke reden ook, de belastingplichtigen geen aangifteformulier ontvangen hebben, zijn deze jaarlijks ertoe gehouden vóór 01 juni van het aanslagjaar op eigen initiatief het gemeentebestuur te informeren.
Bij gebreke van aangifte of bij onvolledigheid hiervan wordt een proces-verbaal van vaststelling van economische activiteit opgesteld. De vaststelling van economische activiteit zal geschieden door een beëdigd ambtenaar die daartoe een proces-verbaal opstelt. Dit proces-verbaal van vaststelling van economische activiteit wordt gelijkgesteld met vaststelling van opening van een nachtwinkel of een privaat bureau voor telecommunicatie of exploitatie ervan.
Ze worden eraan gehouden de eventuele controle van hun verklaring mogelijk te maken.
Elke wijziging of stopzetting van economische activiteit dient onder verantwoordelijkheid van de belastingplichtigen onmiddellijk en per aangetekend schrijven te worden meegedeeld aan het gemeentebestuur.
In geval van tijdelijke of definitieve administratieve sluiting van de zaak omwille van een sanctie opgelegd door daartoe bevoegde overheden, kunnen de belastingplichtigen op geen enkele schadeloosstelling aanspraak maken.
Artikel 9. Ambtshalve vestiging en belastingverhoging
§1 Bij gebreke van aangifte of bij onvolledigheid hiervan wordt van ambtswege een belasting geheven op basis van elementen waarover het gemeentebestuur beschikt.
§2 In het geval van de ambtshalve vestiging van de belasting wordt de belasting verhoogd met het bedrag gelijk aan het bedrag van de verschuldigde belasting. Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.
§3 De beëdigde aangestelde personeelsleden van het gemeentebestuur zijn gemachtigd alle inbreuken op deze verordening vast te stellen.
Artikel 10. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994;
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg, en latere wijzigingen (geldig voor de vergunningen uitgereikt tem. 31 december 2019);
Het besluit van de Vlaamse Regering van 18 juli 2003 betreffende de taxidiensten en diensten voor het verhuren van voertuigen met bestuurder (geldig voor de vergunningen uitgereikt tem. 31 december 2019);
Het decreet van 29 maart 2019 betreffende het individueel bezoldigd personenvervoer (geldig voor de vergunningen uitgereikt vanaf 1 januari 2020);
Het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2019 betreffende de exploitatievoorwaarden voor het individueel bezoldigd personenvervoer (geldig voor de vergunningen uitgereikt vanaf 1 januari 2020);
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van het belastingreglement op taxidiensten en diensten voor het verhuren van voertuigen met bestuurder 2020-2025.
Feiten en context
De gemeenten staan in voor het afleveren van de vergunningen voor de taxidiensten en de diensten voor het verhuren van voertuigen met bestuurder (VVB).
Het staat iedere gemeente vrij om het verlenen van taxivergunningen op haar grondgebied te belasten.
De uitgereikte VVB-vergunning wordt verplicht door de gemeente belast tegen een tarief dat opgelegd is door Vlaanderen. Hiermee wil de decreetgever 'belastingshoppen' tegengaan.
De belasting op taxidiensten en diensten voor het verhuren van voertuigen met bestuurder 2 2020-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Argumentatie
Deze belasting helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren.
Het is daarboven aangewezen om naast de decretaal verplichte belasting op VVB-vergunningen, ook een belasting te heffen op taxivergunningen.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73414000.
BESLUIT: Vaststelling belasting op taxidiensten
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een jaarlijkse directe belasting op de voertuigen waarvoor door het college van burgemeester en schepenen een exploitatievergunning of een vergunning voor voertuigenverhuur met bestuurder werd afgeleverd, alsmede een bijkomende belasting indien deze vergunde voertuigen met radiotelefonie uitgerust zijn.
De vermindering van het aantal voertuigen geeft geen aanleiding tot belastingteruggave, evenmin als de opschorting of intrekking van de vergunning of het buiten werking stellen van één of meer voertuigen voor welke reden dan ook.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. De belastingplichtige
Belastingplichtige is de vergunninghouder op 1 januari van het belastingjaar of op het moment van de afgifte van de vergunning.
De belasting is ondeelbaar verschuldigd voor het hele jaar, onafhankelijk van het moment waarop de vergunning werd afgegeven.
Artikel 4. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
§1. De tarieven bedragen per jaar voor:
Artikel 5. Wijze van inning
De belasting wordt contact betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs.
Bij gebrek aan betaling wordt de belasting ingekohierd en ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 6. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen
Het gemeenteraadsbesluit van 2 maart 2020 tot goedkeuring van de belasting op de inname van het openbaar domein 2020-2025
Feiten en context
De belasting op de inname van het openbaar domein 2020-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Het innemen van de openbare weg dient tot het minimum in de tijd beperkt te worden aangezien het zorgt voor een extra belasting voor de gemeentelijke openbare diensten met betrekking tot veiligheid, ordehandhaving en technische ondersteuning.
Bijkomend zal er een retributiereglement opgesteld worden voor de periode 2026-2031 met forfaitaire tarieven voor onderstaande prestaties van de gemeentediensten wanneer deze noodzakelijk geacht worden voor de inname van het openbaar domein:
● Plaatsen en wegnemen van borden voor parkeerverbod
● Wegnemen en terugplaatsen diamantkoppaal
● Wegnemen en terugplaatsen fietsenrek of - beugel
● Wegnemen en terugplaatsen vuilbak
● Wegnemen en terugplaatsen vlaggenmast
● Wegnemen en terugplaatsen bank
Argumentatie
Deze belasting helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren.
Daarbij is deze belasting billijk door de verkeershinder, verminderde verkeersveiligheid en dus bijkomende kosten voor de gemeente die de inname van het openbaar domein met zich mee brengt.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73610000.
BESLUIT: Vaststelling belasting op inname openbaar domein
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een belasting op de tijdelijke inname van het openbaar domein voor het plaatsen van materialen, stellingen, containers, verhuisliften, … (niet limitatieve opsomming) - en alle andere constructies voertuigen en machines.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement wordt verstaan onder:
○ openbaar domein: de openbare weg inclusief voet- en fietspaden en parkeerruimte (al dan niet afgebakend) en de groene ruimten, wandelplaatsen, parken, pleinen en alle stukken van de openbare ruimte buiten de openbare weg, die openstaan voor het verkeer van personen.
Artikel 4. De belastingplichtige
Belastingplichtige is de aanvrager van de inname van het openbaar domein via het digitaal platform op de website van de gemeente Hove.
De aanvraag gebeurt tijdig, namelijk binnen de behandeltermijnen zoals vermeld in het reglement op de inname van het openbaar domein en bevat de gevraagde informatie conform datzelfde reglement en het aanvraagformulier op het platform.
Wanneer een tijdelijke inname van het openbaar domein niet meer gewenst is kan een aanvraag tot inname worden geannuleerd. De annulering gebeurt tijdig, namelijk binnen de behandeltermijnen zoals vermeld in het reglement op de inname van het openbaar domein.
Artikel 5. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De belasting bedraagt:
○ voor het innemen van het openbaar domein en dit vanaf de tweede dag van inname tot zolang de toestand blijft bestaan: 0,50 euro per dag en per vierkante meter;
○ voor het afsluiten van een straat voor meer dan 2 uren: 75 euro per begonnen dag;
Artikel 6. Vrijstellingen en/of verminderingen
Vrijstelling van belasting wordt verleend voor de ingenomen oppervlakten in volgende gevallen:
○ bij het bouwen of bij werken door of voor rekening van de staat, gewest, provincie, gemeente, openbare instellingen en erkende instellingen van openbaar nut;
○ bij het bouwen van jeugd- en sportlokalen waarvoor een gemeentelijke toelage verleend wordt;
○ bij straat- en buurtfeesten waarvoor een gemeentelijke toelage verleend wordt.
Artikel 7. Wijze van inning
De betaling van de belasting gebeurt op elektronische wijze na goedkeuring van de aanvraag. Het openbaar domein kan pas worden ingenomen na de betaling van deze contantbelasting.
De contantbelasting wordt van rechtswege als kohierbelasting ingevorderd wanneer deze niet wordt betaald binnen de gestelde betalingstermijn.
Artikel 8. Ambtshalve vestiging en belastingverhoging
§1. Bij gebrek aan aanvraag binnen de termijn als vermeld in artikel 4 kan de belasting ambtshalve worden gevestigd op basis van de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt.
Wanneer een inname zonder geldige vergunning, een langere inname in de tijd of een grotere opname in oppervlakte dan toegestaan, wordt vastgesteld door een bevoegd personeelslid kan de belasting ambtshalve worden gevestigd op basis van de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting betekent het college van burgemeester en schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekende brief, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van die elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen. De belasting mag niet worden gevestigd voor die termijn.
§2. In het geval van de ambtshalve vestiging van de belasting wordt de belasting verhoogd met het bedrag gelijk aan het bedrag van de verschuldigde belasting. Het bedrag van deze verhoging wordt ook ingekohierd.
Artikel 9. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van de belasting op aanplakborden 2020-2025
Feiten en context
De belasting op aanplakborden 2020-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Argumentatie
Deze belasting helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren en dient ter ondersteuning van het ontradingsbeleid en als compensatie voor de visuele vervuiling en overlast.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73422000.
BESLUIT: Vaststelling belasting op aanplakborden
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een jaarlijkse belasting op de aanplakborden die zich bevinden op het grondgebied van de gemeente Hove.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement wordt verstaan onder:
● aanplakbord: elke constructie in onverschillig welk materiaal, geplaatst langs de openbare weg of op een plaats in open lucht, die zichtbaar is vanaf de openbare weg, waarop reclame wordt aangebracht door aanplakking, vasthechting, schildering of door elk ander middel, met inbegrip van muren of gedeeltes van muren en de omheiningen die gehuurd of gebruikt worden om er reclame op aan te brengen.
Artikel 4. De belastingplichtige
Belastingplichtige is de natuurlijke of de rechtspersoon die beschikt over het recht om gebruik te maken van een aanplakbord en in bijkomende orde, als de gebruiker niet gekend is, door de eigenaar van de grond, de muur of de omheining waarop het aanplakbord zich bevindt.
Artikel 5. Hoofdelijkheid
De eigenaar van de grond, de muur of de omheining waarop het aanplakbord zich bevindt, is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Artikel 6. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
§1. De belasting bedraagt 75 euro per vierkante meter van het aanplakbord. Elk deel van een vierkante meter wordt gezien als een volledige vierkante meter.
Voor de berekening van de belasting wordt de nuttige oppervlakte van het aanplakbord in aanmerking genomen, zijnde de oppervlakte die voor aanplakking kan worden gebruikt met uitzondering van de omlijsting.
Voor muren is alleen dat gedeelte van de muur belastbaar dat werkelijk voor reclame wordt gebruikt. Hierbij dient de bedekte totale oppervlakte beschouwd te worden als één aanplakbord, ook indien er verschillende reclames op voorkomen.
§2. De jaarlijkse belasting wordt gehalveerd voor de aanplakborden die voor 1 juli werden weggenomen of die niet voor 1 juli geplaatst werden.
Vergroting van borden in de loop van het jaar geeft aanleiding tot het vestigen van een belastingsupplement voor een heel of half jaar, naargelang de vergroting al dan niet voor 1 juli tot stand kwam.
Verkleining van borden in de loop van het belastingjaar geeft recht op een proportionele belastingvermindering voor een half jaar, indien de verkleiningswerken voor 1 juli werden uitgevoerd. Om aanspraak te kunnen maken op de belastingvermindering dient van het verwijderen of het verkleinen van bestaande borden, aangifte gedaan te worden bij het gemeentebestuur via het mailadres financiën@hove.be. De datum van ontvangst van dit bericht is de vertrekdatum voor de gebeurlijke ontheffingsperiode.
Artikel 7. Vrijstellingen en/of verminderingen
Vrijstelling van belasting wordt verleend voor:
○ de borden geplaatst door openbare besturen, openbare instellingen van openbaar nut, voor zover geen winstgevend doel wordt nagestreefd;
○ de borden geplaatst door politieke, culturele, sociale of godsdienstige organisaties, wanneer het gaat om aankondigingen van hun eigen activiteiten op politiek, cultureel, sociaal of godsdienstig vlak, op voorwaarde dat die aanplakborden niet langer dan één maand voor de aankondiging van hun activiteit aangewend worden;
○ de borden die alleen gebruikt worden voor notariële aankondigingen;
○ de borden die alleen gebruikt worden ter gelegenheid van wettelijke voorziene verkiezingen;
○ de borden geplaatst aan de gevel van een handelszaak en betrekking hebben op de handel in deze zaak gedreven.
Artikel 8. Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd met een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 9. Aangifteplicht
§1. De belastingplichtige doet aangifte van de belastbare elementen uiterlijk op 1 april van het aanslagjaar, volgens de toestand op 1 maart van het jaar.
De borden geplaatst in de loop van het jaar en niet begrepen in de aanvankelijke aangifte dienen aangegeven te worden binnen de veertien dagen na plaatsing.
De aangifte wordt ingediend digitaal via aangifteformulier op de gemeentelijke website of via het mailadres financiën@hove.be
De aangifte dient over de volgende gegevens te beschikken:
○ naam, adres en rijksregisternummer of ondernemings- of vestigingsnummer van de belastingplichtige;
○ Adres aanplakbord;
○ Nuttige oppervlakte aanplakbord
○ Desgevallend vermelding van welke borden voor 1 juli werden weggehaald of pas na 1 juli werden geplaatst
Artikel 10. Ambtshalve vestiging en belastingverhoging
§1. Bij gebrek aan aangifte binnen de termijn als vermeld in artikel 9, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte, kan de belasting ambtshalve worden gevestigd op basis van gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting betekent het college van burgemeester en schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekende brief, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van die elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen vanaf de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
De belasting mag niet worden gevestigd voor die termijn.
§2. In het geval van de ambtshalve vestiging van de belasting wordt de belasting verhoogd met het bedrag gelijk aan het bedrag van de verschuldigde belasting.
Artikel 11. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Vaststelling belasting op onbebouwde percelen Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Anke Dehuisser Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Tamara Lecoutre Troucheau Bart Van Couwenberghe Dave Van den Bergh Anke Muylle Sofie Lemmens Nitish Chatterjee Kaat Van Hecke Gerda Lambrecht Michael Serrien Katty Huybrechts Lenn De Cleene Sandra Maes Marie Misselyn Tyson Kouraichi Veerle D'Haene Thierry Lens Diederik Vandendriessche Luc Vuylsteke de Laps Jos Peeters aantal voorstanders: 17 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 2 Goedgekeurd
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994;
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid, hierna afgekort als DGPB;
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, hierna afgekort als VCRO;
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van de belasting op onbebouwde percelen (activeringsheffing) 2020-2025;
Feiten en context
De belasting op onbebouwde percelen (activeringsheffing) 2020-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Argumentatie
De gemeente acht het wenselijk om potentiële woonlocaties vrij te maken en om grondspeculatie tegen te gaan door realiseerbare onbebouwde gronden en onbebouwde kavels te activeren in de gemeente;
De invoering van een activeringsheffing laat de gemeente toe om de eigenaars van die gronden en kavels daartoe aan te sporen;
De financiële toestand van de gemeente vergt de invoering van rendabele belastingen.
Debat
Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove): Dat is om percelen te activeren. Voor een aantal percelen, waaronder ook percelen die in woongebied liggen die in principe bebouwbaar zijn, heeft het bestuur de bedoeling die bouwvrij te maken. Getuigt dit van behoorlijk bestuur om ze te blijven belasten tot ze misschien bouwvrij komen? Is dat een correcte houding van een bestuur?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Als het geen goed bestuur is, het is een verderzetting van de vorige belasting: van 0,6 euro / m² naar 0,7 euro / m² en van 250 naar 350 als minimale aanslag. Dus als u kritiek hebt op dat beleid, dan moet u de vraag stellen wat hebt u de vorige zes jaar gedaan.
Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove): U antwoordt niet op de zones die bouwvrij kunnen komen en in een ander belastingregime kunnen komen. Dat zegt niets over de voorbije 6 jaar, maar over de komende 4 jaar.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Interessante piste: we nemen dit mee.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Wij stemmen voor, maar wij zien wel de opening van raadslid Vuylsteke de Laps voor andere projecten die gevaarlijk kan zijn.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73710000
BESLUIT: Vaststelling belasting op onbebouwde percelen
17 stemmen ja: Thierry Lens (Hove, natuurlijk!), Bart Van Couwenberghe (N-VA), Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!), Lenn De Cleene (N-VA), Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!), Gerda Lambrecht (N-VA), Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt), Veerle D'Haene (N-VA), Marie Misselyn (Hove Beweegt), Sandra Maes (N-VA), Tyson Kouraichi (Hove Beweegt), Kaat Van Hecke (Hove Beweegt), Anke Muylle (Hove Beweegt), Michael Serrien (Hove, natuurlijk!), Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!), Nitish Chatterjee (Hove, natuurlijk!) en Tamara Lecoutre Troucheau (Hove, natuurlijk!).
2 stemmen neen: Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove) en Jos Peeters (Fan van Hove).
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een jaarlijkse belasting op de onbebouwde bouwgronden en kavels die voorkomen in het gemeentelijk register van onbebouwde percelen.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement wordt verstaan onder:
● bouwgronden: gronden, met uitsluiting van kavels, die palen aan een voldoende uitgeruste weg in de zin van artikel 4.3.5 VCRO en gelegen zijn in een woongebied of in een woonuitbreidingsgebied dat reeds voor bebouwing in aanmerking komt blijkens een principiële beslissing of op grond van artikel 5.6.6 VCRO;
● kavels: de in een verkavelingsvergunning van een niet vervallen verkaveling afgebakende percelen;
● onbebouwd: beantwoordend aan de criteria voor opname in het register van onbebouwde percelen, gesteld bij en krachtens artikel 5.6.1 VCRO.
Een kavel of bouwgrond wordt als bebouwd aanzien wanneer de oprichting van een woning erop is aangevat op 1 januari van het aanslagjaar, overeenkomstig een stedenbouwkundige vergunning.
Een kavel of bouwgrond waarop gebouwen staan die niet voor bewoning bestemd zijn (garages, tuinhuizen, magazijn, ...) blijven een onbebouwd perceel.
● register van onbebouwde percelen: het register, vermeld in artikel 5.6.1 VCRO;
Artikel 4. De belastingplichtige
Belastingplichtige is de natuurlijke of de rechtspersoon die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar is van de bouwgrond of de kavel. Indien er een recht van opstal of erfpacht bestaat, is de activeringsheffing verschuldigd door de erfpachter of de opstalhouder.
In geval van eigendomsoverdracht onder levenden is de nieuwe eigenaar de belasting verschuldigd met ingang van 1 januari volgend op de datum van de authentieke akte die hem het eigendom toekent. Er zal geen rekening gehouden worden met de tussen partijen gesloten overeenkomst.
Artikel 5. Hoofdelijkheid
Wanneer er meerdere belastingplichtigen zijn, zijn deze hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Artikel 6. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
§1. De belasting bedraagt 0,70 euro per vierkante meter.
§2. De minimale aanslag bedraagt 350 euro per kavel of bouwgrond.
§3. De belastbare grondslag wordt steeds in volle m² uitgedrukt. Elk gedeelte van een vierkante meter wordt als een volledige vierkante meter beschouwd.
Artikel 7. Vrijstellingen en/of verminderingen
§1. Enkel de vrijstellingen en ontheffing opgenomen in dit artikel zijn van toepassing in de gemeente.
§2. Van de activeringsheffing zijn vrijgesteld:
● de eigenaars van één enkel onbebouwde bouwgrond in een woongebied of onbebouwde kavel, bij uitsluiting van enig ander onroerend goed gelegen in België of het buitenland. Deze vrijstelling geldt alleen gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed;
● de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen erkende sociale huisvestingsmaatschappijen;
● de ouders met kinderen ten laste, beperkt tot één onbebouwde grond in een woongebied of onbebouwde kavel per kind ten laste. Deze vrijstelling geldt maar gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed;
§3. De activeringsheffing wordt niet geheven op bouwgronden en kavels die tijdens het aanslagjaar niet voor bebouwing kunnen worden bestemd:
● ingevolge hun inrichting als collectieve voorziening, met inbegrip van hun aanhorigheden;
● ingevolge de Pachtwet van 4 november 1969, waarbij het bewijs van de pacht door alle middelen rechtens mag worden geleverd;
● ingevolge hun werkelijke en volledige aanwending voor land- of tuinbouw, gedurende het hele jaar;
● ingevolge een bouwverbod of enige andere erfdienstbaarheid tot openbaar nut die woningbouw onmogelijk maakt
● ingevolge een vreemde oorzaak die de belastingplichtige niet kan worden toegerekend, zoals de beperkte omvang van de bouwgrond of kavel, of hun ligging, vorm of fysieke toestand;
§4. Een vrijstelling wordt verleend aan de houders van een in laatste administratieve aanleg verleende verkavelingsvergunning, en dit gedurende 5 jaren, te rekenen vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op de afgifte van de vergunning in laatste administratieve aanleg, respectievelijk, wanneer de verkaveling werken omvat, vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar van afgifte van het attest, vermeld in artikel 4.2.16, §2 VCRO, desgevallend voor die fase van de verkavelingsvergunning waarvoor het attest verleend wordt.
§5. Een belastingontheffing wordt verleend aan de belastingplichtige die, alhoewel op 1 januari van het aanslagjaar de bedoelde werken niet aangevat hebbende, het bewijs voorlegt dat hij in de loop van het aanslagjaar op het belaste perceel bouwwerken, bestemd voor bewoning, onder dak heeft aangebracht. Hij dient hiertoe een verzoekschrift aan het college van burgemeester en schepenen te zenden uiterlijk op 15 februari volgend op het verstrijken van het aanslagjaar.
Indien sommige mede-eigenaars, krachtens de bovenstaande bepalingen zijn vrijgesteld, wordt de belasting onder de overige mede-eigenaars, in verhouding tot hun deel in het perceel, verrekend.
Artikel 8. Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd met een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 9. Aangifteplicht
§1. De belastingplichtige ontvangt vanwege het gemeentebestuur een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, voor de erin vermelde vervaldatum moet worden teruggestuurd.
§2. De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen is gehouden uiterlijk op 30 juni van het aanslagjaar, aan het gemeentebestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen.
§3. In geval van eigendomsoverdracht onder levenden is de vorige eigenaar verplicht aangifte te doen van de eigendomsoverdracht via het door de gemeente toegestuurde aangifteformulier, en dit met opgave van de datum van de akte en de nauwkeurige aanduiding van de identiteit van de nieuwe eigenaar(s) van het betrokken perceel. De nieuwe eigenaar krijgt dan vervolgens van de gemeente een aangifteformulier om dit te bevestigen en eventuele vrijstellingen aan te vragen.
Artikel 10. Ambtshalve vestiging en belastingverhoging
§1. Bij gebrek aan aangifte binnen de termijn als vermeld in artikel 9, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte, kan de belasting ambtshalve worden gevestigd op basis van de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting betekent het college van burgemeester en schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekende brief, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van die elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen. De belasting mag niet worden gevestigd voor die termijn.
§2. In het geval van de ambtshalve vestiging van de belasting wordt de belasting verhoogd met het bedrag gelijk aan het bedrag van de verschuldigde belasting. Het bedrag van deze verhoging wordt ook ingekohierd.
Artikel 11. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994;
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur;
De Vlaamse hemelwaterverordening van 10 februari 2023;
Het besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale
bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM II), zoals gewijzigd;
Het besluit van de Vlaamse regering van 6 februari 1999 houdende vaststelling van het
Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning, zoals gewijzigd;
Het besluit van de Vlaamse regering van 23 maart 1999 tot wijziging van het besluit van de
Vlaamse regering van 30 maart 1996 houdende vaststelling van de voorwaarden waaronder,
alsook van de verhouding waarin, het Vlaamse gewest bijdraagt in de kosten verbonden aan
de aanleg en de verbetering door de gemeenten van openbare riolen, andere dan prioritaire
rioleringen, evenals houdende vaststelling van nadere regels met betrekking tot de procedure
tot vaststelling van de subsidiëringsprogramma's;
De Europese kaderrichtlijn Water 200/60/EG van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een
kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid;
De code van goede praktijk voor het ontwerp, de aanleg en het onderhoud van
rioleringssystemen (2012) goedgekeurd bij ministerieel besluit van 20 augustus 2021;
De wet betreffende de onbevaarbare waterlopen van 28 december 1967;
Besluit van de Vlaamse Regering van 7 mei 2021 tot uitvoering van de wet op de
onbevaarbare waterlopen;
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van de belasting op het niet-afkoppelen van afval- en regenwater 2020-2025
Feiten en context
De belasting op het niet optimaal afkoppelen van afval- en regenwater 2020-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Argumentatie
In het verleden werden riolen veelal aangelegd voor de gezamenlijke afvoer van afvalwater en hemelwater. Hemelwater in een gemengde riolering zorgt echter voor een minder efficiënte werking van de RWZI (rioolwaterzuiveringsinstallatie) door aanvoer van verdund afvalwater. Wanneer uiteindelijk de openbare riolering het aanvoerdebiet niet aankan, zal het verdunde afvalwater overstorten naar grachten en waterlopen, wat ecologisch niet wenselijk is.
Nu wordt bij aanleg van de riolering in de openbare weg het afvalwater en hemelwater maximaal gescheiden. Daar waar mogelijk, wordt het hemelwater afkomstig van de openbare weg gescheiden afgevoerd naar de oppervlaktewateren.
In het verleden werden ook bij de afvoeren van de meeste particuliere woningen het hemelwater en het afvalwater gemengd aangesloten op de riolering.
Voor de recente bouw- of verbouwingswerken wordt een gescheiden uitvoering van afvalwater en hemelwater, ook op particuliere eigendom, opgelegd door de Gewestelijke stedenbouwkundige bouwverordening, van kracht sinds 1/02/2005.
Deze belasting heeft tot doel de afkoppeling te realiseren en heeft daarom een stimulerend effect om de werken binnen de vooropgestelde termijn te laten uitvoeren. Aangezien de belasting een stimulerend effect moet veroorzaken, wordt deze voldoende hoog bepaald.
Deze belasting helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73304000.
BESLUIT: Vaststelling belasting op het niet-afkoppelen van afval- en hemelwater
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een jaarlijkse belasting op het niet optimaal afkoppelen van afval- en hemelwater bij bestaande woningen gelegen in de door de gemeente vastgelegde afkoppelingsprojecten.
Het niet optimaal afkoppelen geldt vanaf 3 maanden na de ondertekening van de voorlopige oplevering van het door de gemeente vastgelegde afkoppelingsproject en wordt vastgesteld door de afkoppelingsdeskundige.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement wordt verstaan onder:
● Afvalwater: het verontreinigde water waarvan men zich ontdoet, zich moet ontdoen of de intentie heeft zich van te ontdoen, met uitzondering van hemelwater dat niet in aanraking is geweest met verontreinigende stoffen;
● Hemelwater : verzamelnaam voor regen, sneeuw en hagel, met inbegrip van dooiwater. Met de benaming regenwater wordt eveneens hemelwater bedoeld en omgekeerd.
● Afkoppelingsdeskundige: wordt door de gemeente aangesteld. Informeert en adviseert de bewoners omtrent de verplichte optimale afkoppeling(swerken) en maakt voor de woning het afkoppelingsplan op, de kostenraming, volgt de uitvoering van de afkoppelingswerken op en controleert de facturen;
● Bestaande constructies: woning/gebouwen waarvoor een bouwvergunning werd afgeleverd voor 1 februari 2005 en waarvoor een stedenbouwkundige vergunning werd afgeleverd zonder de verplichting van het afvalwater en het hemelwater gescheiden af te voeren;
● Constructie: een gebouw, een bouwwerk, een vaste inrichting, een verharding, een
publiciteitsinrichting of uithangbord, al dan niet bestaande uit duurzame materialen, in de
grond ingebouwd, aan de grond bevestigd of op de grond steunend omwille van de stabiliteit en bestemd om ter plaatse te blijven staan of liggen, ook al kan het goed uit elkaar genomen worden, verplaatst worden, of is het goed volledig ondergronds;
● Gemengde riolering: er is riolering aanwezig in de openbare weg waarbij het afvalwater en hemelwater op dezelfde leiding worden aangesloten. Er is geen waterloop, gracht of afzonderlijke leiding bestemd voor afvoer van hemelwater beschikbaar;
● Gescheiden riolering: een dubbel stelsel van leidingen of openluchtgreppels waarvan het ene stelsel bestemd is voor het opvangen en transporteren van afvalwater en het andere stelsel bestemd is voor de afvoer van hemelwater;
● Optimale afkoppeling: Scheiding van hemelwater en afvalwater volgens Art. 6.2.2.1.2§3 volgens de VLAREM II. Bij open en halfopen bebouwing dient alle hemelwater gescheiden van het afvalwater afgevoerd te worden. Bij gesloten bebouwing dient het hemelwater gescheiden van het afvalwater afgevoerd te worden, behalve indien hiervoor leidingen door of onder de woning dienen aangelegd te worden;
● Rioolwaterzuiveringsinstallatie (grootschalig) of RWZI : is een rioolwaterzuiveringsinstallatie beheerd door Aquafin nv waarop de gemeenten hun openbare riolering en collectoren aangesloten hebben;
● Afkoppelingsprojecten: de aanleg van een optimaal gescheiden rioleringsstelsel in de openbare weg zoals door de gemeente, Waterlink of Aquafin vastgesteld.
Artikel 4. De belastingplichtige
§1. De belasting is verschuldigd door de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die eigenaar van de af te koppelen constructie is op het moment van vaststelling van de niet optimale private afkoppeling. Indien er erfpacht, opstalrecht of vruchtgebruik bestaat, is de belasting verschuldigd door de erfpachter, opstalhouder of vruchtgebruiker. Dit ontslaat evenwel de eigenaar niet van zijn hoofdelijke aansprakelijkheid ten aanzien van het bedrag van de verschuldigde belasting op het onroerend goed waarvan hij de eigenaar is en waarop de erfpacht, opstal of het vruchtgebruik rust.
§2. In geval van overdracht onder levenden, wordt de hoedanigheid van eigenaar beoordeeld op datum van de authentieke akte tot vaststelling van de overdracht.
§3. In geval van mede-eigendom, is iedere mede-eigenaar belasting schuldig voor zijn wettelijk deel. Dit ontslaat echter elke eigenaar afzonderlijk niet van zijn hoofdelijke aansprakelijkheid ten aanzien van het volledige bedrag van de verschuldigde belasting met betrekking tot de entiteit waarvan hij mede-eigenaar is.
Artikel 5. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De belasting wordt vastgesteld op een forfaitair bedrag van 1.500 euro per jaar en is voor het eerst verschuldigd op 1 januari van het aanslagjaar dat volgt op de datum van vaststelling van niet-optimale afkoppeling en daarna van jaar tot jaar.
De belasting is voor het laatst verschuldigd in het jaar waarin de niet optimale private afkoppeling van riolering eindigt. Het college van burgemeester en schepenen en de rioolbeheerder dienen schriftelijk op de hoogte gebracht te worden van de uitgevoerde afkoppelingswerken op privé-domein. De eigenaar dient een gunstig keuringsbewijs van optimale private afkoppeling voor te leggen opgemaakt door een erkend keurder. De kosten van deze keuring vallen ten laste van de eigenaar.
Artikel 6. Vrijstellingen en/of verminderingen
Eigenaars van constructies waarvoor de optimale private afkoppeling technisch-economisch niet haalbaar is, zijn vrijgesteld.
De haalbaarheid van de optimale private afkoppeling wordt bepaald door de afkoppelingsdeskundige.
In geval van onenigheid over deze beslissing zal het Buildwise, Lombardstraat 42, 1000 Brussel, als onafhankelijke deskundige aangesteld worden die de definitieve beslissing zal nemen. De kosten die door het Buildwise zullen aangerekend worden, worden door beide partijen gedragen: de helft zal door de gemeente betaald worden en de helft door de eigenaar van de constructie.
Artikel 7. Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd met een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 8. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994;
Artikel 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het decreet over het lokaal bestuur;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Feiten en context
De aanvraag van een omgevingsvergunning is verplicht voor het vellen van één of meerdere bomen. Specifiek voor de gemeente hove geldt de vergunningsplicht voor:
● het vellen van bomen vanaf een stamomtrek groter dan 0,5 meter (16 cm diameter), gemeten op 1 meter van de grond.
● het grondig snoeien van bomen. Grondig snoeien betekent elke snoeivorm die de vorm van de boom drastisch wijzigt zoals kandela(be)ren, toppen en het snoeien van meer dan 20% van de kruin.
Argumentatie
Hove is een groene gemeente en dat willen we graag zo houden en liefst nog versterken. Omdat een volwassen boom veel meer bijdraagt aan het behoud van biodiversiteit en een veel grotere ecologische waarde heeft dan een jonge boom, hanteren we in Hove het 2-voor-1-principe bij het rooien van bomen: voor elke vergunningsplichtige hoogstammige boom die je kapt, ongeacht de toestand van de te vellen boom, moet je twee nieuwe inheemse bomen aanplanten.
Als één of meerdere van deze nieuwe bomen niet op het privatief perceel kunnen worden geplant dan kan hiervoor een financiële compensatie worden geïnd door de gemeente. Deze financiële compensatie wordt gestort in een boomcompensatiefonds en moet het lokaal bestuur in staat stellen om de heraanplant, in het algemeen belang, op een andere locatie uit te voeren of de middelen aan te wenden voor de verzorging en het onderhoud van waardevolle bomen.
Daarnaast helpt deze belasting het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73890000.
BESLUIT: Vaststelling belasting op ontbrekende boomcompensatie
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een belasting op het ontbreken van een aanplanting van twee nieuwe inheemse bomen ter compensatie van het vellen of rooien van een hoogstammige boom waarvoor de verplichting geldt te beschikken over een omgevingsvergunning.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement gelden de definities zoals bepaald in de van kracht zijnde verordening op het vellen van bomen (kapreglement).
Artikel 4. De belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de houder of diens rechtverkrijgende van een omgevingsvergunning voor het vellen van bomen.
Artikel 5. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De belasting voor het niet aanplanten van de compensatie bedraagt 500 euro per ontbrekende boom.
De belasting is verschuldigd na het verkrijgen van de definitieve omgevingsvergunning waarin de velling van één of meerdere bomen en het ontbreken van de aanplanting van één of meerdere bomen ter compensatie hiervoor werd opgenomen.
Artikel 6. Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 7. Vrijstellingen
Er wordt volledige vrijstelling van belasting verleend aan:
● Gemeentelijke, provinciale en gewestelijke overheden en hun afdelingen, departementen of diensten die instaan voor groenbeheer in ruime zin.
● Terreinbeherende verenigingen met als doelstelling te werken aan landschap en natuur in ruime zin.
● Professionele telers van (fruit)bomen
Artikel 8. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 170, §4, eerste lid, van de Grondwet: Beslissingen tot het heffen van gemeentebelastingen behoren tot de uitsluitende bevoegdheid van de gemeenteraad;
Artikel 41, tweede lid, 2 Artikel 41, derde en vierde lid van het Decreet Lokaal Bestuur: de bevoegdheid tot het vaststellen van gemeentebelastingen en het vaststellen van de machtiging tot het heffen van retributies en de voorwaarden ervan, inclusief verminderingen en vrijstellingen, kan niet worden gedelegeerd aan het college van burgemeester en schepenen;
Bestuursdecreet van 7 december 2018;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen;
Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009;
Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014;
BVR van 16 juli 2010 betreffende de meldingsplichtige handelingen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening;
BVR van 16 juli 2010 tot bepaling van de handelingen waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning nodig is;
BVR van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning;
BVR van 10 februari 2017 tot wijziging van diverse besluiten naar aanleiding van de inwerkingtreding van de omgevingsvergunning;
De stedenbouwkundige verordening inzake het verplicht voorzien van parkeergelegenheid bij nieuwbouw, verbouwingen, functiewijzigingen of wijziging van het aantal functie-eenheden van 30 januari 2012;
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van de belasting op ontbrekende parkeerplaatsen 2020-2025;
Feiten en context
Het omgevingsvergunningsdecreet laat toe dat financiële lasten worden opgelegd aan de aanvragen van een omgevingsvergunning. Het aanleggen van parkeerplaatsen wordt vaak gekoppeld aan het verkrijgen van een omgevingsvergunning. Als de aanleg van parkeerplaatsen niet mogelijk is, kan een compenserende belasting geheven worden.
De belasting op ontbrekende parkeerplaatsen 2020-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Argumentatie
Deze belasting helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren en is billijk aangezien het aanleggen van parkeerplaatsen voor de gemeente aanzienlijke lasten met zich meebrengt.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73730000
BESLUIT: Vaststelling belasting op ontbrekende parkeerplaatsen
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij het optrekken van nieuwe gebouwen en/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen.
De belasting is van toepassing:
a) wanneer één of meer van de in de omgevingsvergunning vereiste parkeerplaatsen niet worden aangelegd of niet kunnen worden aangelegd en daarvoor compensatie toegestaan wordt;
b) wanneer de bestemming van bestaande parkeerplaats(en) zodanig gewijzigd wordt dat niet meer voldaan wordt aan de omgevingsvergunning.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement wordt verstaan onder:
○ parkeerplaats: een parkeerplaats zoals bepaald in artikel 2 van de stedenbouwkundige verordening inzake het verplicht voorzien van parkeergelegenheid bij nieuwbouw, verbouwingen, functiewijzigingen of wijziging van het aantal functie-eenheden van 30 januari 2012.
Artikel 4. De belastingplichtige
De belasting wordt gevestigd in hoofde van:
○ de houder van de omgevingsvergunning of zijn rechtverkrijgende;
○ de eigenaar van de parkeerplaatsen of zijn rechtverkrijgende
Artikel 5. Hoofdelijkheid
Wanneer er meerdere belastingplichtigen zijn, zijn deze hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
De belasting is bovendien verhaalbaar op de rechtsopvolgers ten algemene en ten bijzondere titel van de houder van een omgevingsvergunning.
Artikel 6. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De belasting bedraagt 3.750,00 euro per eerste ontbrekende, niet aangelegde of opgeheven parkeerplaats.
De belasting bedraagt 5.500,00 euro per tweede en volgende ontbrekende, niet aangelegde of opgeheven parkeerplaats.
De belasting is éénmalig.
Artikel 7. Wijze van inning
§1. De belasting is verschuldigd:
○ voor de gevallen zoals bepaald in artikel 1, a): één jaar nadat het hoofdgebouw onder dak staat, de ruwbouw van de verbouwingswerken beëindigd werd, of het gebouw eventueel gedeeltelijk wordt bewoond of gebruikt, of de bestemmingswijziging is doorgevoerd;
○ voor de gevallen zoals bepaald in artikel 1, b): onmiddellijk nadat de annulatie van de parkeerplaats(en) werd(en) vastgesteld.
§2. De belasting wordt ingevorderd met een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
§3. De belastingplichtige die de vereiste betalingen verricht heeft, heeft op geldige wijze voldaan aan de hem opgelegde verplichtingen inzake parkeernormen voor wat betreft het door de belasting compenseerbare aantal parkeerplaatsen zoals bepaald in de stedenbouwkundige vergunning.
Artikel 8. Wijze van vaststelling van het belastbaar feit
§1. De nodige vaststellingen gebeuren door processen -verbaal waarvan de betekeningsdatum aan de betrokkene geldt als start van de vermelde termijnen in artikel 7 §1. In het proces-verbaal wordt het aantal nog ontbrekende parkeerplaatsen, het aantal dat door deze belasting mag gecompenseerd worden, de voorlopige raming van de belasting en de voormelde termijn waarbinnen betrokkene eventueel nog kan voorzien in de ontbrekende parkeerplaatsen vermeld.
§2. Na verloop van de termijnen zoals vermeld in artikel 7 §1 worden opnieuw de nodige vaststellingen gedaan en worden de gegevens onherroepelijk ingekohierd. Bij voormelde vaststellingen wordt de belastingplichtige vooraf van het tijdstip ervan in kennis gesteld.
Artikel 9. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
De Grondwet, artikel 170 §4;
Het decreet van 16 januari 2004 betreffende de begraafplaatsen en lijkbezorging, hoofdstuk 2;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen;
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, artikel 40 §3 en 41, 14°;
De omzendbrief BB 2006/03 van 10 maart 2006 betreffende de toepassing van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en uitvoeringsbesluiten;
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot de goedkeuring van de belasting op de lijk- en asbezorging van personen vreemd aan de gemeente 2020-2025;
Feiten en context
De gemeentebelasting op lijk- en asbezorging van personen vreemd aan de gemeente en de belasting op het openen van grafkelders vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor het aanslagjaar 2020 tot 2025 een nieuwe gemeentebelasting vast te stellen. Deze zal enkel nog betrekking hebben op begravingen, asverstrooiingen, bijzettingen in het columbarium en begravingen van de as op het urnenveld op de begraafplaatsen van de gemeente van personen vreemd aan de gemeente. De belasting op het openen van grafkelders wordt niet hernomen voor de periode 2026-2031.
Argumentatie
Deze belasting helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren.
Deze belasting heeft tot doel:
● Kostendekkend te werken voor de extra lasten die voortvloeien uit lijkbezorging van niet-inwoners;
● De eigen inwoners te vrijwaren van het dragen van disproportionele financiële lasten voor dienstverlening aan personen buiten de gemeente;
● Een eerlijk en transparant tariefbeleid te voeren dat aansluit bij het principe dat wie gebruikmaakt van gemeentelijke voorzieningen, ook bijdraagt aan de kosten ervan;
● Een verantwoord beheer van de schaarse begraafplaatscapaciteit te ondersteunen.
De belasting vormt aldus een evenwichtige, proportionele en rechtvaardige maatregel die noodzakelijk is om de kwaliteit, duurzaamheid en betaalbaarheid van de gemeentelijke begraafplaatsen op lange termijn te verzekeren.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0020 / 73311000
BESLUIT: Vaststelling belasting op lijk- en asbezorging
eenparig aangenomen.
Artikel 1. De belastbare grondslag of het belastbaar feit
De gemeente heft een belasting op de begravingen, asverstrooiingen, bijzettingen in het columbarium en begravingen van de as op het urnenveld op de begraafplaatsen van de gemeente van personen vreemd aan de gemeente.
Artikel 2. De belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3. De belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de natuurlijke persoon of rechtspersoon die de prestaties aanvraagt.
Artikel 4. Berekeningsgrondslag en tarief of aanslagvoet
De tarieven bedragen:
○ 250 EUR per begraving, asverstrooiing of bijzetting in het columbarium voor personen vanaf 12 jaar oud;
○ 65 EUR per begraving, asverstrooiing of bijzetting in het columbarium voor personen beneden de 12 jaar oud.
Artikel 5. Vrijstellingen
Er is een vrijstelling van belasting:
○ voor oorlogsslachtoffers;
○ voor personen die gedurende minstens 5 jaar in de bevolkings- of vreemdelingenregisters van de gemeente ingeschreven geweest zijn, en die noodgedwongen afgeschreven zijn uit de gemeente wegens hun opname in een rusthuis buiten de gemeente;
○ bij herbegraving ten gevolge van een verandering van bestemming van de gemeentelijke begraafplaats;
○ bij herbegraving van militairen en burgers overleden in dienst van het vaderland.
Artikel 6. Wijze van inning
§1 De belasting wordt contant betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs.
§2 Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt de belasting ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 7. Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 170, §4, eerste lid, van de Grondwet: Beslissingen tot het heffen van gemeentebelastingen behoren tot de uitsluitende bevoegdheid van de gemeenteraad
Artikel 41, tweede lid, 2 Artikel 41, derde en vierde lid van het Decreet Lokaal Bestuur: de bevoegdheid tot het vaststellen van gemeentebelastingen en het vaststellen van de machtiging tot het heffen van retributies en de voorwaarden ervan, inclusief verminderingen en vrijstellingen, kan niet worden gedelegeerd aan het college van burgemeester en schepenen
Bestuursdecreet van 7 december 2018
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen
Titel IV, Hoofdstuk II Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009
Titel V Decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid
Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014
BVR van 16 juli 2010 betreffende de meldingsplichtige handelingen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
BVR van 16 juli 2010 tot bepaling van de handelingen waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning nodig is
BVR van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
BVR van 10 februari 2017 tot wijziging van diverse besluiten naar aanleiding van de inwerkingtreding van de omgevingsvergunning
Feiten en context
Het vaststellen van de machtiging tot heffen van retributies voor meldingen en aanvragen van omgevingsvergunningen, de voorwaarden, verminderingen en vrijstellingen, behoort tot de uitsluitende bevoegdheid van de gemeenteraad.
Argumentatie
De behandeling van omgevingsaanvragen brengt aanzienlijke kosten met zich mee (personeel, software, opvolging, juridische toetsing). Die kosten worden nu volledig door de algemene middelen gedragen en hebben dus een grote impact op de gemeentebegroting.
Belangrijke argumenten om deze retributies in te voeren:
● Retributies zorgen voor een rechtvaardige verdeling van de kosten waarbij de gebruiker betaalt voor wat hij aanvraagt.
● Het creëren van (financiële) ruimte voor andere prioriteiten binnen de dienst omgeving, of het gemeentebeleid in het algemeen.
● Met extra middelen via retributies kan de dienst omgeving investeren in betere dienstverlening.
● Signaalfunctie naar aanvragers. Een (bescheiden) retributie dwingt aanvragers om bewuster en correcter aanvragen in te dienen. We verwachten dus minder onvolledige of overbodige dossiers en bijgevolg minder verspilling van ambtelijke tijd.
● De meeste buurgemeenten rekenen al geruime tijd retributies aan voor omgevingsvergunningen. Door als enige gemeente géén retributies te heffen, ontstaat een ongelijke situatie binnen de regio.
Samengevat: door een billijke retributie in te voeren, brengen we onze gemeente in lijn met de regionale praktijk, zorgen we voor een eerlijke kostenverdeling en creëren we de nodige ruimte om onze omgevingsdienst duurzaam en kwaliteitsvol te organiseren.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000198 "De dienst omgeving zet in op ruimtelijke ordening.", budgetrekening 0600 / 70001000
BESLUIT: Vaststelling retributiereglement op omgevingsvergunningen
eenparig aangenomen.
Artikel 1: Basis retributie
Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie vastgesteld voor meldingen en aanvragen van omgevingsvergunningen.
Artikel 2: Definities
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
● Verkavelen: een grond vrijwillig verdelen in twee of meer kavels om ten minste één van deze kavels te verkopen of te verhuren voor méér dan negen jaar, om er een recht van erfpacht of opstal op te vestigen, of om één van deze overdrachtsvormen aan te bieden, zelfs onder opschortende voorwaarde, zulks met het oog op woningbouw of de oprichting van constructies;
● Wijzigingsverzoek: het wijzigen van een omgevingsvergunningsaanvraag op basis van het Decreet betreffende de omgevingsvergunning, artikel 30 voor wat betreft de gewone procedure of artikel 45 voor wat betreft de vereenvoudigde procedure. Conform het decreet is er sprake van een wijzigingsverzoek wanneer het verzoek wordt ingediend tijdens het onderzoek van het project en dus na het volledig en ontvankelijk verklaren van een omgevingsvergunningsaanvraag. Het verzoek gebeurt door de aanvrager door middel van het indienen van een aangepaste projectinhoudsversie (PIV).
Artikel 3: Toepassingsgebied
Deze retributie is verschuldigd op het moment van het afleveren van de beslissing of aktename in kader van meldingen en aanvragen betreffende de omgevingsvergunningen.
De berekening gebeurt voor de totaliteit van het projectgebied en kan niet opgedeeld worden door fasering van het project of deelprojecten van naast- en aanliggende percelen met gelijkwaardig stedenbouwkundig programma.
Artikel 4: Retributieplichtige
De retributie is verschuldigd door de natuurlijke persoon, de rechtspersoon, de exploitant van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten of de bouwheer die gehouden is tot het indienen van een omgevingsvergunningsaanvraag of een omgevingsmelding dewelke uitwerking hebben op het grondgebied van de gemeente Hove.
Het verschuldigd zijn van deze retributie sluit niet uit dat de gemeente bij de vergunning een stedenbouwkundige last oplegt teneinde werken te financieren of werken te laten uitvoeren die in een directe relatie staan tot het vergunde project.
Artikel 5: Tarieven
De tarieven voor de dienstverlening m.b.t. omgevingsvergunningen die binnen het toepassingsgebied van artikel 3 vallen, worden als volgt vastgesteld:
Omschrijving | Tarief |
Aanvraag omgevingsvergunning (stedenbouwkundige handelingen, IIOA, kleinhandelsactiviteiten) - vereenvoudigde procedure | 75 euro |
Aanvraag omgevingsvergunning (stedenbouwkundige handelingen, IIOA, kleinhandelsactiviteiten) - gewone procedure | 150 euro |
Melding (stedenbouwkundige handelingen, IIOA) | 50 euro |
Verkavelen van gronden zonder wegenis | 500 euro + 150 euro/lot |
Verkavelen van gronden met wegenis | 2000 euro + 150 euro/lot |
Bijstellen verkavelingsvergunning | 300 euro + 150 euro/lot |
Bijstellen milieuvoorwaarden | 150 euro |
Overdracht, stopzetten of bijstellen meldingsakte IIOA | 25 euro |
Omzetten milieuvergunning naar omgevingsvergunning onbepaalde duur | 150 euro |
Aanvraag stedenbouwkundig attest | 50 euro |
Organisatie projectvergadering | 250 euro |
Digitaliseren analoog ingediend dossier | 25 euro |
Opname in vergunningenregister als "vergund geacht" | 50 euro |
Wijzigingsverzoek | 75 euro |
Artikel 6: Tarieven - indexering
De tarieven bepaald onder artikel 5 kunnen jaarlijks op 1 januari aangepast worden op basis van de evolutie van de consumptieprijzenindex (hieronder afgekort als CPI) en wel als volgt:
CPI november van het vorige jaar x basistarief 2026
CPI november 2025
Er kan voor het eerst geïndexeerd worden op 1 januari 2027. Het indexeren kan nooit tot gevolg hebben dat de tarieven naar beneden worden bijgesteld.
De berekening van het geïndexeerde bedrag wordt wiskundig afgerond tot op een halve euro of een hele euro, waardoor de prijsstijging steeds in schijven van halve euro's gebeurt.
Artikel 7: Vrijstellingen en verminderingen
1§ De retributie wordt niet geëist voor:
● Een omgevingsvergunningsaanvraag waarvoor een stilzwijgende weigering ontvangen wordt
● Een omgevingsvergunningsaanvraag dewelke wordt ingetrokken en/of stopgezet vooraleer het dossier volledig en ontvankelijk verklaard wordt
● Gerechtelijke overheden
● Openbare besturen en de daarmee gelijkgestelde instellingen, evenals de instellingen van openbaar nut.
● Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen en de door de Vlaamse Huisvestigingsmaatschappij erkende sociale huisvestigingsmaatschappijen
● Aanvragen voor het uitvoeren van beheerswerken in het kader van beheersovereenkomsten Natuur en Erosie
● Dossiers die niet op vraag van de vergunninghouder werden opgestart wanneer het gaat over een exploitatie met uitzondering van de bekendmaking van het verstrijken van elke geldigheidsperiode van twintig jaar van een omgevingsvergunning van onbepaalde duur (artikel 83 S1, lid 3 omgevingsvergunningendecreet).
● Een wijzigingsverzoek (nieuwe projectinhoudsversie, kortweg PIV), ingediend na de volledigheids- en ontvankelijkheidsverklaring, op vraag van de dienst omgeving om beperkte (technische) rechtzettingen te doen.
2§ Wanneer een aanvraag tot bekomen van een omgevingsvergunning en/of melding ingediend wordt door meerdere aanvragers, waarbij een van deze aanvragers onder een categorie valt zoals opgesomd in artikel 7 1§, zijn enkel de niet vrijgestelde aanvragers hoofdelijk en ondeelbaar gehouden tot betaling van de retributie vermeldt in dit besluit.
Artikel 8: Invordering
De retributie is contant betaalbaar tegen afgifte van ontvangstbewijs of dient betaald te worden na ontvangst van de factuur voor de uiterste betaaldatum.
Bij niet-minnelijke regeling van de verschuldigde retributie zal de inning gebeuren met alle geëigende rechtsmiddelen.
Artikel 9: Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2026 en vervangt alle voorgaande besluiten.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 173 van de Grondwet;
Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Het gemeenteraadsbesluit van 2 maart 2020 tot goedkeuring van de belasting op de inname van het openbaar domein 2020-2025.
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2025 tot goedkeuring van de belasting op de inname van het openbaar domein 2020-2025.
Feiten en context
De belasting op de inname van het openbaar domein 2020-2025 vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw belastingreglement vast te stellen.
Het innemen van de openbare weg dient tot het minimum in de tijd beperkt te worden aangezien het zorgt voor een extra belasting voor de gemeentelijke openbare diensten met betrekking tot veiligheid, ordehandhaving en technische ondersteuning.
Bijkomend zal er een retributiereglement opgesteld worden voor de periode 2026-2031 met forfaitaire tarieven voor onderstaande prestaties van de gemeentediensten wanneer deze noodzakelijk geacht worden voor de inname van het openbaar domein:
● Plaatsen en wegnemen van borden voor parkeerverbod
● Wegnemen en terugplaatsen diamantkoppaal
● Wegnemen en terugplaatsen fietsenrek of - beugel
● Wegnemen en terugplaatsen vuilbak
● Wegnemen en terugplaatsen vlaggenmast
● Wegnemen en terugplaatsen bank
Argumentatie
Bij de inname van openbaar domein wordt in eerste instantie een belasting gevestigd met een tarief per m² per dag en dit vanaf de tweede dag van inname tot zolang de toestand blijft bestaan.Voor het afsluiten van een straat voor meer dan 2 uur geldt het belastingtarief per begonnen dag per straat.
Indien een burger of onderneming een inname openbaar domein aanvraagt voor een bepaalde gebeurtenis en/of werken is de plaatsing van borden voor parkeerverbod vaak noodzakelijk enerzijds om de plaats te reserveren en anderzijds om veiligheidsredenen. Dit wordt beoordeeld bij de goedkeuring van de vergunning. De gemeentediensten zorgen voor het plaatsen en wegnemen van deze borden voor parkeerverbod. Het is verantwoord om hiervoor een retributie aan te rekenen.
Mogelijks is het wegnemen en terugplaatsen van straatmeubilair en/of vlaggenmasten door de gemeentediensten noodzakelijk omwille van de aanvraag tot inname openbaar domein. Het is verantwoord om ook hiervoor een retributie aan te rekenen.
De ontvangst is nog niet voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, maar zal meegenomen worden in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan.
BESLUIT: Vaststelling retributie op inname openbaar domein
eenparig aangenomen.
Artikel 1. Basis retributie
Voor de jaren 2026 - 2031 wordt een retributie gevestigd op het plaatsen en wegnemen van borden voor parkeerverbod door de gemeentediensten bij tijdelijke inname van openbaar domein voor het plaatsen van materialen, stellingen, containers, verhuisliften, … (niet limitatieve opsomming) - en alle andere constructies voertuigen en machines.
Voor grote werken (aannemers wegenwerken, nutsleidingen, bouwwerken, …) wordt geen verkeerssignalisatie ter beschikking gesteld."
Ook voor het wegnemen en terugplaatsen van straatmeubilair en/of vlaggenmasten door de gemeentediensten in het kader van tijdelijke inname van openbaar domein, wordt een retributie gevestigd voor de jaren 2026-2031.
Artikel 2. Definities
Voor de toepassing van dit belastingreglement wordt verstaan onder:
○ openbaar domein: de openbare weg inclusief voet- en fietspaden en parkeerruimte (al dan niet afgebakend) en de groene ruimten, wandelplaatsen, parken, pleinen en alle stukken van de openbare ruimte buiten de openbare weg, die openstaan voor het verkeer van personen.
Artikel 3. Toepassingsgebied
De aanvraag tot tijdelijke inname van het openbaar domein moet online ingediend worden via het digitaal platform op de website van de gemeente Hove.
De aanvraag gebeurt tijdig en bevat de gevraagde informatie conform het reglement op de inname van het openbaar domein en het aanvraagformulier op het platform.
De noodzaak tot het plaatsen van borden voor parkeerverbod en/of het wegnemen van een straatmeubilair en/of vlaggenmasten wordt beoordeeld bij de goedkeuring van de vergunning voor inname van openbaar domein.
Wanneer een tijdelijke inname van het openbaar domein niet meer gewenst is kan een aanvraag tot inname worden geannuleerd. De annulering gebeurt tijdig, namelijk binnen de behandeltermijnen zoals vermeld in het reglement op de inname van het openbaar domein.
Bij schade, diefstal, verlies of vernietiging van borden voor parkeerverbod moet men volgende procedure naleven:
○ Bij diefstal wordt daarvan onmiddellijk aangifte gedaan bij de politie. Een dubbel van het proces-verbaal van deze aangifte wordt ten laatste op eerstvolgende werkdag aan de gemeente bezorgd.
○ Bij verlies, schade of laattijdig terugbrengen van de borden worden de kosten verhaald op de aanvrager.
Artikel 4. Retributieplichtige
De retributie is verschuldigd door de aanvrager van de inname van het openbaar domein via het digitaal platform op de website van de gemeente Hove.
Artikel 5. Tarieven
§1. Wanneer voor een inname het plaatsen van een parkeerverbod door gemeente Hove noodzakelijk wordt geacht, worden er borden geplaatst door de gemeentediensten en na de inname weer verwijderd.
Voor deze dienst is een retributie verschuldigd van 60,00 euro.
§2. Wanneer er straatmeubilair of vlaggenmasten verwijderd moeten worden door de gemeentediensten is hier een retributie voor verschuldigd volgens onderstaande lijst:
Omschrijving | Eenheid | Tarief in euro (inclusief BTW) |
Wegnemen en terugplaatsen diamantkoppaal | Forfait | 100,00 euro |
Wegnemen en terugplaatsen fietsenrek of - beugel | Forfait | 100,00 euro |
Wegnemen en terugplaatsen vuilbak | Forfait | 100,00 euro |
Wegnemen en terugplaatsen vlaggenmast | Forfait | 40,00 euro |
Wegnemen en terugplaatsen bank | Forfait | 100,00 euro |
Indien voor het wegnemen en terugplaatsen van straatmeubilair of vlaggenmasten de tussenkomst vereist is van een erkende, geregistreerde of gespecialiseerde onderneming, zal de aan de gemeente gefactureerde kostprijs doorgerekend worden, vermeerderd met 20,00 euro voor administratieve kosten.
§3. Bij bovengenoemde aangerekende bedragen wordt een vaste kost van 20,00 euro opgeteld voor de administratieve verwerking.
Artikel 6. Tarieven - indexering
De tarieven bepaald onder artikel 5 kunnen jaarlijks op 1 januari aangepast worden op basis van de evolutie van de consumptieprijzenindex (hieronder afgekort als CPI) en wel als volgt:
CPI november van het vorige jaar x basistarief 2026
CPI november 2025
Er kan voor het eerst geïndexeerd worden op 1 januari 2027. Het indexeren kan nooit tot gevolg hebben dat de tarieven naar beneden worden bijgesteld.
De berekening van het geïndexeerde bedrag wordt wiskundig afgerond tot op een halve euro of een hele euro, waardoor de prijsstijging steeds in schijven van halve euro's gebeurt.
Artikel 7. Vrijstellingen en/of verminderingen
De retributie is niet verschuldigd voor de ingenomen oppervlakten in volgende gevallen:
○ bij het bouwen of bij werken door of voor rekening van de staat, gewest, provincie, gemeente, openbare instellingen en erkende instellingen van openbaar nut;
○ bij het bouwen van jeugd- en sportlokalen waarvoor een gemeentelijke toelage verleend wordt;
○ bij straat- en buurtfeesten waarvoor een gemeentelijke toelage verleend wordt.
Artikel 8. Wijze van inning en eventuele terugbetaling
§1. Inning
Het openbaar domein kan pas ingenomen worden na betaling van de retributie.
De aanvrager betaalt de retributie elektronisch via een betaalverzoek. Het betaalverzoek wordt verstuurd door gemeente Hove na evaluatie van de aanvraag. Pas na betaling van de retributie is de toelating definitief en ontvangt de aanvrager een toelatingsdocument.
Om tijdige plaatsing van de parkeerverbodsborden niet in het gedrang te brengen, is het belangrijk om zo snel mogelijk in te gaan op het betaalverzoek.
Parkeerverbodsborden worden enkel geplaatst na betaling, wanneer de toelating definitief is.
§2. Terugbetaling bij annulering
Enkel wanneer de aanvrager een annulering van de tijdelijke inname van het openbaar domein aanvraagt binnen een termijn van 72uur voor de start van de inname, kan de retributie worden terug betaald.
Wanneer een inname vroeger eindigt dan vergund is, wordt de niet ingenomen periode niet terug betaald.
Voor de annulering van de inname wordt een annuleringskost aangerekend van 20,00 euro. Deze wordt afgehouden van het terug te betalen bedrag.
Indien het in verhouding staande terug te betalen bedrag minder bedraagt dan de annuleringskost, zal er geen bijkomende retributie opgelegd worden en kan er geen terugbetaling plaatsvinden.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Volgende bevoegdheidsgrond en regelgeving is van toepassing:
● De Grondwet, artikel 170 §4;
● Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, artikel 40 §3 en 41, 14°;
● De goedkeuring door de gemeente van de Code voor Infrastructuur- en Nutswerken langs gemeentewegen die tot doel heeft een snelle en vlotte uitvoering van de werken te bevorderen, teneinde de hinder en de duur van de werken tot een minimum te herleiden;
● Het gemeenteraadsbesluit van 20 december 2022 betreffende de retributie op werken aan nutsvoorzieningen op gemeentelijk openbaar domein 2023-2025
Feiten en context
De Code voor Infrastructuur- en Nutswerken langs gemeentewegen werd opgemaakt door een overlegplatform bestaande uit een delegatie van nutsbedrijven en een delegatie van de gemeenten;
Op het vlak van het onderhoud en de herstellingen moeten ook geregeld dringende werken worden uitgevoerd die verband houden met de continuïteit van de dienstverlening en dat er daarnaast een aantal werken zijn zoals aansluitingswerken, herstellingen en andere kleine onderhoudswerken die omzeggens constant een impact hebben op het openbaar domein;
Deze code werd ook geactualiseerd naar aanleiding van meer aandacht voor minder hinder, meer oog voor het totaal concept en het gebruik van nieuwe e-instrumenten GIPOD, KLIP...
Argumentatie
Deze retributie helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren en is billijk.
De gemeente en de burgers worden voortdurend geconfronteerd worden met de plaatsing van en/of onderhoud aan verschillende nutsvoorzieningen op gemeentelijk grondgebied;
Deze nutsvoorzieningen vergen werkzaamheden langs de gemeentelijke wegen en hebben dus een impact op het openbaar domein;
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000183 "We zorgen voor vlotte financiële transacties door onze financiële dienst", budgetrekening 0200 / 74500000
BESLUIT: Vaststelling retributie op werken aan nutsvoorzieningen
eenparig aangenomen.
Artikel 1 - Algemeen
Er wordt aan de eigenaar van elke nutsvoorziening een retributie aangerekend op de gemeentelijke dienstverlening en het gebruik van het gemeentelijk openbaar domein naar aanleiding van werken aan permanente nutsvoorzieningen op het gemeentelijk openbaar domein, in uitvoering en met toepassing van de Code voor Infrastructuur- en Nutswerken langs gemeentewegen.
Permanente nutsvoorzieningen omvatten:
● alle installaties (zoals kabels, leidingen, buizen, …), inclusief hun aanhorigheden (zoals kabel-, verdeel-, aansluit-, e.a. kasten, palen, masten, toezichts-, verbindings-, e.a. putten, …) dienstig voor het transport van elektriciteit, gas, gasachtige producten, stoom, drink-, hemel- en afvalwater, warm water, brandstof;
● alle trein- en tramsporen die zich bevinden op de openbare weg. Deze worden eveneens aanzien als nutsvoorzieningen.
De retributie is niet verschuldigd indien de werken worden uitgevoerd samen met of onmiddellijk voorafgaand aan wegen- of rioleringswerken uitgevoerd door de stad/gemeente of indien het werken zijn die uitgevoerd worden op verzoek van de stad/gemeente.
Deze retributie sluit elke andere heffing, semi-heffing, of waarborgstelling in het kader van werken aan permanente nutsvoorzieningen door de gemeente uit zowel in hoofde van de distributienetbeheerder als van haar werkmaatschappij en ongeacht of voorgenoemden deze werken uitvoeren in eigen naam, dan wel laten uitvoeren door derden in naam en voor rekening van de distributienetbeheerder of de werkmaatschappij.
Onderhavig retributiereglement gaat in vanaf 1 januari 2026 voor een termijn eindigend op 31 december 2028.
Artikel 2 - Retributie naar aanleiding van sleufwerken
De retributie naar aanleiding van sleufwerken is verschuldigd per dag en per meter openliggende sleuflengte voor alle sleufwerken. Zij bedraagt per meter sleuflengte voor werken in rijwegen 10,24 euro, voor werken in voetpaden 7,88 euro en voor werken in aardewegen 4,73 euro.
Op deze basisbedragen wordt een indexatie toegepast, naar analogie met de door de VNR goedgekeurde niet-periodieke tarieven, zoals jaarlijks gepubliceerd in augustus.
Indexatie gebeurt aan het begin van een nieuwe cyclus van 3 jaar.
Een begonnen dag geldt voor een volledige dag.
Artikel 3 - Retributie voor dringende werken, aansluitingswerken, herstellingen, kleine onderhoudswerken en ter compensatie van diverse heffingen en belastingen
Voor de hinder veroorzaakt door de dringende werken, aansluitingswerken, herstellingen en kleine onderhoudswerken met een sleufoppervlakte van maximum 3m², wordt per kalenderjaar een retributie geheven van 1,00 euro per op het grondgebied van de stad/gemeente aanwezig aansluitingspunt.
Ter compensatie van diverse heffingen en belastingen in hoofde van zowel de distributienetbeheerder als zijn werkmaatschappij wordt een retributie voorzien van 0,5 euro per aanwezig aansluitingspunt op het grondgebied van de stad/gemeente.
Op deze basisbedragen wordt een indexatie toegepast., naar analogie met de door de VNR goedgekeurde niet-periodieke tarieven, zoals jaarlijks gepubliceerd in augustus.
Deze retributies zijn verschuldigd vóór het einde van ieder jaar. In dit kader doet iedere nutsmaatschappij vóór 15 december van ieder jaar opgave van het aantal aansluitingspunten op het grondgebied van de stad/gemeente.
Artikel 4 – Inning
De retributie dient te worden betaald binnen de 30 kalenderdagen na toezending van de facturen.
Artikel 5 – Definitief karakter
Dit retributiereglement wordt toegezonden aan de toezichthoudende overheid.
Het retributiereglement wordt overeenkomstig artikel 286 van het Decreet Lokaal Bestuur afgekondigd en bekendgemaakt.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 40 § 3 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen waarin bepaald wordt dat de gemeenteraad de gemeentelijke reglementen vaststelt, waaronder de gemeentelijke belasting- en retributiereglementen;
Feiten en context
Het retributiereglement op het aansluiten van elektriciteitskasten vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een nieuw reglement vast te stellen.
De gemeente heeft, verspreid over haar grondgebied, een aantal elektriciteitskasten geplaatst en is bereid deze ter beschikking te stellen aan bepaalde gebruikers.
Argumentatie
De terbeschikkingstelling van elektriciteitskasten ten behoeve van derden brengt voor de gemeente extra kosten met zich mee. Met dit reglement beoogt de gemeente dan ook de doorrekening van deze kosten, alsook de kosten van het elektriciteitsverbruik, naar de effectieve gebruikers zonder daarbij een meerwaarde of winst te willen realiseren.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen
belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0200 /
74500000
BESLUIT: Vaststelling retributie op aansluiten elektriciteitskasten
eenparig aangenomen.
Artikel 1. Basis retributie
Voor de jaren 2026 - 2031 wordt een retributie gevestigd op het aansluiten van elektriciteitskasten.
De aansluiting op een elektriciteitskast dient aan het college van burgemeester en schepenen te worden aangevraagd.
Artikel 2. Retributieplichtige
De retributie worden gevorderd van de natuurlijk of rechtspersoon die gebruik maakt van de dienst.
Artikel 3. Tarieven
De retributie wordt vastgesteld als volgt
§1. 50 EUR éénmalige aansluitingskost voor de periode 2026-2031
§2. 10 EUR per dag en per aansluiting
§3. de kosten van het elektriciteitsverbruik zoals vastgesteld door de teller aanwezig op elke elektriciteitskast
Artikel 4. Tarieven - indexering
Het tarief bepaald onder artikel 3 §2. kan jaarlijks op 1 januari aangepast worden op basis van de evolutie van de consumptieprijzenindex (hieronder afgekort als CPI) en wel als volgt:
CPI november van het vorige jaar x basistarief 2026
CPI november 2025
Er kan voor het eerst geïndexeerd worden op 1 januari 2027. Het indexeren kan nooit tot gevolg hebben dat de tarieven naar beneden worden bijgesteld.
De berekening van het geïndexeerde bedrag wordt wiskundig afgerond tot op een halve euro of een hele euro, waardoor de prijsstijging steeds in schijven van halve euro's gebeurt.
Artikel 5. Wijze van inning
De retributie dient betaald te worden na ontvangst van de factuur, verstuurd door het gemeentebestuur, vóór de uiterste betaaldatum hierop vermeld.
Bij niet-minnelijke regeling van de verschuldigde retributie zal de inning gebeuren met alle geëigende rechtsmiddelen.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
De gecoördineerde grondwet van 17 februari 1994, artikel 173;
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikelen 41, 2de lid, 14°, over de bevoegdheden van de gemeenteraad;
Het bestuursdecreet van 7 december 2018;
De wet van 22 februari 1965 waarbij aan de gemeenten wordt toegestaan parkeergeld op motorvoertuigen in te voeren;
De wet van 22 december 2008 waarbij aan het enig artikel van de wet van 22 februari 1965 een artikel toegevoegd wordt met betrekking tot de tenlastelegging van de belasting of retributie aan de houder van de nummerplaat;
De wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968;
Het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg;
Het koninklijk besluit van 9 januari 2007 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg;
De Ministerieel Besluit van 7 mei 1999 betreffende de parkeerkaart voor personen met een handicap, gewijzigd bij ministerieel besluit van 3 maart 2003, 26 september 2005 en 24 augustus 2006;
Het Ministerieel Besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart;
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van de belasting op parkeren in de blauwe zone 2020-2025.
Feiten en context
De gemeentebelasting op parkeren in de blauwe zone vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw retributiereglement vast te stellen.
Argumentatie
Het gemeentebestuur streeft de volgende doelstellingen na door de invoering van een retributie op parkeren in de blauwe zone:
● het verhogen van de parkeerrotatie in de betrokken straten zodat de parkeerplaatsen beschikbaar blijven voor bewoners en bezoekers;
● het tegengaan van langdurig parkeren door niet-bewoners en pendelaars, zodat de parkeerdruk voor bewoners en handelsbezoekers vermindert;
● het bevorderen van verkeersveiligheid en leefbaarheid door het beperken van zoekverkeer en het organiseren van ordelijk parkeren;
● het financieren van de operationele kosten voor parkeercontrole, signalisatie en administratief beheer;
Debat
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): We zijn een aantal keren aangesproken op onze nieuwe GAS-ambtenaar die nogal intensief te werk gaat. De Baravan heeft ook een boete gehad. Ook bij borden voor straatvegen zijn er GAS-boetes gegeven voor aan de overkant in de verkeerde richting te staan.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Hij is nieuw, geef hem krediet.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Vandaar een beleefde oproep tot aansturen.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0200 / 70058000
BESLUIT: Vaststelling retributie op parkeren in de blauwe zone
eenparig aangenomen.
Artikel 1. Basis retributie
Voor de jaren 2026 - 2031 wordt een retributie gevestigd op het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of op de plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg, waar parkeren is toegestaan en waar een blauwe zonereglementering van toepassing is.
Artikel 2. Toepassingsgebied
Bij inname van een parkeerplaats waar het gebruik van de parkeerschijf verplicht is, dient de aankomsttijd verplicht aangeduid te worden door de pijl van de parkeerschijf te plaatsen op het streepje dat volgt op het tijdstip van aankomst op de parkeerschijf en dient deze zichtbaar en leesbaar aangebracht te worden achter de voorruit van het voertuig of als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig.
Het gebruik van automatische parkeerschijven is verboden.
Het plaatsen van meerdere parkeerschijven in het voertuig is verboden.
Als de parkeerschijf niet zichtbaar achter de voorruit van het voertuig is geplaatst of in geval de gebruiker de pijl niet op het streepje plaatst dat volgt op het tijdstip van aankomst of indien de gebruiker de aanduidingen wijzigt zonder dat het voertuig de parkeerplaats heeft verlaten, wordt de gebruiker steeds geacht te kiezen voor de betaling van het in artikel 4 bedoelde forfaitaire tarief.
Artikel 3. Retributieplichtige
De retributie is verschuldigd door de houder van de nummerplaat van het voertuig.
Artikel 4. Tarieven
De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door middel van de zoals in artikel 2 beschreven aangebrachte parkeerschijf.
De retributie wordt vastgesteld als volgt:
○ Gratis: voor de maximale duur die toegelaten is door de verkeersborden;
○ Forfaitair tarief van 30 EUR per dag: voor elke periode die langer is dan deze die gratis is.
Artikel 5. Vrijstellingen en/of verminderingen
De retributie is niet verschuldigd:
● voor het parkeren van voertuigen gebruikt door personen met een handicap waarbij op het ogenblik van het parkeren, de parkeerkaart voor mensen met een handicap, uitgereikt overeenkomstig het ministerieel besluit van 7 mei 1999 op een zichtbare plaats achter de voorruit van het voertuig werd aangebracht;
● op zondagen, wettelijke feestdagen en op 11 juli.
Artikel 6. Wijze van betaling
Bij toepassing van het hierboven vermelde forfait, brengt de aangestelde van de gemeente een retributiebon aan op de voorruit van het voertuig.
Bij niet-minnelijke regeling van de verschuldigde retributie zal de inning gebeuren met alle geëigende rechtsmiddelen.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 40 § 3 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen waarin bepaald wordt dat de gemeenteraad de gemeentelijke reglementen vaststelt, waaronder de gemeentelijke belasting- en retributiereglementen;
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van de retributie voor werken voor derden 2020-2025.
Feiten en context
De vorige vastlegging van de eenheidsprijzen van werken voor derden dateert van de gemeenteraad van 16 december 2019 en het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw retributiereglement vast te stellen.
Argumentatie
Het is wenselijk een retributie in te voeren voor de terugvordering van de kosten van geleverde prestaties door eigen gemeentediensten of de kosten van een door het gemeente aangestelde aannemer, voor rekening van derden (natuurlijke of rechtspersonen) :
● voor werken aangevraagd door derden (zonder verplichting van het gemeentebestuur de gevraagde werken uit te voeren);
● voor het herstellen van schade aangebracht door derden aan het gemeentelijk patrimonium (openbaar of privaat);
● werken welke ambtshalve worden uitgevoerd door het gemeentebestuur ingevolge nalatigheid of het in gebreke blijven van derden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000169 "We innen
belastingen en schrappen overbodige belastingen en retributies", budgetrekening 0200 /
74500000
BESLUIT: Vaststelling retributie het uitvoeren van werken voor derden
eenparig aangenomen.
Artikel 1. Basis retributie
Voor de jaren 2026 - 2031 wordt een retributie gevestigd op het uitvoeren van werken voor derden.
Indien voor de aangevraagde werken, een vergunning noodzakelijk is, zal worden overgegaan tot de uitvoering van de werken nadat de vergunning werd verkregen.
Artikel 2. Retributieplichtige
De retributie is verschuldigd door de persoon die de werken aanvraagt.
Ingeval de werken niet worden aangevraagd, is de retributie verschuldigd door de overtreder van wetten, decreten, verordeningen of gemeentelijke reglementen en die ingevolge deze overtreding aangemaand wordt werken uit te voeren en dit nalaat.
Artikel 3. Tarieven
De tarieven bedragen:
- leveren van betontegels........................................................................ € 2,00/stuk
- leveren en plaatsen van betontegels op zandbedding......................... € 48,00/m2
- uitbreken en herplaatsen van betontegels op zandbedding................. € 45,00 m2
- leveren van betonstraatstenen 220x107x100 grijs............................... € 1,20/stuk
- leveren van betonstraatstenen 220x220x80 grijs of rood....................... € 1,20/stuk
- leveren en plaatsen van betonstraatstenen op zandcement............. € 54,50/m2
- uitbreken en herplaatsen van betonstraatstenen op zandcement … € 48,50/m2
(grijs/rood)
- leveren van boordstenen – type IB of IC – recht……………………. € 13,00/lm
- leveren en plaatsen van boordstenen op mager beton…………… € 45,00/lm
- uitbreken en herplaatsen van boordstenen op mager beton……… € 36,50/lm
- leveren en plaatsen van gootstenen op mager beton of zandcement € 36,50/lm
- uitbreken en herplaatsen van gootstenen op mager beton…………. € 34,00/lm
- leveren van kantstenen 100x25x6…………………………………….. € 6,00/st
- leveren en plaatsen van kantstenen op zandcement……………….. € 26,00/lm
- uitbreken en herplaatsen van kantstenen op zandcement…………. € 24,00/lm
- leveren van kasseien…………………………………………………... € 38,00/m2
- uitbreken en herplaatsen van kasseien op zandbedding………… € 46,00/m2
- uitbreken en herplaatsen van kasseien op zandcement…………. € 60,00/m2
- herstellen van asfalt (onder- en bovenlaag)………………………. € 88,00/m2
- herstellen van mozaïek op fundering………………………………. € 52,00/m2
- herstellen van grint …………………………………………………… € 17,00/m2
- herstellen van betonbestrating ………………………………………. € 68,00/m2
- leveren en plaatsen van bitumineuze mengsels – type I ………… € 80,00/m2
- aanpassen en op hoogte brengen van deksels…………………… € 350,00/st
- vervoer met grote vrachtwagen……………………………………… € 80,00/u
- vervoer met kleine vrachtwagen……………………………………. € 70,00/u
- uurloon geschoolde werkman…………………………………………. € 100,00/u
- uurloon ongeschoolde werkman……………………………………… € 40,00/u
- de kostprijs van verbruikte materialen wordt doorgerekend en verhoogd met 15% voor administratieve verwerking;
- indien de interventie van een gespecialiseerde firma is vereist, zal de factuur worden doorgerekend verhoogd met 15% voor administratieve verwerking.
Artikel 4. Tarieven - indexering
De tarieven bepaald onder artikel 5 kunnen jaarlijks op 1 januari aangepast worden op basis van de evolutie van de consumptieprijzenindex (hieronder afgekort als CPI) en wel als volgt:
CPI november van het vorige jaar x basistarief 2026
CPI november 2025
Er kan voor het eerst geïndexeerd worden op 1 januari 2027. Het indexeren kan nooit tot gevolg hebben dat de tarieven naar beneden worden bijgesteld.
De berekening van het geïndexeerde bedrag wordt wiskundig afgerond tot op een halve euro of een hele euro, waardoor de prijsstijging steeds in schijven van halve euro's gebeurt.
Artikel 5. Wijze van betaling
De retributie dient betaald te worden na ontvangst van de factuur, verstuurd door het gemeentebestuur, vóór de uiterste betaaldatum hierop vermeld.
Bij niet-minnelijke regeling van de verschuldigde retributie zal de inning gebeuren met alle geëigende rechtsmiddelen.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, artikel 40 §3 en 41, 14° en artikel 177;
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 tot goedkeuring van de retributie op afgifte van administratieve stukken en het leveren van administratieve prestaties 2020-2025;
Feiten en context
Het retributiereglement op de afgifte van administratieve stukken en het leveren van administratieve prestaties vervalt op 31 december 2025 het is aangewezen om voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een nieuw reglement vast te stellen.
Voor de retributie op de afgifte van een conformiteitsattest werd een apart reglement opgesteld en goedgekeurd op de gemeenteraad van 18 november 2025.
Argumentatie
Deze retributie helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren en is billijk aangezien de afgifte van allerlei administratieve stukken en het leveren van administratieve prestaties zware lasten voor de gemeente meebrengt.
De procedure die leidt tot het voltrekken van een huwelijk brengt kosten met zich mee (gebruik trouwzaal ed.). Het is wenselijk en aanvaardbaar om hiervoor een beperkte retributie aan te rekenen. Aangezien het recht tot huwelijk wettelijk verankerd is, moet de mogelijkheid bestaan om ook gratis te kunnen huwen. Daarom wordt de kans geboden om ook kosteloos te kunnen huwen op welbepaalde momenten.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031:
● actie AC000202 "De dienst burgerzaken neemt de taken in medebewind op", budgetrekening 0130 / 70000000
● actie AC000198 "De dienst omgeving zet in op ruimtelijke ordening", budgetrekening 0600 / 70003000
BESLUIT: Vaststelling retributie administratieve stukken en prestaties
eenparig aangenomen.
Artikel 1. Basis retributie
Voor de jaren 2026 - 2031 wordt een retributie gevestigd op het afleveren van administratieve stukken en het leveren van administratieve prestaties.
Artikel 2. Definities
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
1° attest van immatriculatie: een voorlopige Belgische verblijfsvergunning voor niet-EU burgers, die toekomen in België zonder visum D of zonder asielaanvraag. Zij verkrijgen deze vergunning in afwachting van een definitieve uitspraak over hun verblijf. Dit attest is ook gekend als de 'oranje kaart'.
Artikel 3. Retributieplichtige
De retributie is verschuldigd door de natuurlijke of rechtspersoon die het administratief stuk of prestatie aanvraagt of aan wie het gevraagde stuk wordt uitgereikt.
Artikel 4. Tarieven
De tarieven worden als volgt vastgesteld:
Voor de afgifte van administratieve stukken:
4.1 Op afgifte van elektronische identiteitskaarten aan Belgen
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 6 euro
● Voor de spoedprocedure: tarief FOD + 15 euro
● Voor de superspoedprocedure: tarief FOD + 30 euro
4.2 Op afgifte van elektronische vreemdelingenkaarten aan niet-Belgen
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 6 euro
● Voor de spoedprocedure: tarief FOD + 15 euro
4.3 Op afgifte van elektronische kaarten en verblijfsdocumenten met biometrische kenmerken aan niet-Belgen
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 6 euro
● Voor de spoedprocedure: tarief FOD + 15 euro
4.4 Op afgifte van kids-ID aan Belgische en aan niet-Belgische kinderen onder de 12 jaar
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 2 euro
● Voor de spoedprocedure: tarief FOD + 15 euro
● Voor de superspoedprocedure: tarief FOD + 30 euro
4.5 Op afgifte van attest van immatriculatie
● nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: 10 euro
4.6 Op afgifte van een vreemdelingenkaart aan niet-Belgische kinderen onder de 12 jaar
● nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 2 euro
● voor de spoedprocedure: tarief FOD + 15 euro
4.7 Op afgifte van een vreemdelingenkaart met biometrische kenmerken aan niet-Belgische kinderen onder de 12 jaar
● nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 2 euro
● voor de spoedprocedure: tarief FOD + 15 euro
4.8 Op afgifte van reispassen aan Belgen
● gewone procedure < 18 jaar: tarief FOD + 5 euro
● gewone procedure > of = 18 jaar: tarief FOD + 10 euro
● Voor de spoedprocedure: < 18 jaar: tarief FOD + 15 euro
● Voor de spoedprocedure: > of = 18 jaar: tarief FOD + 15 euro
● Voor de superspoedprocedure: < 18 jaar: tarief FOD + 30 euro
● Voor de superspoedprocedure: > of = 18 jaar: tarief FOD + 30 euro
4.9 Op afgifte van reistitels voor vluchtelingen, staatlozen en vreemdelingen
● gewone procedure < 18 jaar: tarief FOD + 5 euro
● gewone procedure > of = 18 jaar: tarief FOD + 10 euro
● Voor de spoedprocedure: < 18 jaar: tarief FOD + 15 euro
● Voor de spoedprocedure: > of = 18 jaar: tarief FOD + 15 euro
● Voor de superspoedprocedure: < 18 jaar: tarief FOD + 30 euro
● Voor de superspoedprocedure: > of = 18 jaar: tarief FOD + 30 euro
4.10 Op het volstrekken van het huwelijk en afgifte van een trouwboekje:
● Trouwboekje: 25 euro
● Volstrekken van het huwelijk:
○ op donderdag: gratis
○ op een andere weekdag dan donderdag: 50 euro
○ op een zaterdag of brugdag: 100 euro
4.11 Op afgifte van een eenzijdige verklaring van de beëindiging van de wettelijke samenwoning:
● voor de betekening door de gerechtsdeurwaarder zoals voorzien in art.1476, §2, van het Burgerlijk Wetboek: 500 euro
4.12 Op afgifte van (voorlopige) rijbewijzen:
● rijbewijs bankkaartmodel: tarief FOD + 5 euro
● internationaal rijbewijs: tarief FOD + 5 euro
● voorlopig rijbewijs model 3: tarief FOD + 5 euro
● voorlopig rijbewijs model 36: tarief FOD + 5 euro
● voorlopig rijbewijs model 18: tarief FOD + 5 euro
● voorlopig rijbewijs model 12: tarief FOD + 5 euro
Voor administratieve prestaties:
4.13 Voor het maken van fotokopieën en inscannen van documenten:
● planafdruk: 8 euro de lopende meter
Een recto verso kopie wordt als twee kopieën beschouwd.
4.14 Verstrekken van inlichtingen
● uittreksel uit het plannenregister of vergunningenregister:
o 30 euro per kadastraal perceel per aanvraag
● ander opzoekingswerk die schriftelijk verstrekt worden door de gemeentelijke diensten en die niet louter het laten inzien van, het uitleg geven over en een afschrift afleveren van bestuursdocumenten betreffen, maar ruim opzoekingwerk (meer dan 1 uur) en het samenstellen van dossiers vereisen betreffende specifieke zaken of eigendommen:
o 100 euro per begonnen uur aan opzoekingswerk
4.15 Voornaamswijziging
● een voornaamswijziging: 500 euro
● een voornaamswijziging aangevraagd door een transgender: 50 euro
● een voornaamswijziging voor vreemdelingen die de Belgische nationaliteit aanvragen en niet over een voornaam beschikken: gratis
4.16 Verzendingskosten
Wanneer de gevraagde administratieve stukken per post dienen overgemaakt te worden, worden de verzendingskosten aan de retributie toegevoegd. Deze bijkomende kosten dienen bij de aanvraag te worden betaald.
Voor de spoedprocedures en superspoedprocedures kids-ID’s voor kinderen van hetzelfde gezin en dus op hetzelfde adres zijn ingeschreven, die gelijktijdig worden aangevraagd, zullen de transportkosten slechts éénmaal aangerekend worden.
Artikel 5. Tarieven - indexering
De tarieven bepaald onder artikel 5 kunnen jaarlijks op 1 januari aangepast worden op basis van de evolutie van de consumptieprijzenindex (hieronder afgekort als CPI) en wel als volgt:
CPI november van het vorige jaar x basistarief 2026
CPI november 2025
Er kan voor het eerst geïndexeerd worden op 1 januari 2027. Het indexeren kan nooit tot gevolg hebben dat de tarieven naar beneden worden bijgesteld.
De berekening van het geïndexeerde bedrag wordt wiskundig afgerond tot op een halve euro of een hele euro, waardoor de prijsstijging steeds in schijven van halve euro's gebeurt.
Artikel 6. Vrijstellingen en/of verminderingen
Er is een vrijstelling van retributie voor:
● de stukken welke krachtens een wet, koninklijk besluit of een andere overheidsverordening of -richtlijn kosteloos door het gemeentebestuur dienen te worden afgegeven;
● de stukken die aan behoeftige personen worden afgegeven waarbij de behoeftigheid wordt vastgesteld door elk overtuigend bewijsstuk;
● de afgifte van stukken die krachtens een wet, koninklijk besluit of een overheidsverordening of -richtlijn reeds aan de betaling van een recht ten behoeve van de gemeente onderworpen is. Uitzondering wordt gemaakt voor de tarieven, gevoegd bij de wet op de consulaire en kanselarijrechten.
● de gerechtelijke overheden, de openbare besturen en de daarmee gelijkgestelde inrichtingen alsook de instellingen van openbaar nut.
● eenieder die verklaart dat de gevraagde stukken dienen te worden voorgelegd om een tewerkstelling te bekomen, om te kunnen solliciteren of om aan examens of proeven deel te nemen met het oog op eventuele aanwerving.
Artikel 7. Wijze van inning
De retributie moet contant betaald worden bij de aanvraag of uiterlijk bij het afleveren van de stukken of het leveren van de prestatie.
Voor de uitgereikte kaarten met een chip, zoals de elektronische identiteitskaarten, de kids-ID, de elektronische kaarten voor vreemdelingen en de latere kaarten met een chip waarvan de chip defect of losgekomen is, worden, na aanvaarding van het gebrek door de firma die de kaarten heeft aangemaakt, zowel de kostprijs van de kaart als de van toepassing zijnde retributie terugbetaald.
Bij niet-minnelijke regeling van de verschuldigde retributie zal de inning gebeuren met alle geëigende rechtsmiddelen.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, hoofdstuk 1, afdeling 2;
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, artikel 40 §3 en 41, 14°;
Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 betreffende de retributie op begraafplaatsconcessies 2020-2025;
Feiten en context
Het retributiereglement op begraafplaatsconcessies vervalt op 31 december 2025 en het is aangewezen om voor het aanslagjaar 2026 tot 2031 een nieuw reglement vast te stellen.
Argumentatie
De gemeente is bevoegd voor het toekennen en hernieuwen van grafconcessies en kan hiervoor een retributie vastleggen aangezien dit diverse kosten met zich meebrengt, zoals administratieve verwerking, dossierbeheer, registratie, personeelsinzet en het onderhoud van de begraafplaatsinfrastructuur.
Daarnaast verricht de gemeente bijkomende dienstverlening bij het plaatsen van concessies, waaronder het aanbrengen van naamplaatjes op columbariumnissen, urnengraven of andere concessievormen. Ook deze handelingen brengen materiaal- en werkingskosten met zich mee. Het is daarom verantwoord om hiervoor een afzonderlijke retributie te voorzien, zodat de kosten worden gedragen door de gebruikers die van deze dienst gebruikmaken.
Deze retributie helpt het financieel evenwicht van de gemeente te bewaren.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000068 "We zorgen voor het recurrent onderhoud van de begraafplaats", budgetrekening 0990 / 70021000 + 70023000
BESLUIT: Vaststelling retributie voor concessies op de begraafplaats
eenparig aangenomen.
Artikel 1. Basis retributie
Voor de jaren 2026 - 2031 wordt een retributie gevestigd op het verlenen van concessies of het hernieuwen van concessies voor een termijn van dezelfde duur als die van de oorspronkelijke.
Artikel 2. Retributieplichtige
De retributie is verschuldigd door de aanvrager op het moment van de aanvraag.
Artikel 3. Tarieven - toekennen concessies en naamplaatjes
§1 Voor de grafconcessies gelden volgende tarieven :
- voor een grafconcessie voor 2 personen : 800 EUR
- voor een grafconcessie niet-inwoner voor 2 personen: 2.000 EUR
- voor een grafconcessie voor 3 personen : 1.200 EUR
- voor een grafconcessie niet-inwoner voor 3 personen: 3.000 EUR
- voor een nis voor 1 urne : 400 EUR
- voor nis 1 urne niet-inwoner: 1.000 EUR
- voor een nis voor 2 urnen : 800 EUR
- voor een nis voor 2 urnen niet-inwoners: 2.000 EUR
§2 Voor het plaatsen van een naamplaatje gelden de volgende tarieven :
- aan het columbarium : 40 EUR
- op de strooiweide : 40 EUR
- urnenveld : 40 EUR
§3 Wanneer de eerste persoon die in het geconcedeerde graf moet begraven worden of in de geconcedeerde nis moet bijgezet worden, niet in de bevolkings- of vreemdelingenregisters van de gemeente is ingeschreven, worden de in §1 van dit artikel vastgestelde prijzen voor niet-inwoner(s) toegepast.
Voor de toepassing van voorgaand lid worden de personen die krachtens hun statuut vrijgesteld zijn van inschrijving in de bevolkingsregisters van de gemeente en personen die gedurende minstens 5 jaar in de bevolkings- of vreemdelingenregisters van de gemeente ingeschreven geweest zijn, en die noodgedwongen afgeschreven zijn uit de gemeente wegens hun opname in een rusthuis buiten de gemeente, gelijkgesteld met de personen die wel in die registers zijn ingeschreven.
§4 Alle in dit reglement vermelde tarieven kunnen steeds worden herzien. Bij het verlenen of vernieuwen van een concessie en bij het verlengen van een concessietermijn gelden aldus de tarieven die dan op dat moment van toepassing zijn.
Artikel 4. Tarieven - hernieuwen concessies
§1 Wanneer, ten gevolge van de laatste begraving of bijzetting in een grafconcessie of nis, een nieuwe termijn van dezelfde duur als waarvoor de concessie werd verleend, een aanvang neemt, gelden dezelfde tarieven als die in artikel 3 vermeld, mogelijks geïndexeerd.
§2 De verschuldigde concessieprijs wordt berekend in verhouding tot het aantal volle jaren waarmee de oorspronkelijke concessietermijn ten gevolge van die bijbegraving of bijzetting wordt verlengd. Indien dit bedrag niet wordt betaald, worden de belanghebbenden geacht af te zien van het recht op verlenging.
Artikel 5. Tarieven - indexering
De tarieven bepaald onder artikel 3 kunnen jaarlijks op 1 januari aangepast worden op basis van de evolutie van de consumptieprijzenindex (hieronder afgekort als CPI) en wel als volgt:
CPI november van het vorige jaar x basistarief 2026
CPI november 2025
Er kan voor het eerst geïndexeerd worden op 1 januari 2027. Het indexeren kan nooit tot gevolg hebben dat de tarieven naar beneden worden bijgesteld.
De berekening van het geïndexeerde bedrag wordt wiskundig afgerond tot op een halve euro of een hele euro, waardoor de prijsstijging steeds in schijven van halve euro's gebeurt.
Artikel 6. Wijze van inning
§1 De retributie wordt contant betaald op het moment van de aanvraag tegen afgifte van een betalingsbewijs.
§2 Bij gebreke van betaling wordt de retributie ingekohierd en wordt de retributie ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Art. 40 § 3. De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente
Het reglement van verhuur van zalen van het lokaal bestuur Hove dat goedgekeurd werd op de gemeenteraad van 28 januari 2025.
Het reglement van verhuur van materialen van het lokaal bestuur Hove dat goedgekeurd werd op de gemeenteraad van 27 juni 2023.
Feiten en context
Door de start van een nieuwe meerjarenplanning worden de retributiereglementen herbekeken. In de reglementen van verhuur lokalen en materialen werd een jaarlijkse indexering toegevoegd.
Na het traject van Baristaz is beslist om verenigingen voorrang te huren op de huur van lokalen en materialen. Op die manier wil het lokaal bestuur de verenigingen ondersteunen bij het opzetten van evenementen.
Argumentatie
Wijzigingen reglement zaalverhuur
Vorige versie | Nieuwe versie |
Geen sluitingsdagen | Sluiting van lokalen op officiële feestdagen en tussen kerstavond en Nieuwjaar |
Geen standaard mogelijkheid tot gratis gebruik van Da Capo bij organisatie evenement voor een goed doel | Gratis gebruik van Da Capo door Hovenaars als ze een activiteit organiseren voor het goede doel |
Alle categorieën kunnen 365 dagen op voorhand de zalen reserveren
| Categorie A kan 365 dagen op voorhand en categorie B & C kan 304 dagen op voorhand de zalen reserveren |
Geen automatische indexering van de tarieven | Automatische indexering van de tarieven vanaf januari 2027 |
Kosteloos annuleren tot 10 dagen voor de reservatie | Kosteloos annuleren tot 3 weken voor de reservatie |
Geen doorrekening van herstellingskosten bij foutief gebruik van lift Da Capo door huurder | Doorrekening herstellingskosten lift van Da Capo indien de huurder zich niet houdt aan het maximum toegelaten gewicht / maximum toegelaten aantal personen |
Ondersteuning voor het bedienen van de geluidsinstallatie voor categorie A door vrijetijdswerker aan 30 euro | Geen ondersteuning voor het bedienen van de geluidsinstallatie voor categorie A door vrijetijdswerker. Klaarzetten van geluidsinstallatie aan 20 euro blijft wel mogelijk |
Tarieven voor categorie A voor het Kostershuisje/ Markgraaf blokkeren op max 4u indien er meer dan 4u geboekt wordt | Geen blokkering meer op uurtarieven. De effectieve uren van reservatie worden gefactureerd |
Wijzigingen reglement materiaalverhuur
Vorige versie | Nieuwe versie |
Alle categorieën kunnen 6 maanden op voorhand materiaal reserveren | Categorie A kan maximum 6 maanden en categorie B & C kunnen maximum 4 maanden op voorhand materiaal reserveren |
Geen automatische indexering van de tarieven | Automatische indexering van de tarieven vanaf januari 2027 |
Geen beperking op locatie van levering | Leveringen van materiaal enkel mogelijk op grondgebied Hove |
Debat
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Komen de zalen van het Sportpark er nog in?
Gerda Lambrecht (N-VA): Die zitten in de reglementen van het AGB.
Lenn De Cleene (N-VA): De vergaderzaal in het Sportpark valt hier onder, want die wordt verhuurd aan de gemeente.
De ontvangst voor verhuur zalen is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000190 “De dienst vrije tijd verzorgt evenementen, stelt een gevarieerd programma samen en organiseert speelpleinen en sportkampen", budgetrekening 0705 / 70061000.
De ontvangst voor verhuur materialen is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000190 “De dienst vrije tijd verzorgt evenementen, stelt een gevarieerd programma samen en organiseert speelpleinen en sportkampen", budgetrekening 0705 / 70060000.
BESLUIT: Vaststelling retributie op verhuur
eenparig aangenomen.
Artikel 1
Keurt de retributiereglementen, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit, goed waarin de nieuwe voorwaarden voor de verhuur van lokalen en materialen worden bepaald
Artikel 2
Het retributiereglement -zaalverhuur en het retributiereglement - ontlening van materialen treedt in werking op 1 januari 2026.
Artikel 3
Het reglement m.b.t. verhuur van zalen van het lokaal bestuur Hove goedgekeurd door de gemeenteraad van 28 januari 2025 wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2026.
Artikel 4
Het reglement m.b.t. verhuur van materialen van het lokaal bestuur Hove goedgekeurd door de gemeenteraad van 27 juni 2023 wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2026.
Vaststelling retributie op sprookjesvertellen Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Anke Dehuisser Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Nitish Chatterjee Thierry Lens Michael Serrien Tamara Lecoutre Troucheau Katty Huybrechts Dave Van den Bergh Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Bart Van Couwenberghe Veerle D'Haene Sofie Lemmens Jos Peeters Luc Vuylsteke de Laps Tyson Kouraichi Marie Misselyn Anke Muylle Diederik Vandendriessche Kaat Van Hecke aantal voorstanders: 12 , aantal onthouders: 5 , aantal tegenstanders: 2 Goedgekeurd
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Art. 40 § 3. De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente
Feiten en context
Voor de sprookjesvertellen willen we een kader scheppen rond retributies voor wekelijks vertellen, verjaardagsfeestjes en schoolvertellingen.
Deze activiteiten worden begeleid door vrijwillige sprookjesvertellers.
Argumentatie
Debat
Jos Peeters (Fan van Hove): Ik heb wat inhoudelijke opmerkingen bij dit reglement. Er zijn wat bekommernissen meegegeven. De aanvragen moeten gebeuren via de webshop of ter plaatse als er nog plaatsen zijn. Wat betekent dat in de praktijk? Normaal komen ze daar naartoe, impulsief, of op een moment dat het past. Ter plaatse - dan verandert er niets aan de huidige manier van werken. Als het gaat over verjaardagsfeestje: het kan duren van 11u tot 13u30. Die 50 euro gaat om te huren voor één uur. Je moet 50 euro betalen, terwijl je het Kostershuisjes kan huren via categorie C aan 9 euro per uur. Dus voor 3 uur is dat 27 euro, maar met vertelling is dat 50 euro. Het lijkt me logischer dat ik het huur en ik zelf een vrijwilliger zoek. Er zitten een aantal anomalieën in. Mijn voorstel is om dat terug mee te nemen en te komen tot een afspraak die wel werkt.
Lenn De Cleene (N-VA): Ik heb weinig vragen gemerkt, wel opmerkingen. Je doet precies of ik op een saaie avond een retributiereglement heb geschreven. De betrokken ambtenaren en vrijwilligers hebben hier samen aan gewerkt. Als je een categorie C bent, dan heb je gewoon de zaal gehuurd - als je een feestje wilt, dan wordt er voor die 15 personen 50 euro gevraagd. Er worden dan ook nog versnaperingen voorzien. Dat is een redelijk tarief.
Jos Peeters (Fan van Hove): Ik ben het er niet mee eens. Er is input gegeven, maar geen inspraak. Ik zou het jammer vinden als we dit zo snel goedkeuren.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000121 “We zorgen voor een breed aanbod van voorstellingen en evenementen aan een toegankelijke prijs”, budgetrekening 0709 / 70082010.
BESLUIT: Vaststelling retributie op sprookjesvertellen
12 stemmen ja: Thierry Lens (Hove, natuurlijk!), Bart Van Couwenberghe (N-VA), Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!), Lenn De Cleene (N-VA), Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!), Gerda Lambrecht (N-VA), Veerle D'Haene (N-VA), Sandra Maes (N-VA), Michael Serrien (Hove, natuurlijk!), Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!), Nitish Chatterjee (Hove, natuurlijk!) en Tamara Lecoutre Troucheau (Hove, natuurlijk!).
2 stemmen neen: Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove) en Jos Peeters (Fan van Hove).
5 onthoudingen: Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt), Marie Misselyn (Hove Beweegt), Tyson Kouraichi (Hove Beweegt), Kaat Van Hecke (Hove Beweegt) en Anke Muylle (Hove Beweegt).
Artikel 1
Keurt het retributiereglement - sprookjesvertellen, zoals gevoegd in bjilage bij dit besluit, goed.
Artikel 2
Het nieuwe retributiereglement - sprookjesvertellen treedt in werking op 1 januari 2026.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 40 §3 van het decreet lokaal bestuur: De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.
Feiten en context
Op de raadszitting van 15 december 2020 werd het reglement sociale toelagen vernieuwd. Vervolgens werd het reglement geactualiseerd op de zitting van 26 september 2023 en aangepast op de zitting van 22 april 2025.
Volgens het huidige reglement moeten de Sociale Toelagen tweejaarlijks geïndexeerd worden:
● de eerste indexatie op 1 januari 2026;
● vervolgens elke twee jaren op 1 januari.
Er is echter niet vastgesteld op basis van welke index en formule de indexering dient te gebeuren.
Argumentatie
Het is aangewezen de bedragen in het reglement Sociale Toelagen - zoals toegevoegd in de bijlagen - tweejaarlijks te indexeren op basis van de evolutie van de consumptieprijzenindex (hieronder afgekort als CPI) en wel als volgt:
CPI november 2023 x tarief 2024
CPI november 2025
Op basis van deze formule wordt er geïndexeerd op 1 januari 2026 en vervolgens elke twee jaren op 1 januari.
De indexering op 1 januari 2028 zal gebeuren volgens deze formule:
CPI november 2025 x tarief 2026
CPI november 2027
Het indexeren kan nooit tot gevolg hebben dat de tarieven naar beneden worden bijgesteld.
De berekening van het geïndexeerde bedrag wordt wiskundig afgerond tot op een halve euro of een hele euro, waardoor de prijsstijging steeds in schijven van halve euro's gebeurt.
Debat
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): In het dossier staat bij de punten dat de uitgave voorzien is, maar de mantelzorgtoelage staat daar niet bij, wel in de bijlage. Goed dat we indexeren, maar in het meerjarenplan wordt dat evenwel niet gedaan. We stemmen nu de indexatie, maar in de meerjarenplanning wordt dat niet meegerekend.
Suzy Mariën (wnd. financieel directeur): Dat is een vergetelheid. Dat moeten we indexeren en bekijken hoe we dit verder aanpassen in de aanpassing meerjarenplan 2026.
De uitgaven zijn voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000133 "We ondersteunen burgers met sociale toelagen.":
● Septembertoelagen voor cliënten van de sociale dienst en éénoudergezinnen: budgetrekening 0949 / 64910130;
● Toelagen voor ouderen: budgetrekening 0959 / 64910170;
● Toelagen aan kinderen met een handicap tot 18 jaar en personen met een handicap 18+: budgetrekening 0911 / 64910120;
● Diftar-toelagen voor éénoudergezinnen, cliënten van de sociale dienst en personen met doktersattest: budgetrekening 0909 / 64910010.
● Mantelzorgtoelage: budgetrekening 0959 / 64910200
BESLUIT: Aanpassing reglement sociale toelagen
eenparig aangenomen.
Artikel 1
De bedragen in het reglement Sociale Toelagen worden tweejaarlijks geïndexeerd op basis van de evolutie van de consumptieprijzenindex (hieronder afgekort als CPI) en wel als volgt:
CPI november 2023 x tarief 2024
CPI november 2025
Op basis van deze formule wordt er geïndexeerd op 1 januari 2026 en vervolgens elke twee jaren op 1 januari.
De indexering op 1 januari 2028 zal gebeuren volgens deze formule:
CPI november 2025 x tarief 2026
CPI november 2027
Het indexeren kan nooit tot gevolg hebben dat de tarieven naar beneden worden bijgesteld.
De berekening van het geïndexeerde bedrag wordt wiskundig afgerond tot op een halve euro of een hele euro, waardoor de prijsstijging steeds in schijven van halve euro's gebeurt.
Artikel 2
Keurt het aangepaste reglement sociale toelagen vast, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit goed.
Artikel 3
Het aangepaste reglement treedt in werking op 1 januari 2026.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
● Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
● De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
● Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
● Het klimaatakkoord van Parijs van 12 december 2015 met betrekking tot het nemen van maatregelen ter bescherming van het klimaat en ter vermindering van de uitstoot van broeikasgassen;
● De ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2020 en 2030, aangaande het engagement van lokale besturen om de klimaat- en energiedoelstellingen van de Europese Unie te behalen;
● Het Energie- en klimaatactieplan van de gemeente Hove, goedgekeurd op 25 oktober 2022;
● De ondertekening van het Lokaal Energie- en Klimaatpact (LEKP) 1.0, 2.0, 2.1 op respectievelijk 20 september 2021 (1.0) en 26 september 2023 (2.0 en 2.1)
● De herbevestiging van de engagementsverklaring omtrent de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (SDG's), aangaande het engagement om de SDG's te integreren in het gemeentelijk beleid;
● De Vlaamse Mijn VerbouwPremies die als doel hebben om woningen in Vlaanderen energie-efficiënter te maken en de Vlaamse energieuitstoot te reduceren.
Feiten en context
Met het ondertekenen van het Lokaal Energie en Klimaatpact (LEKP) en het Burgemeestersconvenant 2030 inclusief de opmaak van een Energie- en klimaatactieplan, heeft de gemeente Hove zich ertoe verbonden om haar CO2-uitstoot drastisch terug te dringen om de klimaatdoelstellingen te behalen. De komende jaren zullen hierin een kantelpunt vormen. Om deze doelstellingen te bereiken zullen ook de inwoners van Hove hun steentje moeten bijdragen door bijvoorbeeld hun woningen beter te isoleren of voor duurzame technologieën te kiezen. Om gerichter klimaatactie te ondernemen, een grotere impact te realiseren en de juiste doelgroepen te bereiken, stellen we een herziening van de gemeentelijke subsidies voor. Daarbij richten we ons vooral op inwoners die het écht nodig hebben en schrappen we een aantal subsidies die minder relevant zijn of minder impact hebben. Concreet betekent dit dat de subsidiereglementen voor groendaken, mulchmaaiers, hemelwaterinstallaties, zonneboilers, inbraakpreventie, bestrijding eikenprocessierups en zwaluwnesten vanaf 1 januari 2026 opgeheven zullen worden.
Om onze klimaatdoelstellingen en koolstofneutraliteit te behalen, moeten we een renovatiegraad van 3% per jaar aanhouden. Dit is een grote uitdaging, waarbij we de huishoudens extra zullen moeten ondersteunen. Uit bevraging blijkt ook dat de kost een grote drempel is voor gezinnen om te renoveren. Daarom voeren we een nieuwe subsidiereglement in rond duurzaam wonen, met premies voor dak-, vloer of buitenmuurisolatie, beglazing, en een warmtepomp en warmtepompboiler. Door met een toekenning van de premie op basis van inkomen te werken, naar het voorbeeld van de Vlaamse Mijn VerbouwPremie, bereiken we sneller de doelgroepen die deze financiële ondersteuning het hardst nodig hebben. Naast het behalen van klimaatdoelen, draagt een gemeentelijke renovatiepremie ook bij tot een betere gezondheid, minder leegstand en verloedering. Een gemeente die investeert in renovatie toont zorg voor haar inwoners en denkt aan toekomstbestendigheid.
Samenwerkingsovereenkomst Mijn VerbouwPremie
Een samenwerkingsovereenkomst met het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA), koppelt de gemeentelijke premie aan de Mijn VerbouwPremie. Dit houdt in dat wanneer Hovenaars een goedkeuring ontvangen voor de Mijn VerbouwPremie, hun gegevens automatisch aan de gemeente worden doorgegeven, zodat er een aanvullende gemeentelijke subsidie uitgekeerd kan worden. Voor de gemeente Hove heeft dit het voordeel dat het personeel geen prescreening meer moet uitvoeren. Wonen Vlaanderen heeft nl. al nagegaan en bevestigd dat de aanvrager op basis van inkomensklasse, type werken, etc. in aanmerking komt. Voor de burgers worden de premies toegankelijker en overzichtelijker, waarmee we ook kunnen beantwoorden aan de zorg van burgers die aangeven verloren te lopen in het Vlaamse subsidielandschap. De samenwerkingsovereenkomst met VEKA wordt zo snel mogelijk na het goedkeuren van het subsidiereglement duurzaam wonen afgesloten, en zal met terugwerkende kracht werken voor alle aanvragen voor de Mijn VerbouwPremie die vanaf 1 januari 2026 worden goedgekeurd. We willen de gegevensoverdracht van de goedgekeurde aanvragen voor de Mijn VerbouwPremie garanderen in afwachting van het afsluiten van de samenwerkingsovereenkomst met VEKA. Daarom zullen burgers met de ingang van dit subsidiereglement ook nog een individuele aanvraag bij de gemeente moeten indienen na goedkeuring van hun aanvraag voor de Mijn VerbouwPremie.
Dienstjaar | 2026 |
Volgnummer actie | AC000134 |
Actie korte omschrijving | We versterken onze ondersteuning aan burgers via de renovatiepremie. |
Code beleidsveld / Code ARK | 0350/66400100 |
Omschrijving | Investeringstoelage: energetische renovatiepremie |
Volgnummer (MJP) | MJP000396 |
Bedrag | €57.000,- incl. btw |
Kredietcontrole
Er is voldoende budget beschikbaar. |
BESLUIT: Vaststelling subsidiereglement renovatiepremies
eenparig aangenomen.
Artikel 1
Het gemeentebestuur verleent een premie voor het plaatsen of vervangen van dak- en zoldervloerisolatie, buitenmuurisolatie, gelijkvloers- of kelderisolatie, hoogrendementsbeglazing, en een warmtepomp(boiler), zoals gedefinieerd door de Mijn VerbouwPremie.
Artikel 2
De gemeentelijke premie is een aanvullende premie op de Mijn VerbouwPremie en wordt enkel toegekend aan aanvragers die ook een goedkeuring voor de Mijn VerbouwPremie hebben ontvangen voor één of meerdere van de renovatiewerken genoemd in Artikel 1.
Artikel 3
De premie wordt enkel toegekend aan aanvragers uit inkomenscategorie 3 of 4 zoals bepaald door de Mijn VerbouwPremie. Enkel aanvragers die eigenaar-bewoner zijn van een woning of hun woning verhuren aan een woonmaatschappij, komen in aanmerking voor de gemeentelijke premie. Eigenaar-bewoners die naast de woning waarvoor ze een premie aanvragen, nog een andere woning, appartement of bouwgrond volledig in volle eigendom hebben, komen niet in aanmerking voor de gemeentelijke premie. Indien ze hun andere woning verhuren aan een woonmaatschappij, vallen ze voor die woning in inkomenscategorie 4 en komen ze enkel voor die woning in aanmerking voor de Mijn VerbouwPremie.
Artikel 4
Indien het aantal aanvragen het totaal in de begroting voorziene bedrag overstijgt,zalhettoekennenvandepremies verdaagdwordentothetin begrotingswijziging aanvullen van de kredieten of tot het volgende dienstjaar.
Artikel 5
Het bedrag van de aanvullende gemeentelijke premie per aanvrager en per gebouw bedraagt 10% van de totale kostprijs van de factuur (inclusief BTW). De premies voor de verschillende type werken genoemd in Artikel 1 kunnen gecumuleerd worden.
● Voor dak- of zoldervloerisolatie en hoogrendementsbeglazing ligt het maximaal te ontvangen subsidiebedrag op €1.150.
● Voor buitenmuurisolatie bedraagt het maximaal te ontvangen subsidiebedrag €1.000.
● Voor gelijkvloers- of kelderisolatie is het maximale subsidiebedrag vastgelegd op €300.
● Voor het plaatsen van een warmtepomp(boiler) bedraagt het maximaal te ontvangen subsidiebedrag €350.
Artikel 6
De subsidie kan alleen toegekend worden voor vergunde gebouwen, zoals bedoeld in het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening.
Artikel 7
De aanvraag wordt ingediend bij de milieudienst, tot uiterlijk 12 maanden na de goedkeuring van de aanvraag voor de Mijn VerbouwPremie door de Vlaamse overheid.
Artikel 8
Bij de aanvraag dient de goedkeuring van de Mijn VerbouwPremie door de Vlaamse overheid voor één of meerdere van de renovatiewerken genoemd in Artikel 1, bijgevoegd te worden.
Artikel 9
Wanneer de uitvoering onvolledig of gebrekkig uitgevoerd is, kan de premie bij beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen verminderd, uitgesteld of geweigerd worden. Er wordt geen hogere premieuitgekeerddanbijtoekenningvoorzien.Indien blijkt dat de bepalingen van dit reglement of eventueel de stedenbouwkundige vergunning niet werden nageleefd, wordt de subsidie niet uitbetaald of, indien dit reeds gebeurd zou zijn, teruggevorderd.
Artikel 10
HetCollegevanBurgemeesteren Schepenenisbelastmetdeuitvoering van dit reglement.
Artikel 11
Het subsidiereglement voor renovatiepremies zal ingaan op 1 januari 2026.
Artikel 12
De gemeenteraad beslist om volgende subsidiereglementen met ingang van 01/01/2026 op te heffen:
* het subsidiereglement van 28/11/2011 m.b.t. groendaken
* het subsidiereglement van 26/05/2008 m.b.t. mulchmaaiers
* het subsidiereglement van 20/12/2010 m.b.t. hemelwaterinstallaties
* het subsidiereglement van 21/12/2009 m.b.t. zonneboilers
* het subsidiereglement van 30/05/2011 m.b.t. inbraakpreventie
* het subsidiereglement van 21/12/2009 m.b.t. bestrijding eikenprocessierups
* het subsidiereglement van 31/03/2008 m.b.t. zwaluwnesten
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Art. 40 § 3. De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente
Het reglement van de vaststelling jubileumtoelage voor alle Hovese verenigingen van het lokaal bestuur Hove dat goedgekeurd werd op de gemeenteraad van 2 juni 2014.
Feiten en context
Hovese verenigingen die in een jubileumjaar zitten kunnen een jubileumtoelage aanvragen.
Argumentatie
Wijzigingen reglement
Vorige versie | Nieuwe versie |
Toelage voor 10, 20, 25, 40, 50, 60, 75 ,90, 100 en +100 jarig bestaan | Toelage voor 10, 25, 50, 75, 100 en +100 jarig bestaan |
Geen voorwaarde om toelage te ontvangen | Organiseren van een publiek toegankelijk evenement ter ere van hun jubileum als voorwaarde |
De subsidie is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000126 “We verstrekken subsidies en materialen aan burgers en lokale verengingen die evenementen organiseren die de sociale cohesie bevorderen”, budgetrekening 0709 / 64930000.
BESLUIT: Vaststelling subsidiereglement voor jubileumtoelage
eenparig aangenomen.
Artikel 1
Keurt het reglement jubileumtoelage, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit voor Hovese verenigingen goed waarin de nieuwe voorwaarden voor de jubileumtoelage worden bepaald.
Artikel 2
Het nieuwe reglement rond de jubileumtoelage voor Hovese verenigingen treedt in werking op 1 januari 2026.
Artikel 3
Het reglement vaststelling jubileumtoelage voor alle Hovese verenigingen van het lokaal bestuur Hove goedgekeurd door de gemeenteraad van 2 juni 2014 wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2026.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Art. 40 § 3. De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente
Het subsidiereglement voor ondersteuning van buurtactiviteiten en wijkfeesten van het lokaal bestuur Hove dat goedgekeurd werd op de gemeenteraad van 23 november 2015.
Feiten en context
Het huidige reglement rond ondersteuning van buurtactiviteiten en wijkfeesten in Hove is sinds 2016 ongewijzigd. Het bestuur wil komende legislatuur inzetten op een betere ondersteuning van buurtevenementen.
Argumentatie
Wijzigingen reglement
Vorige versie | Nieuwe versie |
Aanvraag subsidie minstens 4 weken voor de datum van het buurtfeest | Aanvraag subsidie minstens 1 week voor de datum van het buurtfeest |
Minimum 10 deelnemende gezinnen | Minimum 5 deelnemende gezinnen |
Geen specificatie van locatie | Het straatfeest moet plaatsvinden in de straat of oprit/tuin van een inwoner. Wijkfeest moet plaatsvinden in de buurt zelf op publiek domein |
Maximum subsidiebedrag is 125 euro | Subsidiebedrag voor straatfeesten is 150 euro, voor wijkfeesten 500 euro |
Verantwoording via uitnodiging met vermelding steun van lokaal bestuur Hove + logo, sfeerfoto en overzicht uitgaven met kastickets | Verantwoording via uitnodiging met vermelding steun van lokaal bestuur Hove + logo, 3 sfeerfoto's en aantal aanwezige gezinnen |
De subsidie is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie AC000127 “We ondersteunen en stimuleren inwoners bij buurtevenementen zoals straatfeesten, barbecues of een gezond ontbijt”, budgetrekening 0719 / 64930000.
BESLUIT: Vaststelling subsidiereglement straat- en wijkfeesten
eenparig aangenomen.
Artikel 1
Keurt het subsidiereglement voor straat en wijkfeesten, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit, goed waarin de nieuwe voorwaarden voor de subsidie worden bepaald.
Artikel 2
Het nieuwe subsidiereglement rond straat en wijkfeesten treedt in werking op 1 januari 2026.
Artikel 3
Het reglement voor ondersteuning van buurtactiviteiten en wijkfeesten van het lokaal bestuur Hove goedgekeurd door de gemeenteraad van 23 november 2015 wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2026.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41.
Feiten en context
Het lokaal bestuur ontving op 22 oktober 2025 een brief van het Autonoom Gemeentebedrijf (AGB) Kontich over het gebruik van het gemeentelijk zwembad in Kontich. Het AGB zegt daarin dat gezien de hoge exploitatiekost van het zwembad en de toenemende schaarste van zwemwater, het noodzakelijk dat ook de lokale besturen waarvan de scholen gebruikmaken van het zwembad financieel bijdragen.
Argumentatie
Voor Hove gaat het over de leerlingen van 't Groen Schooltje die gebruik maken van het zwembad in Kontich.
Het zwemwater is ook in onze regio erg schaars en het is belangrijk dat de kinderen die school lopen in een school in Hove de mogelijkheid blijven hebben om te (leren) zwemmen.
De bijdrage van ons bestuur in de exploitatie van het zwembad bedraagt jaarlijks 7.005,90 euro (btw inbegrepen), jaarlijks te indexeren.
Het nodige budget zal worden voorzien in het nieuwe meerjarenplan.
BESLUIT: Goedkeuring overeenkomst zwembad Kontich
eenparig aangenomen.
Artikel 1
De overeenkomst over het gebruik en de exploitatie van het gemeentelijk zwembad in Kontich voor schoolzwemmen, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit, wordt goedgekeurd.
Artikel 2
Deze overeenkomst gaat in op 1 januari 2026 en eindigt op 31 december 2031.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 41 20° van het Decreet lokaal bestuur van 1 januari 2019 waarin wordt gesteld dat de gemeenteraad bevoegd is voor het aanstellen van de gemeentelijke vertegenwoordigers in de algemene vergadering van een extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm.
Artikel 246 § 2 van het Decreet lokaal bestuur van 1 januari 2019 waarin wordt gesteld dat de vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering van de gemeentelijke vereniging handelen overeenkomstig de instructies van de gemeenteraad.
De gemeenteraadsbeslissing van 15 december 2014 waarin de samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente Hove en het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm, Jeugdontmoetingscentrum Hove vzw werd goedgekeurd.
Artikel 17 § 2 van de samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente Hove en het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm, Jeugdontmoetingscentrum Hove vzw, waarin wordt gesteld dat voor elk werkjaar het budget van de vereniging moet worden voorgelegd aan de gemeenteraad.
Feiten en context
De algemene vergadering van het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijk vorm, Jeugdontmoetingscentrum Hove vzw, hierna genoemd JOC Hove vzw, zal plaatsvinden op woensdag 17 december 2025 om 20 uur zoals vastgelegd door het bestuur in zitting van 19 november 2025.
De agenda van de algemene vergadering van woensdag 17 december 2025 werd vastgelegd door het bestuur van JOC Hove vzw in de zitting van 19 november 2025 welke volgende agendapunten bevat:
● Budget 2026 - goedkeuring;
Het budget 2026 van JOC Hove vzw zoals vastgesteld door het bestuur in de zitting van 19 november 2025.
Gedetailleerde opgave van de geraamde uitgaven, ontvangsten en investeringen worden toegevoegd als bijlage
Dienstjaar | 2026 |
Volgnummer actie | AC00073 |
Actie korte omschrijving | Hove zorgt voor financiële, technische en materiële ondersteuning van de erkende verenigingen |
Code beleidsveld / Code ARK | 0750/64930000 |
Omschrijving | Toegestane werkingssubsidies aan verenigingen |
Volgnummer (MJP) | MJP001364 |
Bedrag | € 25.000 |
Kredietcontrole
Er is voldoende budget beschikbaar. |
BESLUIT: Goedkeuring agenda GEVAP JOC Hove
eenparig aangenomen.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van de agenda van de algemene vergadering van JOC Hove vzw van woensdag 17 december 2025 met volgende agendapunten:
○ Budget 2026 - goedkeuring
Artikel 2
De gemeenteraad geeft goedkeuring aan het budget 2026 van JOC Hove vzw.
Artikel 3
De raad draagt de aangeduide vertegenwoordiger op om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot de algemene vergadering van JOC Hove VZW vastgesteld op 17 december 2025, of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden, te onderschrijven en hun stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de gemeenteraad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde algemene vergadering.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
De wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus bepaalt o.a. het volgende :
● art. 40 : de begroting van de politiezone komt ten laste van de verschillende gemeenten van de zone en van de federale Staat. Elke gemeenteraad van de zone stemt de dotatie die aan het lokaal politiekorps moet worden toegekend en die aan de politiezone wordt gestort.
● art. 71 : de besluiten van de gemeenteraad en van de politieraad betreffende de begroting van de lokale politie en de erin aangebrachte wijzigingen, alsook de besluiten betreffende de bijdrage van de gemeente die deel uitmaakt van een meergemeentezone, worden voor goedkeuring naar de gouverneur verstuurd.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40 waarin de bevoegdheden van de gemeenteraad bepaald worden.
Het koninklijk besluit van 7 april 2005 bepaalt de nadere regels inzake de berekening en de verdeling van de gemeentelijke dotaties in de schoot van een meergemeentezone.
Feiten en context
De politieraad keurde in haar zitting van 24 november 2025 het budget 2026 goed.
De werkingstoelage 2026 voor Hove werd vastgesteld op 1.322.183 euro. Er is bovendien een structurele investeringstoelage verschuldigd van 47.365 euro.
Ook in het kader van de beperkte snelheidsovertredingen (GAS 5) dient Hove bij te dragen aan HEKLA.
De ANPR/GAS5-exploitatietoelage voor 2026 wordt (in functie van het verdeelpercentage op basis van het aantal uitgeschreven PV's en de geschatte Lidarweken) voorlopig geraamd op 145.440 euro. Het juiste bedrag zal in oktober 2026 vastgesteld worden.
Voor ANPR/GAS5 is er in 2026 geen investeringstoelage meer verschuldigd. De investeringskosten werden immers gespreid over 3 jaar doorgerekend.
Dienstjaar | 2026 |
Volgnummer actie | AC000211 |
Actie korte omschrijving | We zetten in op nieuwe en bestaande intergemeentelijke samenwerkingsverbanden |
Code beleidsveld / Code ARK | 0400/64940000 |
Omschrijving | Werkingstoelage politiezone HEKLA |
Volgnummer (MJP) | MJP000937 |
Bedrag | 1.322.183 euro |
Kredietcontrole
Er is voldoende budget beschikbaar. |
Dienstjaar | 2026 |
Volgnummer actie | AC000211 |
Actie korte omschrijving | We zetten in op nieuwe en bestaande intergemeentelijke samenwerkingsverbanden |
Code beleidsveld / Code ARK | 0400/66400000 |
Omschrijving | Investeringstoelage politiezone HEKLA |
Volgnummer (MJP) | MJP001147 |
Bedrag | 47.365 euro |
Kredietcontrole
Er is voldoende budget beschikbaar. |
Dienstjaar | 2026 |
Volgnummer actie | AC000211 |
Actie korte omschrijving | We zetten in op nieuwe en bestaande intergemeentelijke samenwerkingsverbanden |
Code beleidsveld / Code ARK | 0400/64940020 |
Omschrijving | Werkingstoelage politiezone HEKLA in het kader van ANPR/GAS5 |
Volgnummer (MJP) | MJP000939 |
Bedrag | 145.440 euro |
Kredietcontrole
Er is voldoende budget beschikbaar. |
BESLUIT: Goedkeuring bijdragen Politiezone Hekla 2026
eenparig aangenomen.
Artikel 1
Voor het dienstjaar 2026 zal een gemeentelijke werkingstoelage van 1.322.183 euro overgemaakt worden aan de politiezone HEKLA.
Artikel 2
Voor het dienstjaar 2026 zal een structurele gemeentelijke investeringstoelage van 47.365 euro overgemaakt worden aan de politiezone HEKLA .
Artikel 3
Voor het dienstjaar 2026 bedraagt de voorlopig geraamde gemeentelijke werkingsbijdrage 145.440 euro die aan de politiezone HEKLA zal overgemaakt worden in het kader van ANPR/GAS5.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
De gemeenteraadsbeslissing van 25 oktober 2010 waarin de oprichting en de statuten van het Autonoom Gemeentebedrijf Hove, afgekort AGB Hove werden goedgekeurd.
Artikels 40 en 41 van het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
Artikels 231 tot en met 244 van het Decreet over het lokaal bestuur die betrekking hebben op het autonoom gemeentebedrijf.
Feiten en context
In het kader van de nieuwe meerjarenplanning en de totale exploitatieresultaten van het AGB Hove wordt de prijssubsidie voor 2026 vastgesteld.
Argumentatie
Om het autonoom gemeentebedrijf economisch rendabel te houden en te voldoen aan de wens van lokaal bestuur Hove dat de door het autonoom gemeentebedrijf geëxploiteerde sportinfrastructuur voor iedereen toegankelijk is, wordt er door Lokaal Bestuur Hove een prijssubsidie toegekend.
Na het opstellen van het de nieuwe meerjarenplanning, met daarbij horende exploitatieresultaten blijkt dat een aanpassing van de prijssubsidie nodig is.
De gesubsidieerde toegangsgelden (inclusief 6% btw) kunnen steeds geëvalueerd
worden in het kader van een periodieke evaluatie van de totale exploitatieresultaten van het
Autonoom Gemeentebedrijf Hove. In de mate er een aanpassing van de prijssubsidie noodzakelijk is zal lokaal bestuur Hove deze steeds documenteren.
Het Autonoom Gemeentebedrijf Hove moet op de 15de werkdag volgende op elk kwartaal lokaal bestuur Hove een overzicht bezorgen van het aantal gebruikers waaraan recht op
toegang is verleend tijdens het voorbije kwartaal tot de door het AGB geëxploiteerde
sportinfrastructuur. Dit overzicht dient tevens het bedrag aan te betalen prijssubsidies te
bevatten. De afrekening van deze prijssubsidies zal gebeuren middels de uitreiking van een
debetnota die het Autonoom Gemeentebedrijf Hove uitreikt aan lokaal bestuur Hove. Lokaal bestuur Hove dient deze debetnota te betalen aan het Autonoom Gemeentebedrijf Hove
binnen de maand na ontvangst.
BESLUIT: Vaststelling prijssubsidie AGB 2026
eenparig aangenomen.
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de factor 7,80 voor de berekening van de prijssubsidie vanaf 1 januari 2026 goed.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Het decreet lokaal bestuur.
De artikelen 40 en 41 van het decreet lokaal bestuur bepalen de bevoegdheden van de
gemeenteraad.
Het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad zoals laatst gewijzigd op 29 maart 2022.
Het besluit van de gemeenteraad van 28 februari 2011 waarin de oprichting en de statuten
van het Autonoom Gemeentebedrijf Hove, afgekort AGB Hove werden goedgekeurd. Dit
besluit werd goedgekeurd door de Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands
Bestuur, Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand op 15 september 2011 en gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 28 september 2011.
De beheersovereenkomst tussen de gemeente en het AGB Hove.
De beslissing BTW nr. E.T.129.288 van 19 januari 2016 waarin de fiscus het standpunt
inneemt dat vanaf 2016 enkel met prijssubsidies kan worden gewerkt in het kader van het winstoogmerk van het AGB
In zijn zitting van 27 juni 2016 keurde de gemeenteraad het prijssubsidiereglement goed.
In latere zittingen werd de prijssubsidiefactor opnieuw geëvalueerd en aangepast.
Feiten en context
Aan het AGB wordt een renteloze lening toegestaan waarbij de terugbetaling (aan de
gemeente) gefinancierd wordt met een prijssubsidie (van de gemeente aan het AGB),
daardoor kan de investeringsuitgave onmiddellijk gefinancierd worden en zal de
afschrijvingslast in het AGB geneutraliseerd worden. De afschrijving en de terugbetaling
van de lening moeten dan wel ‘synchroon’ verlopen.
Om deze reden zal het bedrag van de renteloze lening bijgesteld worden op basis van de
effectief gerealiseerde investeringen in 2025.
Adviezen
Het meerjarenplan 2020-2025 van het AGB Hove werd goedgekeurd door de gemeenteraad
in zitting van 16 december 2019. Nadien werden nog verschillende aanpassingen aan
meerjarenplan doorgevoerd.
Het maximaal te realiseren investeringsbedrag 2025 werd bijgesteld tot 780.434,53 euro (uitgaven min ontvangsten).
De liquiditeitspositie van het AGB Hove laat geen integrale en onmiddellijke financiering van
de transactiekredieten toe. Het is aangewezen dat de gemeente ter financiering een lening
toestaat aan het AGB Hove.
Voorafgaande beslissing nr. 2010.047 dd. 30 maart 2010 bevestigt dat het renteloze karakter
van een lening die wordt verstrekt door een gemeente aan een AGB niet wordt aangemerkt
als een verkregen abnormaal of goedgunstig voordeel in hoofde van het AGB.
Argumentatie
Het meerjarenplan 2020-2025 van het AGB Hove werd goedgekeurd door de gemeenteraad
in zitting van 16 december 2019. Nadien werden nog verschillende aanpassingen aan
meerjarenplan doorgevoerd.
Het maximaal te realiseren investeringsbedrag 2025 werd bijgesteld tot 780.434,33 euro (uitgaven min ontvangsten).
De liquiditeitspositie van het AGB Hove laat geen integrale en onmiddellijke financiering van de transactiekredieten toe. Het is aangewezen dat de gemeente ter financiering een lening
toestaat aan het AGB Hove.
Voorafgaande beslissing nr. 2010.047 dd. 30 maart 2010 bevestigt dat het renteloze karakter van een lening die wordt verstrekt door een gemeente aan een AGB niet wordt aangemerkt als een verkregen abnormaal of goedgunstig voordeel in hoofde van het AGB.
Dienstjaar | 2025 |
Volgnummer actie | AC000014 |
Actie korte omschrijving | Uitgaven beheren als een goede huisvader |
Code beleidsveld / Code ARK | 0740/29030004 |
Omschrijving | Vorderingen wegens toegestane leningen |
Volgnummer (MJP) | MJP002006 |
Bedrag | 780.434,53 euro |
Kredietcontrole
Er is voldoende budget beschikbaar. |
Dienstjaar | 2025 t.e.m. 2055 |
Volgnummer actie | AC000014 |
Actie korte omschrijving | Uitgaven beheren als een goede huisvader |
Code beleidsveld / Code ARK | 0740/49430004 |
Omschrijving | Vorderingen wegens toegestane leningen die binnen het jaar vervallen |
Volgnummer (MJP) | MJP002005 |
Bedrag | 102.611,59 euro (in 2025) |
Kredietcontrole
Er is voldoende budget beschikbaar. |
BESLUIT: Goedkeuring leningsovereenkomst Gemeenten / AGB
eenparig aangenomen.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de leningsovereenkomst met het AGB goed, die toegevoegd
werd als bijlage, voor een maximaal bedrag van 780.434,53 euro.
Artikel 2
Afhankelijk van het bedrag dat effectief door de Lener wordt opgenomen (= effectief
gerealiseerde investeringen 2025), wordt de definitieve aflossingstabel opgesteld.
De gemeenteraad delegeert de goedkeuring van de leningsovereenkomst op basis
van de effectief gerealiseerde investeringen 2025 aan het college van burgemeester
en schepenen en dit voor maximaal het bovengenoemde bedrag.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Artikel 242. DLB 22/12/2017 tweede lid
De raad van bestuur stelt het meerjarenplan en de aanpassingen ervan vast en legt ze ter goedkeuring voor aan de gemeenteraad.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
Ministrieel besluit van 08/12/2023 tot wijziging van MB 26/06/2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen
De omzendbrief KBBJ/ABB 2025/* betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale volgens de beleids- en beheerscyclus.
Artikel 5 §2 van de statuten van het AGB vermeldt als maatschappelijk doel het beheer, de
exploitatie, de rendabilisering en de valorisering van infrastructuren bestemd voor sportieve
activiteiten of ontspanningsdoeleinden, die eigendom zijn van het AGB of onder haar beheer gebracht. Het AGB heeft als tweede doel het inrichten en organiseren van sport- en ontspanningsactiviteiten.
Artikel 29 §1 van de statuten van het AGB
Het directiecomité is belast met het dagelijks bestuur van het AGB, met de vertegenwoordiging met betrekking tot dat bestuur en met de voorbereiding en uitvoering van de beslissingen van de raad van bestuur, alsmede is het bevoegd voor alle materies die door de raad van bestuur worden gedelegeerd overeenkomstig artikel 22 van deze statuten.
Feiten en context
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Provinciedecreet van 9 december 2005 bepalen dat de meerjarenplannen van de lokale en provinciale besturen starten in het tweede jaar na de lokale verkiezingen en dat ze lopen tot het einde van het jaar na de daaropvolgende verkiezingen. Dat betekent dat de nieuwe lokale bestuursploegen in 2025 hun beleids- en financiële planning voor de komende jaren opmaken. De planning wordt beschreven en verankerd in het strategisch meerjarenplan voor de periode van 2026 tot en met 2031.
Het meerjarenplan werd opgemaakt binnen het regelgevend kader over de beleids- en beheerscyclus voor de lokale en provinciale besturen (BBC). Die regelgeving bepaalt de samenstelling en de minimale inhoud van het meerjarenplan. Voor de opmaak van het meerjarenplan 2026-2031 gelden er aangepaste regels, schema’s en rekeningenstelsels. Dat is een gevolg van twee uitvoeringsbesluiten over de BBC, die in 2023 zijn goedgekeurd om de lees- en bruikbaarheid van de beleidsrapporten voor gemeenteraadsleden te verbeteren.
Op basis van de huidige werking, de vaste kosten voortkomend uit de exploitatie, en de vooropgestelde investeringen werden door de diensten de berekeningen gemaakt die de basis vormen voor het nieuwe meerjarenplan 2026 - 2031 waarbinnen het AGB haar opdracht verder kan vervullen, namelijk het aanleggen van nieuwe accommodatie, het optimaliseren van de bestaande accommodatie en het voeren van een dagelijkse werking.
Adviezen
Het meerjarenplan werd positief geadviseerd door het managementteam van het lokaal bestuur.
Argumentatie
De gemeenteraad kiest ervoor om te rapporteren op actieniveau. In de strategische nota worden de prioritaire acties opgenomen.
Er zijn voor het AGB geen prioritaire acties.
Financiële samenvatting
Het meerjarenplan 2026 - 2031 van het AGB Sport en Ontspanning wordt goedgekeurd met de volgende cijfers:
2026 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 533.493 |
Autofinacieringsmarge: | 16.150 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 121.793 |
2027 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 536.017 |
Autofinacieringsmarge: | 9.709 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 113.642 |
2028 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 533.201 |
Autofinacieringsmarge: | 5.870 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 113.007 |
2029 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 532.125 |
Autofinacieringsmarge: | 11.110 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 140.768 |
2030 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 538.751 |
Autofinacieringsmarge: | 15.312 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 149.936 |
2031 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 588.996 |
Autofinacieringsmarge: | 58.930 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 191.850 |
BESLUIT: Vaststelling meerjarenplan 2026-2031 en kredieten 2026 AGB
eenparig aangenomen.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het meerjarenplan 2026 - 2031 & de vaststelling van de kredieten 2026 voor het AGB goed met de volgende cijfers:
2026 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 533.493 |
Autofinacieringsmarge: | 16.150 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 121.793 |
2027 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 536.017 |
Autofinacieringsmarge: | 9.709 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 113.642 |
2028 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 533.201 |
Autofinacieringsmarge: | 5.870 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 113.007 |
2029 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 532.125 |
Autofinacieringsmarge: | 11.110 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 140.768 |
2030 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 538.751 |
Autofinacieringsmarge: | 15.312 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 149.936 |
2031 | |
Beschikbaar budgettair resultaat: | 588.996 |
Autofinacieringsmarge: | 58.930 |
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge: | 191.850 |
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
De overeenkomst met statutaire draagkracht voor de interlokale vereniging Zora Werkt stelt in artikel 18 dat het budget en de jaarrekening (met daarbij een inhoudelijk jaarverslag) van de vereniging jaarlijks ter goedkeuring worden voorgelegd aan de raden van de deelnemende gemeenten en OCMW’s nadat het beheerscomité deze heeft vastgesteld.
Feiten en context
In navolging van het meerjarenplan van een lokaal bestuur wordt er een meerjarenplan opgemaakt voor ZORA Werkt voor de hele legislatuur (MJP 2026-2031). Daarnaast worden nog een aantal aanpassingen aan het huidige meerjarenplan doorgevoerd (AMJP 2025-1).
Het meerjarenplan van ZORA Werkt wordt opgebouwd volgens deze structuur:
1) Al de uitgaven die worden gedaan in het kader van ZORA Werkt worden gedragen door lokaal bestuur Mortsel. Het totaal van inkomsten en uitgaven wordt samen gerapporteerd in de jaarrekening en het meerjarenplan van ZORA Werkt. Dit betekent concreet dat de loonkosten van ATB’ers die niet op de payroll van lokaal bestuur Mortsel staan integraal (m.u.v. eventuele Sociale Maribelsubsidie) door de betrokken besturen aan Mortsel worden gefactureerd.
2) Elk jaar wordt er door ZORA Werkt een overzicht gemaakt van de totale inkomsten, uitgaven en resultaatsverdeling.
a. In geval van een overschot wordt dit overgedragen naar het volgende boekjaar.
b. In het geval van een gecumuleerd tekort (= tekort van het boekjaar – overgedragen overschot van vorig boekjaar) wordt er aan de deelnemende gemeenten een bijdrage gevraagd om tot een break-even situatie te komen.
Meer toelichting staat in de nota als bijlage.
Het meerjarenplan werd vastgesteld door het beheerscomité van Zora Werkt op 10 oktober 2025.
Voor Hove bedraagt de jaarlijkse bijdrage:
2025 25.953 euro
2026 26.258 euro
2027 30.893 euro
2028 30.456 euro
2029 32.507 euro
2030 29.240 euro
2031 29.663 euro
BESLUIT: Goedkeuring meerjarenplan 2026-2031 Zora Werkt!
eenparig aangenomen.
Enig artikel
Het meerjarenplan van Zora Werkt 2026-2031 (zie bijlage) wordt goedgekeurd.
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Volgende documenten vormen het juridisch kader voor onderhavige beslissing:
● decreet lokaal bestuur van 22.12.2017
● statuten IGEAN dienstverlening
● artikel 44 §2bis btw-wetboek
● de Circulaire nr. 127.540 van 12 december 2016
● het inwendig reglement van de zelfstandige groepering.
Feiten en context
Algemeen
IGEAN dienstverlening is een dienstverlenende vereniging overeenkomstig het decreet lokaal bestuur van 22.12.2017 die hoofdzakelijk actief is op het vlak van grondbeleid, vastgoed-transacties, woonbeleid, EnergieK Huis, ruimtelijke ordening, handhaving en omgeving. IGEAN dienstverlening verricht in dit kader handelingen ten aanzien van haar deelnemers, zonder beheersoverdracht.
IGEAN werkt hierbij ‘kostendelend’, waardoor de kosten van een bepaalde activiteit verdeeld worden over de lokale besturen die effectief gebruik maken van de betrokken activiteit.
IGEAN dienstverlening als zelfstandige groepering
Sinds 2021 treedt IGEAN dienstverlening voor een aantal activiteiten op als een zelfstandige groepering (cfr. artikel 44 §2bis van het btw-wetboek).
IGEAN is hierbij aan te merken als ‘een permanente belangengemeenschap die door rechtspersonen is opgericht met het oog op rationalisering en om de beheers- en exploitatiekosten te verminderen’.
IGEAN dienstverlening heeft de btw-administratie hiervan formeel in kennis gesteld aan de hand van het formulier 604B en bijhorende ledenlijst. Op deze ledenlijst staan alle deelnemers van IGEAN dienstverlening die aan te merken zijn als publiekrechtelijke instellingen die in principe niet btw-plichtig zijn. Deze opname houdt op zich geen enkele verplichting tot intergemeentelijke samenwerking in; het creëert enkel de mogelijkheid tot samenwerking.
Het inwendig reglement
De spelregels die gelden voor de intergemeentelijke samenwerking werden vastgelegd in het inwendig reglement van de zelfstandige groepering dat volgende artikels omvat:
Artikel 1 – algemeen
Artikel 2 – aard van de samenwerking
Artikel 3 – vergoeding van de dienstverlening
Artikel 4 – rechten en verplichtingen deelnemende vennoten/leden
Artikel 5 – rechten en verplichtingen IGEAN dienstverlening.
De samenwerking is gericht op het verlenen door IGEAN dienstverlening van noodzakelijke, ondersteunende diensten aan de lokale besturen bij de uitvoering van hun taken.
Het inwendig reglement werd goedgekeurd door de raad van bestuur van IGEAN dienstverlening van 28.04.2021 en werd ter kennisgeving voorgelegd aan de algemene vergadering van 25.06.2021. Het inwendig reglement blijft onveranderd van toepassing.
De activiteiten – projectfiches
IGEAN dienstverlening heeft verschillende projectfiches opgemaakt die telkens één activiteit van IGEAN dienstverlening beschrijven. Elke projectfiche bestaat uit volgende elementen:
Deze projectfiches moeten het mogelijk maken om met voldoende kennis van zaken te beslissen of en voor welke activiteit het lokaal bestuur beroep wenst te doen op IGEAN dienstverlening.
Elke projectfiche omschrijft duidelijk en transparant het concrete aanbod van IGEAN evenals de daarbij horende kostprijs en de wijze waarop deze kostprijs zal worden verdeeld over de verschillende deelnemers. De deelnemende vennoten/leden zijn niet verplicht om voor alle activiteiten beroep te doen op IGEAN dienstverlening.
Vandaag biedt IGEAN dienstverlening volgende activiteiten (projectfiches) aan in het kader van de zelfstandige groepering:
● Intergemeentelijke handhaving ruimtelijke ordening
● Intergemeentelijke werking lokaal woonbeleid
● Intergemeentelijke werking EnergieK huis (energie en klimaat)
● Intergemeentelijke werking aanwijzend schatter.
De duurzame samenwerking die in 2021 van start is gegaan, is gekoppeld aan de legislatuur + 1 jaar en eindigt bijgevolg op 31.12.2025. IGEAN heeft daarom nieuwe projectfiches voorbereid.
In zitting van 25.06.2025 heeft de raad van bestuur van IGEAN dienstverlening haar goedkeuring gehecht aan deze projectfiches met het aanbod voor intergemeentelijke samenwerking vanaf 1.01.2026. Het is nu aan de lokale besturen om hieruit een keuze te maken. Volgende activiteiten en bijhorende projectfiches worden voorgelegd aan de gemeenteraad:
● Intergemeentelijke handhaving ruimtelijke ordening én milieu
● Intergemeentelijke werking lokaal woonbeleid
● Intergemeentelijke werking EnergieK huis (energie en klimaat)
● Intergemeentelijke werking aanwijzend schatter
● Intergemeentelijke werking grondgebiedszaken
De gemeenteraadsbeslissing die voorligt heeft enkel betrekking op de activiteit ‘intergemeentelijke werking grondgebiedszaken’. De overige activiteiten maken het voorwerp uit van een aparte gemeenteraadsbeslissing.
De nieuwe intergemeentelijke samenwerking start op 1.01.2026. In uitvoering van het inwendig reglement is deze gekoppeld aan de legislatuur + 1 jaar om te eindigen op 31.12.2031.
Voordelen en voorwaarden van de zelfstandige groepering
Een intergemeentelijke samenwerking met IGEAN dienstverlening die optreedt als zelfstandige groepering heeft als voordeel dat de betrokken activiteiten binnen bepaalde krijtlijnen vrijgesteld worden van btw. Bovendien wordt deze samenwerking vermoed niet concurrentieverstorend te zijn.
De wetgeving overheidsopdrachten moet daarom in deze context niet door elk lokaal bestuur toegepast worden.
Om toepassing te kunnen maken van artikel 44 §2bis btw-wetboek gelden voor alle activiteiten volgende voorwaarden:
Er moet sprake zijn van een duurzame samenwerking tussen IGEAN dienstverlening en haar leden. Een ad hoc toe- of uittreding is niet toegestaan.
Aangezien de werking en het beleid van een lokaal bestuur in grote mate legislatuur-gebonden is, wordt de termijn van de samenwerking met IGEAN dienstverlening gekoppeld aan de legislatuur + 1 jaar.
De samenwerking is bovendien preferentieel, wat concreet betekent dat de deelnemende vennoten/leden bij voorrang een beroep doen op IGEAN dienstverlening voor de uitvoering van de betrokken activiteiten en dat IGEAN dienstverlening deze diensten bij voorrang aanbiedt aan de lokale besturen die hiervoor een duurzame samenwerking hebben onderschreven.
Een duurzame, preferentiële samenwerking moet het mogelijk maken deskundig personeel aan te trekken en te houden, wat de continuïteit van de dienstverlening ten goede komt.
De leden van de zelfstandige groepering moeten overwegend (meer dan 50%) activiteiten hebben die van btw vrijgesteld zijn of buiten het toepassingsgebied van de btw vallen.
Overeenkomstig artikel 6, eerste lid van het btw-wetboek worden gemeenten niet als btw-belastingplichtigen aangemerkt voor de werkzaamheden of handelingen die zij als overheid verrichten, ook niet indien zij voor die werkzaamheden of handelingen rechten, heffingen, bijdragen of retributies innen. Om dit te bevestigen zal er jaarlijks een btw verklaring ter ondertekening voorgelegd worden aan de betrokken deelnemers (bijlage 2 inwendig reglement).
Argumentatie
- Toelichting bij de huidige werking, het stappenplan en de verdere timing van de zelfstandige groepering op de Trefdag die IGEAN op 27.03.2025 georganiseerd heeft bij de start van de nieuwe legislatuur.
- Toelichting aan de raad van bestuur van 23.04.2025.
- Toelichting aan de financieel directeurs op 16.05.2025
- Toelichting aan de burgemeesters op 21.05.2025
- Beslissing van de raad van bestuur van 25.06.2025 waarmee de projectfiches goedgekeurd werden.
De dienstverlening in het kader van de zelfstandige groepering is steeds kostendelend.
In uitvoering van artikel 3 van het inwendig reglement worden de kostprijselementen van de intergemeentelijke samenwerking evenals de wijze van verdeling opgenomen in de projectfiches die per activiteit opgemaakt worden. De parameters die hierbij gelden evenals het aandeel hierin van elke deelnemer, kan per activiteit verschillen.
Per activiteit wordt een intergemeentelijk team samengesteld. Specifiek voor de activiteit ‘intergemeentelijke werking grondgebiedszaken’ zullen per project één of meerdere leden van dit team ingezet worden, afhankelijk van de benodigde expertise voor het succesvol opleveren van het betreffende project. De samenstelling van het intergemeentelijk team grondgebiedszaken, op datum van 20.06.2025, is toegevoegd als bijlage aan de projectfiche grondgebiedszaken.
Alle aangeboden diensten worden steeds op een projectgebonden kostendelende basis aangerekend. De kostprijs van de dienst wordt bepaald aan de hand van de kostprijs van de uren gepresteerd door de betrokken werknemer, vermeerderd met 30% ter doorrekening van het aandeel in de algemene kosten.
Hierbij wordt een gedifferentieerd standaarduurtarief toegepast:
● Teammanager grondgebiedszaken
● Programmacoördinator
● Projectcoördinator
● Projectteamlid (expert)
● Projectteamlid (consulent)
Jaarlijks wordt aan de raad van bestuur een voorstel van nieuwe standaarduurtarieven ter goedkeuring voorgelegd.
Indien de deelnemende vennoten/leden gebruik wensen te maken van één of meerdere diensten uit het à la carte menu, zal IGEAN steeds vooraf een raming maken van de te verwachten tijdsbesteding. IGEAN zal op regelmatige basis een overzicht bezorgen van de reeds gepresteerde uren en de nog te verwachten uren zodat de betreffende vennoten/leden maximaal geïnformeerd worden.
Indien de deelnemende vennoten/leden hebben ingetekend op de dienstverlening ‘programmaregie’ en een welbepaald programma willen opstarten, zal IGEAN eerst een haalbaarheidsstudie opmaken waarbij enkele mogelijke scenario’s naar ruimtelijke kwaliteit en financiële haalbaarheid worden afgetoetst. Op die manier kan de scope van het programma, waarbinnen IGEAN werkt, afgebakend worden. IGEAN zal een lastgevingsovereenkomst met programmanota opstellen waarin de doelstelling van het programma wordt omschreven met bijhorende stappen die IGEAN zal opnemen om deze doelstelling te behalen. IGEAN zal hierbij een planning en kostenraming opstellen, die gedurende het proces worden opgevolgd en bijgestuurd indien nodig. Voor deze, vaak complexe, programma’s zal IGEAN een vaste overlegstructuur in de vorm van een stuurgroep voorzien. Op elke stuurgroep zal IGEAN een financieel overzicht bezorgen zodat de gemeente maximaal geïnformeerd is.
Kostenramingen voor projecten waarvan verwacht wordt dat de uitvoering ervan over verschillende jaren zal lopen, worden opgesteld op basis van de voor het werkingsjaar geldend standaarduurtarief, maar worden geïndexeerd met het oog op de latere doorrekening.
Na voltooiing van de diensten wordt het project doorgerekend aan het lokaal bestuur op basis van de werkelijk gepresteerde uren.
De geleverde diensten zullen jaarlijks afgerekend worden per project en per gemeente.
BESLUIT: Verlenging zelfstandige groepering Igean
eenparig aangenomen.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van de projectfiche ‘intergemeentelijke werking grondgebiedszaken’ en bijhorende bijlage met het concrete aanbod van IGEAN dienstverlening in het kader van de zelfstandige groepering (bijlage 1 bij het inwendig reglement) die uit volgende onderdelen bestaat:
1. Voorwerp van de opdracht
2. Het concrete aanbod van IGEAN
3. De kostprijselementen en de wijze van verdeling (parameters)
4. Uurtarieven 2026
Artikel 2
De gemeenteraad wenst beroep te doen op IGEAN dienstverlening die optreedt als zelfstandige groepering, voor de activiteit Intergemeentelijke werking grondgebiedszaken. De gemeente onderschrijft volgende ondersteuning (verplicht keuze(s) aankruisen):
(Graag alle aangeboden diensten uit het à la carte menu overlopen en kruisjes zetten bij de gekozen diensten. Indien u (ook) gebruik wenst te maken van de dienst Programmaregie, gelieve dan ook deze optie apart aan te kruisen.)
● Keuze uit het à la carte menu:
°Strategische ondersteuning
● strategisch patrimonium onderzoek
● vastgoedstrategie
° Vastgoedtransacties
● onderhandelingen
● opmaak akten
● opmaak rooilijn- en onteigeningsdossiers
● verkoop van gronden en panden
° Ruimtelijke planning
● ruimtelijke beleidsplanning en voorstudies
● RUP’s
● stedenbouwkundige verordeningen en niet-verordenende instrumenten
● ondersteuning omgevingsdiensten
● kwaliteitskamer
°Technische dienstverlening
● ontwerp van infrastructuurprojecten
● werfopvolging van infrastructuurprojecten
● werfopvolging van bouwprojecten
● technisch projectmanagement bij infrastructuurprojecten
● technisch projectmanagement bij nieuwbouwprojecten
● technisch projectmanagement bij renovatieprojecten
● technisch projectmanagement bij afbraakprojecten
° Programmaregie
Artikel 3
De intergemeentelijke samenwerking met IGEAN dienstverlening -die optreedt als zelfstandige groepering- neemt een aanvang op 1.01.2026.
Artikel 4
IGEAN dienstverlening zal de diensten jaarlijks afrekenen per project en per deelnemer.
Artikel 5
Een ondertekend exemplaar van deze beslissing zal digitaal bezorgd worden aan IGEAN dienstverlening.
Amendement 2 - schrapping vestigingspremies huisartsen en tandartsen - verworpen Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Anke Dehuisser Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Kaat Van Hecke Diederik Vandendriessche Luc Vuylsteke de Laps Jos Peeters Tyson Kouraichi Anke Muylle Marie Misselyn Sofie Lemmens Veerle D'Haene Gerda Lambrecht Bart Van Couwenberghe Tamara Lecoutre Troucheau Thierry Lens Katty Huybrechts Michael Serrien Lenn De Cleene Nitish Chatterjee Dave Van den Bergh Sandra Maes aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 12 Verworpen
Amendement 3 - opname fietsveiligheid in meerjarenplan - verworpen Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Anke Dehuisser Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Kaat Van Hecke Anke Muylle Jos Peeters Luc Vuylsteke de Laps Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Marie Misselyn Sofie Lemmens Nitish Chatterjee Lenn De Cleene Bart Van Couwenberghe Thierry Lens Gerda Lambrecht Veerle D'Haene Katty Huybrechts Tamara Lecoutre Troucheau Michael Serrien Sandra Maes Dave Van den Bergh aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 12 Verworpen
Amendement 1 - indexering subsidies - verworpen Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Anke Dehuisser Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Tyson Kouraichi Kaat Van Hecke Marie Misselyn Diederik Vandendriessche Anke Muylle Jos Peeters Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Michael Serrien Tamara Lecoutre Troucheau Veerle D'Haene Dave Van den Bergh Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Lenn De Cleene Sandra Maes Thierry Lens aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 12 Verworpen
Vaststelling meerjarenplan 2026-2031 - aangenomen Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Anke Dehuisser Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Sandra Maes Tamara Lecoutre Troucheau Luc Vuylsteke de Laps Bart Van Couwenberghe Marie Misselyn Thierry Lens Kaat Van Hecke Jos Peeters Diederik Vandendriessche Tyson Kouraichi Katty Huybrechts Nitish Chatterjee Michael Serrien Anke Muylle Dave Van den Bergh Veerle D'Haene Lenn De Cleene Gerda Lambrecht Sofie Lemmens Bart Van Couwenberghe Sandra Maes Sofie Lemmens Lenn De Cleene Katty Huybrechts Tamara Lecoutre Troucheau Thierry Lens Gerda Lambrecht Veerle D'Haene Michael Serrien Dave Van den Bergh Nitish Chatterjee Tyson Kouraichi Diederik Vandendriessche Anke Muylle Luc Vuylsteke de Laps Jos Peeters Marie Misselyn Kaat Van Hecke aantal voorstanders: 12 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 7 Goedgekeurd
Zitting van 16 december 2025
Juridische achtergrond
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur (artikel 249-275).
Artikel 249§1 en §3 van dat decreet stelt dat de meerjarenplanning van gemeente en OCMW en geïntegreerd geheel vormen en dat elke raad stemt over haar deel van het meerjarenplan.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
Het ministerieel besluit van 8 december 2023 tot wijziging van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
De omzendbrief KBBJ/ABB 2025/* betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale volgens de beleids- en beheerscyclus.
Feiten en context
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Provinciedecreet van 9 december 2005 bepalen dat de meerjarenplannen van de lokale en provinciale besturen starten in het tweede jaar na de lokale verkiezingen en dat ze lopen tot het einde van het jaar na de daaropvolgende verkiezingen. Dat betekent dat de nieuwe lokale bestuursploegen in 2025 hun beleids- en financiële planning voor de komende jaren opmaken. De planning wordt beschreven en verankerd in het strategisch meerjarenplan voor de periode van 2026 tot en met 2031.
Het meerjarenplan werd opgemaakt binnen het regelgevend kader over de beleids- en beheerscyclus voor de lokale en provinciale besturen (BBC). Die regelgeving bepaalt de samenstelling en de minimale inhoud van het meerjarenplan. Voor de opmaak van het meerjarenplan 2026-2031 gelden er aangepaste regels, schema’s en rekeningenstelsels. Dat is een gevolg van twee uitvoeringsbesluiten over de BBC, die in 2023 zijn goedgekeurd om de lees- en bruikbaarheid van de beleidsrapporten voor gemeenteraadsleden te verbeteren.
Adviezen
Het meerjarenplan werd positief geadviseerd door het managementteam van het lokaal bestuur.
Argumentatie
De gemeenteraad kiest ervoor om te rapporteren op actieniveau.
In de strategische nota worden de prioritaire acties opgenomen.
Volgende acties worden als prioritair beschouwd:
AC000004 We renoveren de site van het gemeentehuis met aandacht voor toegankelijkheid en klantgerichtheid van het gemeentehuis, de gemeentelijke diensten en het bestuur door de loketomgeving te optimaliseren, duidelijke aanspreekpunten te voorzien en extra aandacht te besteden aan privacy en comfort. We nemen hierin ook de buitenaanleg van de site op met heraanleg van groen infrastructuur en een verbeterd ecologisch waterbeheer
AC000032 We voeren een rioleringsproject uit in de Beekhoekstraat in 2026
AC000037 We voeren een volledige heraanleg uit en vergroenen en ontharden de Molenstraat in 2027
AC000043 We voeren een rioleringsproject uit in de Elzenstraat in 2028
AC000055 We optimaliseren de fietsostrade F1 (Kasteelstraat, Hoverheide en Verbindingsstraat) in 2026
AC000070 We versnellen de afwerking van het Gemeentelijk Beleidsplan Ruimte (GBR)
AC000073 We investeren in de opmaak en uitvoer van het Landinrichtingsproject (LIP) Antwerpse Zuidrand
AC000099 We zetten ons in om de sociale verhuring van private wooneenheden via Thuisrand te versterken
AC000113 We onderzoeken, na het kerntakendebat, of de voorziene financiële mogelijkheden toereikend zijn om een bouwproject voor het dienstencentrum te realiseren zodat het bestuur een beslissing kan nemen over het te realiseren project
AC000118 We werken een integraal beleidsplan uit dat de samenwerking tussen onderwijs, kinderopvang, buitenschoolse activiteiten, jeugdbeleid, sportbeleid en cultureel beleid versterkt (BOA-beleid)
AC000120 We bouwen een nieuwe Markgraaf, maken van het Kerkplein een levendig dorpsplein en vergroenen het St.-Laureysplein
AC000210 We zetten het traject rond de toekomst van de Albrecht Rodenbachschool verder
Debat
Amendement 1 - indexering subsidies
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Net zoals belastingen en prijzen waar een automatische indexering toegevoegd wordt, vragen we dat ook toe te passen op de subsidies van de Hovese verenigingen. Volledig volgens dezelfde quota die bij de anderen gebruikt worden. Dat is het amendement dat wij neerleggen.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): De indexering is niet voorzien omdat we jaarlijks willen bepalen wat het bedrag is. We hebben de bedragen verhoogd en we gaan daar telkens een bedrag voor verhogen.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Het is een pot die voorzien is?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): In de loop van 2026 gaan we een ei leggen hoe we dit gaan doen.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Dus de pot kan nog stijgen of dalen?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Klopt.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Dat is spijtig, want voor al de rest doen we dat wel. Dus jullie stemmen niet mee?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Inderdaad.
Lenn De Cleene (N-VA): Deze legislatuur staat al een verhoging ingeschreven van 33%, ik weet niet hoe ver de index stijgt, maar dat is nog geen 33%. Het kan dat we nog verhogen in de toekomst. We hebben nog een laatste participatiemoment gedaan en we staan op het punt van te landen met een nieuw voorstel. In het verlengde daarvan zal dit in een volgende aanpassing van het meerjarenplan ook een aanpassing vereisen.
Anke Muylle (Hove Beweegt): Het kan ook een verlaging zijn?
Lenn De Cleene (N-VA): Het is niet mijn betrachting om subsidies af te nemen.
Amendement 2 - schrapping vestigingspremie huisartsen / tandartsen
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Als het geen kerntaak is om je bezig te houden met een LOI, is het zeker geen kerntaak om ons bezig te houden met vestigingspremies. Dit is een amendement om deze actie te schrappen.
Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!): Ik denk dat je dan eerst de cijfers correct moet leren interpreteren. In juni 2024 is een van de grootste praktijken van Hove gestopt, zonder overname, waardoor 3.600 patiënten - waarvan de helft Hovenaars - zonder huisarts kwamen te zitten. Er was quasi overal een patiëntenstop, op één praktijk na. Het merendeel is opgenomen in praktijken in Kontich, waar een half jaar dan de mensen van Kontich geen plek meer vonden. In de huisartsenregio Mortsel bekijken wij elke bestuursraad wat de nood is. Alle patiënten worden aangemeld bij onze kringcoördinator die een huisarts zoekt, maar als er bij iedereen een patiëntenstop is, wordt dat problematisch. Voorlopig zijn er nieuwe collega's opgestart, voornamelijk in Mortsel. De artsen van Hove hebben een stratenplan uitgewerkt zodat iedereen terechtkan. Tandartsen zijn eens zo problematisch. Toegankelijk maken van eerstelijnszorg is wel degelijk een kerntaak, zeker gezien de vergrijzing.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): We gaan een vestigingspremie geven.
Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!): We gaan dat onderzoeken.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Dan draaien we rondjes en doen alle gemeenten dat.
Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!): Dat kan voor jonge collega's wel stimulerend zijn om een praktijk te starten in de gemeente. Ze settelen zich op beschikbaarheid van ruimte en betaalbaarheid.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Ik denk dat we een tandje moeten bijsteken en dat we dat moeten faciliteren - je zou verschieten hoeveel mensen een tandarts buiten Hove hebben.
Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove): Je gaat zo een vorm van regionale competitie uittekenen. Het voorbije jaar zijn er meerdere projecten goedgekeurd, waarvan ik geen enkel element zie van sociale last in die richting. Zijn we een stuk verpakking aan het doen van het probleem om binnen 1 / 2 jaar te landen, maar niet per sé op deze oplossing?
Amendement 3 - fietsveiligheid
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Het stukje Dumortierstraat / brug staat niet expliciet vermeld in het meerjarenplan. Is die 400.000 euro die voorzien is ook mee voor dat stuk of niet? Als het niet is, is dit het moment om dat nu toe te voegen. Onder meer op basis van de staat van de straat, dan zien we dat de Vredestraat onvoldoende scoort op vlak van wegdek en voetpaden. Er is geen fietspad. Dat staat niet in de staat van de straat. Dat zou kunnen samenhangen met het mobiliteitsplan. Zolang er geen fietsvoorzieningen zijn, is de heraanleg een prioriteit. Dat is een as waar veel doorgaand verkeer is. Op basis van wat is de keuze van de straten gebeurd? We hebben het gevoel dat het eigen straat eerst is. We stellen voor dat de Dumortierstraat volledig wordt heraangelegd zodat elk kind veilig naar school kan fietsen - en voor de Vredestraat ook in samenwerking met de gemeente Kontich.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Molenstraat, Beekhoekstraat en Vredestraat hebben goede riolering. In Kontich staat dat in het vizier voor volgende legislatuur. Bovendek wel, want plannen met Aquafin, dan staan we 10 jaar verder. Voor de riolering moet je een onderscheid maken: onze diensten zijn het ook beu om putjes te vullen - dat is duurder dan afschrapen en een nieuwe bovenlaag leggen. De saneringsbijdragepot is bijna op. In de cijfers kan je zien dat we ook de Elzenstraat erbij nemen. Je moet een onderscheid maken tussen werken met Aquafin. Wat betreft wie kent wie: we hebben gekeken dat er in elke wijk van Hove straten worden aangepakt. Iedere inwoner is voor ons evenwaardig, ook al woon je in een minder drukke straat. In de fiches zie je dat deze werken nog 20 jaar kunnen doorlopen. Daar is een personeelslid een heel jaar mee bezig geweest om dat te documenteren. We hebben daar een selectie van gemaakt. We hebben ook bekeken welke straten we verkeerstechnisch aan elkaar kunnen koppelen. Het is soms beter om omliggende straten erbij te nemen. Het is meer dan we op één legislatuur kunnen doen, dus dit is een shortlist.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Er staat: we richten de brug aan de Dumortierstraat opnieuw in. Het stuk van beneden aan de brug en Geelhandlaan wordt dat gedaan? Dat wil ik wel weten waar het er in staat?
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Dat zit bij in dat project.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Dan is het goed dat dit erbij komt te staan.
Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove): Dat heeft misschien een hogere prioriteit dan een nieuwe toplaag in de Kapelstraat. Zitten wij hier niet in een virtueel verhaal te ploeteren zoals in de raadscommissie gesproken is over de staat van de straat en het masterplan. Vorige legislatuur is de afspraak gemaakt dat de significante opbrengst van GAS5-boetes gekoppeld werd aan ingrepen gericht op verkeersveiligheid. Ik mis een stuk die prioriteit, dat is meer een financieringsfonds openbare werken aan het worden. Met die grote bezorgdheid wat gebeurt er indien in 2026 en 2027 en hopelijk later ook dat als er minder inkomsten zijn, dan stort het masterplan ineen als een papieren huisje. Dan is dat einde verhaal of een zware instorting.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Ik denk dat het uw interpretatie is. De bedragen die er nu tegenover staan - in het centrum zijn er ook een aantal 100.000-en euro's voorzien.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Over de Vredestraat hebben we een duidelijk antwoord gehad. En Geelhandlaan - brug Dumortier?
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Het is de bedoeling in overleg te gaan.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): We zouden in het amendement willen focussen op het volledig heraanleggen van de gehele Dumortierstraat.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Aquafin gaat daar niet in mee. Wij zijn een van de enigte gemeentes die bij Water-link op nul staan met de saneringsbijdrage. De bovenlaag is niet de volledige heraanleg.
Meerjarenplan
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Hove heeft meer liefde nodig was uw verkiezingsmotto, burgemeester. Van die liefde schiet maar weinig over. De stilstand in de vorige legislatuur was geen goed beleid, maar nu investeert u in stenen en niet in mensen. Hove is bijna schuldenvrij - een unieke kans. We stellen ons vragen bij het voorziene budget van 2,9 miljoen voor De Markgraaf. Daar had echt een kans geweest om alle diensten te centraliseren. Het gemeentehuis kan dan een plek voor cultuur en sport zijn, perfect gelegen in het gemeentepark. Een plek waar de scouts iets kunnen doen, de heemkundige kring, waar tentoonstellingen en activiteiten kunnen georganiseerd worden. We pleiten al jaren voor een project rond De Markgraaf - het project is té krap gebudgetteerd. Zorg voor een duidelijke visie met centrale dienstverlening in het hart van ons dorp. Nu zullen de kosten sterk oplopen of niet degelijk worden uitgevoerd. Waar zal de kunstacademie zitten tijdens de werken? Zaken waar er een aantal maanden geleden nog geen antwoord op was. De nieuwe wind is amper een kil zomerbriesje. Het investeringsbeleid zet zich ook voort in de wegenwerken. We missen een objectief criterium en een visie. De ramingen lijken systematisch onder gebudgetteerd. Wie werd er geconsulteerd om deze bedragen op te lijsten? De grootste gemiste kans is dat wij nergens budget vinden voor fietsveiligheid. Dat gaat over investeren in de veiligheid van Hovese kinderen. Er is geen budget voor aanleg van een essentiële as zoals de Vredestraat, veiligheid schoolomgevingen. Verkiezingsasfalt is belangrijker. U beloofde belastingen te laten dalen naar 7%, dat gebeurt niet. Participatie centraal zetten - en u schrapt de budgetten van de adviesraden. U beloofde dat Hove geen extra bouwprojecten nodig had en u blijft investeren in bouwprojecten. U beloofde te investeren in het Hovese gemeenschapsgevoel, maar u zet het LOI stop. U voorziet geen budget voor vrijwilligerswerking, en bespaart op ontwikkelingssamenwerking en u zet de werking van het JOC stop. Binnen een paar maanden zullen we hier spreken over hangjongeren. En dat om te investeren in extra camera's. Is er zelfs een visie rond het jeugdhuis? We zij blij met de bijkomende investeringen in het dienstencentrum, de werkingsmiddelen voor verenigingen. Hoe kunnen we volhouden dat Hove meer liefde nodig heeft? Wij voelen uw liefde voor ons dorp niet.
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): Ik ben blij dat je mijn slogan niet vergeten bent. Dat we niet investeren in mensen, maar in stenen. We investeren in stenen voor de mensen. Voor het gemeentehuis kunnen we volgende maand starten. Zonder de mensen die daar zitten, werkt het niet. Hoe lang wachten we al op dat kasteel? Een mooie lightversie die proper en toegankelijk is. De Markgraaf - over die prijs kunnen we eeuwig discussiëren. De prijzen vroeger waren overdreven. Als je een bouwprijs voor 2.200 euro per m² hanteert voor luxueuze appartementen. Wij zitten met een bouwprijs van 1.700 euro per m². Met een footprint van 500m en met een verdiep erop zit je aan die 3 miljoen. Daar kan je een mooi gebouw voor maken. Dat invullen doen we voor de mensen. Wij gaan daar de bib zetten, een deel van de school en nog andere verenigingen. We leggen de puzzel nog wie daar allemaal een plaats kan hebben. We moeten een rotatie maken voor de mensen die daar zitten. Die planning zijn wij ook al aan het bedenken. We hopen binnen 2 jaar een eerste steen te leggen. Over de straten kunnen we eeuwig discussiëren - de lijst is lang. Misschien moeten wij nu alle shit opkuisen en alles in orde zetten. De straten zijn verdeeld over de wijken zodat iedereen nieuwe straten krijgt. De 2,6 miljoen voor de site gemeentehuis is besproken met de architecten. Wij willen binnen 5 jaar trots kunnen zijn op onze gebouwen.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): En de fietsveiligheid? Ik zie bij weinig fietspaden staan dat ze onvoldoende zijn, maar dat is ook omdat ze er niet zijn. Een objectief criterium zou bijvoorbeeld wel kunnen zijn hoeveel mensen door een straat fietsen.
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): Verkeersveiligheid voor een fietser: het is belangrijk dat een straat plat is - dan kan je bochten maken en bankjes zetten, maar elke keer een put ontwijken is ook verkeersveiligheid.
Anke Muylle (Hove Beweegt): Is dat uw persoonlijk mening? Of van de Fietsersbond? Want plat, dan kan de wagen net sneller rijden.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): De fietspaden worden ook meegepakt. Ook situaties zoals een fietspad dat eindigt op een voetpad met een paal ervoor. Zelfs als er maar 6 inwoners zijn in die straat.
Kaat Van Hecke (Hove Beweegt): De staat van de straat is een goed item, maar als er geen fietspad is, dan wordt dat niet opgenomen. Het is ook belangrijk om te kijken naar het aantal fietsers dat door bepaalde straten gaat. Er is ergens een criterium gemist.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Er zijn vrij veel mensen komen kijken naar de voorstelling voor de Kasteelstraat en die waren zeer positief.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Het punt rond De Markgraaf en vergroening is nog nooit toegelicht hier. Wat is het startschot dat gegeven is?
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): Gisteren is gestart met de werkgroep. We bekijken ook om meer gebruik te laten maken van het plein - nu is het maar de kerk met een parking. Wij willen daar meer liefde in steken. We gaan niet snijden in de parking, want dat is belangrijk voor de handelaars. Het Sint-Laureysplein gaat vergroenen, net zoals het kerkplein.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Dat zit mee in de 2,9 miljoen?
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): Wij kunnen ook altijd met dat budget schuiven.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Hoe gaan we werken met de architectuurwedstrijd? Welke takken gaan we behouden van de academie? En is er een mogelijkheid tot centrale dienstverlening in De Markgraaf?
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): Ik geloof niet in een centrale dienstverlening. Je moet maar om de 3 of 4 keer per jaar naar het gemeentehuis - om daar de beste plaats te gebruiken voor iets waar je niet zo vaak moet zijn, ik geloof niet dat de diensten daar moeten zijn. We moeten wel een mobiel loket hebben om naar het rusthuis te gaan. Die kunnen ter plaatse geholpen worden. Anderen kunnen beter in het centrum zitten.
Die architectuurwedstrijd is ook bekeken en we gaan adviezen vragen aan iedereen die participeert aan het project.
Lenn De Cleene (N-VA): Een gemeente zoals Hove zet niet elke zes jaar een gebouw en zeker niet van die magnitude. Dat heeft ook de nodige voorbereiding nodig en de nodige stappen. We leven niet op een eiland: we moeten misschien eens kijken wat er van overlap is van cursussen met bijvoorbeeld Borsbeek en andere gemeenten. Het is nuttig te bekijken hoe we in symbiose kunnen gaan. Die kunstacademies lopen daar in eerste instantie niet warm voor. De gesprekken moeten nog concreet gevoerd worden. In het verlengde daarvan: er is een werkgroep die zich over de bouwtechnische zaken bekommert. Er is er ook nog ééntje over de invulling. Wat is er al afgeklopt: bibliotheek, academie,… samen met de betrokken ambtenaren bekijken we dit verder. Waarom we gekozen hebben voor het dorpsplein is omdat we overtuigd zijn dat de kunstacademie en de bibliotheek een grote sociale functie hebben. We hebben een vrij verouderde bevolking, dat kan een drempelverhogend effect hebben om voor sociale functies naar de site van het gemeentehuis te moeten gaan, dan eigenlijk in het dorpscentrum waar heel wat zaken omhanden zijn.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): De kern van de vernieuwing is wel de keramiekafdeling: welke keuze maken we en welke technische voorzieningen worden ingebouwd? Dat kunnen we niet scheiden.
Lenn De Cleene (N-VA): Dat zijn parallelle sporen die elkaar kruisen, maar het is ook goed om te kunnen dromen, want het zijn projecten die niet elk jaar uit de grond springen. En dan moeten we naar een bottleneck gaan die haalbaar en betaalbaar is.
Marie Misselyn (Hove Beweegt): Het is duidelijk dat er wordt bespaard op de bibliotheek. Het aantal actieve leners stijgt - de bib is meer dan een boek ontlenen, het is een aantrekkingspunt voor Hovenaars die warmte en gezelschap zoeken en voor wie de stap naar het dienstencentrum te groot is. Studenten komen er studeren en ze geven daar toegang tot Daisyluisterboeken. Waarom wordt er dan bespaard en zal de bib het met 28.000 euro minder moeten doen? Waar gaan we die besparingen uitvoeren? Welk criterium hanteren we hierbij en wie bepaalt die? 51.000 euro is het saldo, in het vorig jaar is dat 80.309 euro.
Lenn De Cleene (N-VA): Ik vermoed dat dit over de collectie gaat en daarboven - ik kijk naar de financieel directeur.
Suzy Mariën (wnd. Financieel directeur): Er zijn aanpassingen geweest bij de opmaak van het meerjarenplan: we hebben getracht om overheadkosten af te splitsen en die op een globaal beleidsveld te zetten zoals een kopieermachine, een bankcontactterminal. U gaat daar met het vorig meerjarenplan verschillen op vinden omdat de overheadkosten eruit gehaald zijn. Ik kan me niet herinneren dat er budgetten voor de bibliotheek naar beneden gehaald zijn.
Marie Misselyn (Hove Beweegt): Maar dan is mijn vraag nog niet beantwoord: wat zit erin en wat is eruit?
Anke Dehuisser (algemeen directeur): We zijn voor de start van dit meerjarenplan uitgegaan van de jaarrekeningcijfers van de voorbije jaren. Dat is een oefening die weintern gemaakt hebben. We hadden budgetten die uitgesplitst zaten op verschillende acties, waardoor je op het einde van het jaar vaststelde dat je met veel acties zat waar nog een klein restbudget zat dat ongebruikt werd. Dat bedrag gaf lucht in je meerjarenplan van ingeschreven budget en moest ook aan inkomstenzijde voorzien worden. We hebben die acties samengevoegd. Er is geen bewuste vermindering geweest van budgetten. Het is eerder de lucht eruit halen, het is gewoon efficiënter gebudgetteerd.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): De overheadkosten van 28.000 euro zijn vrij veel voor een bibliotheek, ik kijk bij actie 90. De bib heeft een diverse collectie en organiseert activiteiten en bouwt een digitale collectie uit. Als daar geen medewerker in zit, dan moet daar toch een groot overschot in zijn of budget uitgehaald zijn.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Er was een overschot van 100.000 euro. De lucht is uit het budget gehaald, we zijn verdergegaan op de rekeningcijfers. Je bent appelen met peren aan het vergelijken. Er is geen vermindering van de uitgaven.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Dan wou ik graag weten hoeveel er over was?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Dat kan je zien in de rekeningcijfers van elk jaar.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Nog 2 punten rond ruimte en mobiliteit. Qua ruimte zijn er twee RUP's voorzien. Telkens 50.000 euro, vermoedelijk voor de opmaak. Weten we al over welke RUP's dit gaat?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Wij denken dat we met bepaalde zones iets moeten doen, maar het is te vroeg om hierover te praten. Wij vermoeden dat we er twee moeten opmaken.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Inzake het inzetten op verschillende zones: Coveliers Noord en Zuid - nu zetten we in op behoud van het park, maar bij die acties staat er nergens budget. Er ging ook budget uitgetrokken worden voor planschade. Er staat 0 euro tegenover behoud. Thuisrand is eigenaar en die gaan willen bouwen. Als u daar niet wil laten bouwen, moet daar geld tegenover staan.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Ik ga het niet hebben over de Thuisrandsituatie. Er wordt 1 miljoen euro voorzien om de zuidkant van onze gemeente te vrijwaren tot en met een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Dat is het landinrichtingsproject van de Vlaamse overheid. Daar liggen nog bouwgronden - daar moet er planschade betaald worden. Dat zal niet door Vlaanderen vergoed worden, maar moet door de gemeenten betaald worden.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Dat is een ander debat. Dat er geen middelen zijn klopt niet, er is 1 miljoen euro voorzien. Discussies over het ruimtelijk beleidsplan gaan we nu niet voeren.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Gaat dat miljoen volstaan voor de planschade? Zeker als u de andere zones nog vermeldt, het LIP ligt niet in Coveliers-Noord waar een verkavelaar ligt te wachten.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): De middelen voor dat project zijn 1 miljoen euro.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Vroeger was er sprake om het mobiliteitsplan uit het ruimtelijk beleidsplan te halen. Hier lezen we dat ook af en toe. Enerzijds wordt dat uitgespreid over alle jaren van de legislatuur. Anderzijds lezen we ook actiepunten waarbij er al in 2027 naar het mobiliteitsplan wordt verwezen dat dan al gerealiseerd is in 2026. Wordt dat volledig losgekoppeld? Wordt daar een studiebureau op gezet?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Dat is volledig doorgesproken met de diensten - hoe we dat gaan aanpakken. We willen een mobiliteitsplan maken dat ook intergemeentelijk een visie heeft. Is dat voor de zomer van 2027? Wij denken van wel.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): In actiepunt 60 zegt u letterlijk: we maken een fietsvriendelijke gemeenten met locaties voorzien in het mobiliteitsplan - dan moet dat er al wel liggen.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Dat is onze ambitie.
Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt): Met onze diensten of extern?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Extern.
Kaat Van Hecke (Hove Beweegt): Ik ben nog eens gaan lezen: inspraak en overleg zijn voor ons belangrijk als structureel onderdeel van het beslissingsproces. Ik lees: we responsabilisering de adviesraden. We betrekken burgers door in te zetten. Daar staat 100 euro in. Wat zijn de tools die we gaan aankopen?
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Er is een grote discrepantie tussen 120 miljoen en 100 euro. Samen met het meerjarenplan was het onmogelijk om een volledig kerntakendebat te voeren, dat betekent dat er een verfijning komt einde 2026. De hoorzittingen zijn er.
Kaat Van Hecke (Hove Beweegt): Wat betreft de Kievietslaan: dat is niet gratis? Uw meerjarenplan is een weerspiegeling van onze intenties in de gemeente.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Dat project hangt nog vast aan een ander traject dat we aan het uitfaseren zijn. Pas daarna kunnen we dat in het meerjarenplan opnemen. Dat is voor volgend jaar.
Anke Muylle (Hove Beweegt): We investeren in een stofzuiger, het witte tornado-project. Wat is dat hier? Mensen of een stofzuiger?
Bart Van Couwenberghe (N-VA): De stofzuiger is wit en hij kan spuiten onder hoge druk. Dat gaat een van de eerste aankopen zijn in januari.
Anke Muylle (Hove Beweegt): Dan is het geen project?
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Jawel, we spreken met de ploegbazen ook af rond planning.
Anke Muylle (Hove Beweegt): Er staan veel subsidies op het spel. We kunnen 38.000 euro subsidie krijgen voor zwerfvuilbeleid. Het is nu enkel en alleen een aankoop van een stofzuiger. En niet inzetten op het verengingsleven die kunnen ondersteunen in het afvalbeleid.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): We hebben ook een overeenkomst met Mooimakers. Die stofzuiger is een surplus. We gaan ook acties opzetten in de wijken. We zetten mensen in de bloemetjes. Er lopen vrijwilligers rond om vuil op te halen. Dit is iets supplementair. Een groot bedrijf heeft zelfs een groot evenement gedaan om met 40 man door het Frijthout te gaan met een zak.
Anke Muylle (Hove Beweegt): Deze zijn uit de Europese subsidies. Daar kunnen wij op intekenen, dat is niet van Mooimakers.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Dat is vers van de pers, dat is nog geen jaar geldig. Onze
beleidsmedewerker houdt zich bezig met de Subsidiewijzer en gaat daar uiteraard ook in
kijken.
Jos Peeters (Fan van Hove): In dit agendapunt staan ook 12 prioriteiten. Merkwaardig: in het besluit staan er geen 12, maar 11 prioriteiten. Dat is dan aan te passen neem ik aan. De subsidie voor de renovatie van het kasteel? Dat bedrag van 460.000 euro, waar komt dat vandaan?
Anke Dehuisser (algemeen directeur): Dat is de inschatting die we nu maken wat we qua
subsidie kunnen krijgen voor de renovatie van het kasteel.
Jos Peeters (Fan van Hove): En die komt van welke instantie?
Anke Dehuisser (algemeen directeur): Dat is de subsidie van Vlaanderen
via onroerend erfgoed.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Dat is medegedeeld door de architecten.
Jos Peeters (Fan van Hove): Actie 32 over de Beekhoekstraat - rioleringsproject 2026. Er
staat daar 30.000 euro staan en 300.000 voor 2027. Maar het blijft er staan als project 2026.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Ik heb de fout ook opgemerkt, dat gaat rechtgezet worden
(bij de aanpassing meerjarenplan 2026).
Jos Peeters (Fan van Hove): Wat gaat er exact gebeuren in de Elzenstraat? Bij de heraanleg van de Vermeeschlaan zijn er een aantal acties genomen in functie van de beken, waar ook de Dennenlaan bij betrokken was. Wat is het nu exact?
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Dat is een extra bijdrage om het gat dicht te rijden in de
Elzenstraat. De beek wordt er opengelegd. Dat is erbij gekomen om juridisch-technische
redenen. Daar zijn beloftes gedaan in het verleden. Vermits de saneringspot tekort schoot, is
daar budget bijgekomen.
Jos Peeters (Fan van Hove): Actie 99 rond sociale verhuur: daar staat geen budget
tegenover. Hoe ga je dat versterken? Mijn suggestie, die uit andere gemeenten komt, is een
opstartsubsidie per woonheid te geven. Als je vanuit de private markt een wooneenheid
inbrengt, kan je een subsidie geven. Dat kan helpen om zaken in beweging te krijgen. Zeker
in het kader van de realisatie van het BSO is elke wooneenheid er eentje gewonnen. Soms
gaat het om 500 euro, soms om 1.000 euro.
Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!): Goede tip, Jos, ik zal het meenemen.
Jos Peeters (Fan van Hove): Bij het vergroenen van het Sint-Laureysplein: wat gaat er
gebeuren met de parkeerplaatsen?
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): We gaan geen parkeerplaatsen schrappen, wel herschikken. Aan de laadpalen verlies je veel plaats omdat de weg heel breed is, het kan beter ingericht worden.
Jos Peeters (Fan van Hove): De beleidsverklaring - dat is het bestuursakkoord - ik had verwacht dat het zou geactualiseerd zijn. Er is geen initiatief genomen om dat te updaten, dat is jammer.
Jos Peeters (Fan van Hove): Participatie is ondertussen al teruggeplooid naar grote
projecten, die 100 euro daar is al op geantwoord, maar dat is een flauw antwoord.
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): We hebben participatie gehad rond de Molenstraat, een
enquête rond de Donkey-fietsen (waar ze moeten komen), de plaats van de bancontact. Het bevragen van mensen kost geen geld en uitnodigen op het gemeentehuis kost ook niets.
Jos Peeters (Fan van Hove): Daar worden bedragen genoemd voor verkoop. Al die dingen
worden belast door wat men met deze dingen moet doen.
Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!): Dat is een virtueel cijfer dat we daar inzetten. Bij een volgende aanpassing zal de bouwgrond Weldadigheidsstraat wellicht verdwijnen.
Jos Peeters (Fan van Hove): De betonvloer aan de nieuwe werf. Moet dat zo? Aan de oude werf is er 900m² verhard beton nodig. Zijn er geen andere mogelijkheden?
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Dat klinkt contradictorisch, maar vorig jaar is er een nieuwe milieuwetgeving waardoor wij afval dat we ophalen gescheiden opslaan en dat mag niet in contact komen met de grond, ook niet als er water zou insijpelen. Er is een enorme verstrenging gekomen - dat is inderdaad contradictorisch. We moeten nog verder bekijken welke containers we extra nodig hebben en hoe deze ook snel kunnen weggehaald worden door de transporteur. Wij hebben een budgettaire inschatting gemaakt en elk jaar herzien we dat.
Jos Peeters (Fan van Hove): Bij actiepunt 28 tot 49, dat gaat allemaal over de staat van de straat. Het gaat veel over toplagen en bescheiden onthardingsprojecten, meestal gaat het over rijwegen. Voor sommigen gaat het over een voetpad of rijweg. U kan zeggen: wat er staat moet er geen rekening gehouden worden, met hoe het er staat. Op welke wijze is er dan gebudgetteerd en heeft dat budget nog wel een waarde? Er staat maar iets omdat we het nog niet zeker weten, dan komt dat nogal raar over.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Die cijfers zijn wel berekend door de technische dienst. In openbare werken zijn er in het verleden nooit zo veel straten aangepakt. Voor elke straat gaan we in overleg met de bewoners waarbij een plan wordt getekend. Sommige straten zijn ook gevraagd door bewoners. Er zijn wel noden en vragen.
Jos Peeters (Fan van Hove): Er zijn een aantal prioritaire zaken die aan bod gekomen zijn. Fietspad Lintsesteenweg kan niet gebeuren omwille van het rioleringsproject.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Dat zit ook in die pot van Aquafin voor de volgende legislatuur. De diensten hebben daar al dorpels verlaagd en andere ingrepen gedaan.
Jos Peeters (Fan van Hove): Men kan toch al iets doen vooraleer het binnen 10 jaar goed aangepakt wordt.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Die meters zijn uitgebroken en die liggen nu allemaal
plat, daar willen we ook tijd voor maken.
Jos Peeters (Fan van Hove): De waarde van de meerjarenplanning wordt minder als het er
niet staat.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Er is ook een regulier budget voor de wegen om te alle
tijde in te grijpen.
Jos Peeters (Fan van Hove): In de Rodenbachstraat hoop ik dat de voetpaden ook worden heraangelegd.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Ik kan het niet beloven.
Jos Peeters (Fan van Hove): Ik zou zeggen investeer eerst in de fietspaden en niet in de
toplaag. In de Kapelstraat is er geen nood aan vernieuwing - dat ziet er niet dramatisch uit.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Als je stopt aan het Groen Schooltje, dan moet u maar
eens kijken naar de staat van de toplaag. Dat is een beleidskeuze om dit een prioriteit te
vinden.
Jos Peeters (Fan van Hove): Daar zijn wij niet mee akkoord.
Jos Peeters (Fan van Hove): Waar gaat de hondenweide komen?
Bart Van Couwenberghe (N-VA): We laten voor kerst de honden nog los.
Jos Peeters (Fan van Hove): In het bewuste bestuursakkoord staat nog iets over een nieuw
recyclagepark.
Bart Van Couwenberghe (N-VA): Dat zijn we nog aan het bekijken met Igean. Qua
financiering zal dat een lening worden via Igean, maar eventueel kan dat ook doordat
gemeenten samen een recyclagepark aanleggen.
Jos Peeters (Fan van Hove): Het BSO - in de Kievietslaan dat telt nu niet mee. We dachten
dat jullie daarin mee waren.
Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!): Dat is in de tekst van het bestuursakkoord inderdaad niet aangepast.
Jos Peeters (Fan van Hove): Enkel aan de Lintsesteenweg komen er 2 appartementen bij.
Waar er nog moet bijkomen, dat is nog onduidelijk.
Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!): Dat is in de Thuisrand ook bekeken - de renovatie van
De Sterrenregen is prioritair.
Jos Peeters (Fan van Hove): We willen op een bepaald moment ook wel horen waar dat
zal zijn.
Jos Peeters (Fan van Hove): De kosten om DGAT te herlokaliseren in het
dienstencentrum en dat voor 250.000, dat is een hoge kost.
Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!): Dat zijn twee diensten die rond dezelfde thema's
werken. Je kan besparen op personeel als je diensten samen kan huisvesten.
Jos Peeters (Fan van Hove): Ik heb ooit de omgekeerde redenering geweten: dat dit bij OCMW-secretaris moest zitten voor de aansturing.
Jos Peeters (Fan van Hove): De Markgraaf: daar komen ondertussen zo veel zaken in.
Jos Peeters (Fan van Hove): Het is niet zo lang geleden dat de schepen bevestigde dat hij
ernstig met zijn job omgaat. Er ging ook contact opgenomen worden met het vrij onderwijs.
Lenn De Cleene (N-VA): Je kan pas onderhandelen met het vrij onderwijs indien je alle officiële pistes bewandeld hebt: GO!, provinciaal, eventueel lokaal als dat er is.
Jos Peeters (Fan van Hove): Ik heb ze nooit gelezen. Dat het met alle officiële kanalen moet gebeuren voor het met het vrij onderwijs kan gebeuren. Het kan zeker zijn dat men met een ander net contact opneemt.
Lenn De Cleene (N-VA): Ik volg het advies van de ambtenaren daarin. Dat kan u mij
Jos Peeters (Fan van Hove): Een schepen kan wel informeren voor een vraag gesteld
wordt.
Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove): We gaan naar een sterk afnemend budgettair resultaat, een nog net positieve AFM in 2031. Een toename van de financiële schuld van 181 in 2023 naar bijna 900 euro per inwoner op het einde van deze legislatuur. Met deze bezorgdheden kunnen wij het meerjarenplan niet goedkeuren.
Financiële samenvatting
Het meerjarenplan van het lokaal bestuur 2026-2031 wordt vastgesteld met volgende cijfers:
voor 2026
Beschikbaar budgettair resultaat | € 3.116.967 |
Autofinancieringsmarge | € 215.072 |
voor 2027
Beschikbaar budgettair resultaat | € 264.945 |
Autofinancieringsmarge | € 505.624 |
voor 2028
Beschikbaar budgettair resultaat | € 114.473 |
Autofinancieringsmarge | € 632.029 |
voor 2029
Beschikbaar budgettair resultaat | € 982.316 |
Autofinancieringsmarge | € 476.988 |
voor 2030
Beschikbaar budgettair resultaat | € 200.099 |
Autofinancieringsmarge | € 159.929 |
voor 2031
Beschikbaar budgettair resultaat | € 3.566 |
Autofinancieringsmarge | € 80.611 |
BESLUIT: Amendement 1 - indexering subsidies - verworpen
7 stemmen ja: Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove), Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt), Jos Peeters (Fan van Hove), Marie Misselyn (Hove Beweegt), Tyson Kouraichi (Hove Beweegt), Kaat Van Hecke (Hove Beweegt) en Anke Muylle (Hove Beweegt).
12 stemmen neen: Thierry Lens (Hove, natuurlijk!), Bart Van Couwenberghe (N-VA), Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!), Lenn De Cleene (N-VA), Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!), Gerda Lambrecht (N-VA), Veerle D'Haene (N-VA), Sandra Maes (N-VA), Michael Serrien (Hove, natuurlijk!), Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!), Nitish Chatterjee (Hove, natuurlijk!) en Tamara Lecoutre Troucheau (Hove, natuurlijk!).
Amendement 2 - schrapping vestigingspremies huisartsen en tandartsen - verworpen
7 stemmen ja: Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove), Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt), Jos Peeters (Fan van Hove), Marie Misselyn (Hove Beweegt), Tyson Kouraichi (Hove Beweegt), Kaat Van Hecke (Hove Beweegt) en Anke Muylle (Hove Beweegt).
12 stemmen neen: Thierry Lens (Hove, natuurlijk!), Bart Van Couwenberghe (N-VA), Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!), Lenn De Cleene (N-VA), Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!), Gerda Lambrecht (N-VA), Veerle D'Haene (N-VA), Sandra Maes (N-VA), Michael Serrien (Hove, natuurlijk!), Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!), Nitish Chatterjee (Hove, natuurlijk!) en Tamara Lecoutre Troucheau (Hove, natuurlijk!).
Amendement 3 - opname fietsveiligheid in meerjarenplan - verworpen
7 stemmen ja: Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove), Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt), Jos Peeters (Fan van Hove), Marie Misselyn (Hove Beweegt), Tyson Kouraichi (Hove Beweegt), Kaat Van Hecke (Hove Beweegt) en Anke Muylle (Hove Beweegt).
12 stemmen neen: Thierry Lens (Hove, natuurlijk!), Bart Van Couwenberghe (N-VA), Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!), Lenn De Cleene (N-VA), Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!), Gerda Lambrecht (N-VA), Veerle D'Haene (N-VA), Sandra Maes (N-VA), Michael Serrien (Hove, natuurlijk!), Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!), Nitish Chatterjee (Hove, natuurlijk!) en Tamara Lecoutre Troucheau (Hove, natuurlijk!).
Vaststelling meerjarenplan 2026-2031 - aangenomen
12 stemmen ja: Thierry Lens (Hove, natuurlijk!), Bart Van Couwenberghe (N-VA), Dave Van den Bergh (Hove, natuurlijk!), Lenn De Cleene (N-VA), Sofie Lemmens (Hove, natuurlijk!), Gerda Lambrecht (N-VA), Veerle D'Haene (N-VA), Sandra Maes (N-VA), Michael Serrien (Hove, natuurlijk!), Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!), Nitish Chatterjee (Hove, natuurlijk!) en Tamara Lecoutre Troucheau (Hove, natuurlijk!).
7 stemmen neen: Luc Vuylsteke de Laps (Fan van Hove), Diederik Vandendriessche (Hove Beweegt), Jos Peeters (Fan van Hove), Marie Misselyn (Hove Beweegt), Tyson Kouraichi (Hove Beweegt), Kaat Van Hecke (Hove Beweegt) en Anke Muylle (Hove Beweegt).
Artikel 1
De gemeenteraad beslist om volgende acties als prioritair op te nemen in de
strategische nota:
AC000004 We renoveren de site van het gemeentehuis met aandacht voor toegankelijkheid en klantgerichtheid van het gemeentehuis, de gemeentelijke diensten en het bestuur door de loketomgeving te optimaliseren, duidelijke aanspreekpunten te voorzien en extra aandacht te besteden aan privacy en comfort. We nemen hierin ook de buitenaanleg van de site op met heraanleg van groen infrastructuur en een verbeterd ecologisch waterbeheer
AC000032 We voeren een rioleringsproject uit in de Beekhoekstraat in 2026
AC000037 We voeren een volledige heraanleg uit en vergroenen en ontharden de Molenstraat in 2027
AC000043 We voeren een rioleringsproject uit in de Elzenstraat in 2028
AC000055 We optimaliseren de fietsostrade F1 (Kasteelstraat, Hoverheide en Verbindingsstraat) in 2026
AC000070 We versnellen de afwerking van het Gemeentelijk Beleidsplan Ruimte (GBR)
AC000073 We investeren in de opmaak en uitvoer van het Landinrichtingsproject (LIP) Antwerpse Zuidrand
AC000099 We zetten ons in om de sociale verhuring van private wooneenheden via Thuisrand te versterken
AC000113 We onderzoeken, na het kerntakendebat, of de voorziene financiële mogelijkheden toereikend zijn om een bouwproject voor het dienstencentrum te realiseren zodat het bestuur een beslissing kan nemen over het te realiseren project.
AC000118 We werken een integraal beleidsplan uit dat de samenwerking tussen onderwijs, kinderopvang, buitenschoolse activiteiten, jeugdbeleid, sportbeleid en cultureel beleid versterkt (BOA-beleid)
AC000120 We bouwen een nieuwe Markgraaf, maken van het Kerkplein een levendig dorpsplein en vergroenen het St.-Laureysplein
AC000210 We zetten het traject rond de toekomst van de Albrecht Rodenbachschool verder
Artikel 2
De gemeenteraad stelt het meerjarenplan 2026-2031, zoals in bijlage toegevoegd, vast.
Artikel 3
De gemeenteraad keurt het deel van het meerjarenplan 2026-2031 zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goed en stelt daarmee het meerjarenplan in zijn geheel definitief vast.
Zitting van 16 december 2025
Feiten en context
Elk gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap legt in de loop van het eerste jaar na de volledige vernieuwing van de gemeenteraden een evaluatieverslag voor aan de gemeenteraad over de uitvoering van de beheers- of samenwerkingsovereenkomst sinds de inwerkingtreding ervan. Dat verslag omvat ook een evaluatie van de verzelfstandiging, waarover de gemeenteraad zich binnen drie maanden uitspreekt.
De raad van bestuur van EVA JOC stelde op 19 november 2025 een evaluatieverslag vast.
De gemeenteraad dient hier kennis van de te nemen en dient binnen een termijn van 3 maanden een uitspraak te doen over de evaluatie van de verzelfstandiging.
In theorie kan de uitspraak over de verzelfstandiging leiden tot:
● Verderzetten van de huidige verzelfstandiging
● Omvormen naar andere verzelfstandiging
● Wederopname in de gemeente / in eigen beheer opnemen
● Uitbesteden van de verzelfstandiging
● Omvormen naar een intergemeentelijke samenwerking
● Stopzetten (= vrijwillige ontbinding door de AV)
Argumentatie
Debat
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Wat is de visie op lange termijn? In 2027 valt dat budget weg? En anderzijds ook, hoe zal dat ingekanteld worden in de normale subsidies? Ik veronderstel dat TJOK dan daar gebruik zal van kunnen maken?
Lenn De Cleene (N-VA): De visie van dit bestuur is dat de EVA-structuur iets is uit het verleden en dat dit geen structuur is die wij als lokaal bestuur dienen te herbevestigen. Resultaat is dat die lijn van 20.000 euro stopt omdat we nog de ambitie willen toen om met jullie, de raad van bestuur, een traject te lopen om uit de EVA-structuur te geraken en dus op hun eigen benen te kunnen staan en zich eigenlijk kunnen herwerken tot een jongerenvereniging zoals er nog bestaan.
Tyson Kouraichi (Hove Beweegt): Zal de ondersteuning vanuit de gemeente blijven? Misschien niet in dezelfde mate. Zal het JOC dan een huurder worden van het gebouw? Hoe wordt dat ingekanteld in het AGB en in dit project?
Lenn De Cleene (N-VA): Als dat stopgezet wordt, dan lijkt het mij logischer dat je gaat naar een gebruiksreglement en dat de vrijetijdsmedewerkers ter dienste staan van alle verenigingen, maar niet in dezelfde intensiteit als bij een EVA-structuur.
BESLUIT:
Enig artikel:
De gemeenteraad neemt kennis van het evaluatieverslag van het JOC.
Zitting van 16 december 2025
Feiten en context
Katty Huybrechts (Hove, natuurlijk!): De Boechoutse scholen hebben gevraagd om te mogen zwemmen in Den Bessem. Zal dit een impact hebben voor de particuliere zwemmers?
Lenn De Cleene (N-VA): Neen, het heeft geen impact op de particulieren, gezien er nog een aantal vrijstaande sloten waren binnen de schooluren zodat dit erin kon passen. De particulieren zijn verzekerd van hun eigen zwemmomenten.
BESLUIT:
Enig artikel
De gemeenteraad neemt kennis van de vraag over het zwembad en het gegeven antwoord.
Zitting van 16 december 2025
Feiten en context
Jos Peeters (Fan van Hove): Ik kom terug op de gemeenteraad van september - bij het oversteken wordt het van dubbel richting naar enkel richting, maar helaas zie ik niet dat er iets veranderd is.
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): Dat moet in samenspraak met Mortsel gebeuren. Volgende vrijdag wordt alles vastgelegd en maken we afspraken over aankoop signalisatie. Voorbij de Leliestraat, daar wordt een oversteek geplaatst. Voorbij de busstrook aan de kapper, daar wordt overgestoken richting Mortsel.
Anke Muylle (Hove Beweegt): Als je uit De Ster komt, is het ook gevaarlijk.
Thierry Lens (Hove, natuurlijk!): Dat wordt verlaagd.
BESLUIT:
Enig artikel
De gemeenteraad neemt kennis van de vraag over de Wouwstraat en het gegeven antwoord.
Zitting van 16 december 2025
Feiten en context
De raad van 30 juni is verplaatst naar 23 juni.
Op 4 januari is het nieuwjaarsdrink van 15u tot 17u in Bar Eduard. De bedoeling is van alternerend alle horecazaken te bezoeken.
De voorzitter wenst iedereen een prettig eindejaar en een zalig kerstfeest.
BESLUIT:
Enig artikel
De gemeenteraad neemt kennis van de mededelingen van de voorzitter
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.